150 vluchtelingen in EU mengen zich in migratiedebat

“Wij zijn mensen. Beschouw en behandel ons als mensen”. Hadish, Ahmed, Prisca, Suzanna en Tomas lanceerden gisteren (8 november) een website met getuigenissen van zichzelf en bijna 150 andere vluchtelingen in de EU. Met hun ervaringen, meningen en voorstellen willen ze deelnemen aan het debat over de manier waarop de EU-landen, ook België en Nederland, met vluchtelingen omgaan. De site hoort bij een tentoonstelling in de gebouwen van het Europees Economisch en Sociaal Comité in Brussel.
“Ik zou graag zien dat mensen beseffen dat wij niet gelukkig zijn zonder werk. Je schaamt je zo om te zeggen dat je vluchteling bent. Eerst denken mensen dat je misschien voor de Verenigde Naties werkt, en als ze het dan horen, voel je je zo geminimaliseerd, geridiculiseerd”, zegt Prisca (39), gevlucht uit Kameroen en intussen erkend politiek vluchteling in Oostenrijk.

De vraag naar een menselijker behandeling – door mensen op straat én door het beleid – komt steeds weer terug in de verhalen van Hadish, Ahmed, Prisca, Suzanna en Tomas, en de bijna 150 andere getuigenissen. Die werden verzameld door de Europese koepel van vluchtelingenorganisaties Council on Refugees and Exiles, “omdat je al te vaak alleen rijke witte mannen van rond de vijftig over vluchtelingenproblematiek hoort praten.”

Van ULB naar 27bis

Niemand eist expliciet dat gesloten centra afgeschaft moeten worden – dit is geen militante bijeenkomst van vlaggenzwaaiende mensen. Maar de boodschap is er niet minder duidelijk om.

“Ik ben geen crimineel, maar ze sloten me op. Ik had nooit gedacht dat me dat opnieuw kon overkomen. Niet in Europa, dat is democratischer dan mijn land van herkomst. Dacht ik.” Aan het woord is Hadish, die zijn geboorteland Eritrea ontvluchtte na een gevangenisstraf wegens zijn politieke overtuigingen. Hij woont nu in Malta, nog altijd niet erkend.

“Het principe van gesloten detentiecentra kan ik nog altijd niet begrijpen. Alsof je de prijs moet betalen voor je gebrek aan papieren”, zegt ook Tomas. Hij woonde als diplomatenzoon sinds zijn elfde in Brussel, had zich op zijn achttiende net ingeschreven voor studies informatica aan de ULB, toen zijn vader zonder zijn gezin vertrok en hij van de ene dag op de andere “illegaal” werd.

“Iedereen rond mij begon aan zijn leven, ik moest plots vechten voor het mijne”, zegt Tomas. Hij kwam terecht in het gesloten centrum 27bis en later in Merksplas omdat hij illegaal werkte voor 50 euro per nacht als barman en klusjesman in een Brusselse nachtclub.

Ook andere vluchtelingen stellen dat illegalen vaak uitgebuit worden – welke Belg werkt voor 50 euro van 10 uur ’s avonds tot 1 u ‘s middags de volgende dag? “Het is dan ook een mythe dat vluchtelingen het werk van de Belgen afpakken”, zegt Tomas.

“Bovendien hebben wij iets te bieden.” Tomas zelf wil ‘tonen dat hij bestaat’ via de kunst, hij bracht vorig jaar onder de artiestennaam ‘Ziggy’ in eigen beheer een CD uit. De titel is “Illegal Malgré Moi (illegaal ondanks mezelf).

Vertalen van Pools naar Pools

Er moet ook dringend betere informatie komen over de procedures, klinkt het. Ahmed vraagt zich luidop af hoe vluchtelingen erin slagen zich door de asielprocedure te worstelen. Hij kwam in 1986 naar Polen om te studeren, leerde de taal en kreeg een relatie. Maar toen verslechterde de politieke toestand in zijn thuisland Sudan en vroeg hij politiek asiel aan.

Tot zijn eigen verbijstering mocht hij niet rechtstreeks getuigen in zijn perfecte Pools, maar moest met een vertaler werken. Die vertaalde dus van Pools naar Pools. Eerst was het grappig. Maar toen bleek dat de vertaler belangrijke details wegliet, was het dat niet meer. Ahmeds aanvraag werd afgekeurd, en hij wist niet dat hij het recht had in beroep te gaan. Uiteindelijk, na een lang verhaal, deed hij dat toch en intussen is hij erkend. “Maar als ik het niet wist hoe de procedure werkte, na tien jaar normaal in Polen te hebben gewoond, hoe kunnen anderen het dan weten?”

Prisca uit Kameroen pleit ervoor dat politici de vluchtelingenproblematiek ruimer bekijken. “Veel Afrikaanse leiders hebben eigendommen in de EU, Mobutu bijvoorbeeld, die was rijker dan zijn land. De EU kan daar ingrijpen en verplichten dat ze in hun eigen land investeren.”

Geen mens

Na haar getuigenis en een interview onder twee ogen komt Prisca nog eens naar me toe. Er is iets dat ze nog eens wil benadrukken, hoewel ze het al heeft gezegd: “Ik heb zo veel goede Oostenrijkers leren kennen. Het is erg belangrijk dat je dat schrijft.”

Wie tussen deze groep mensen die niet op tafel slaan het allerminst op tafel slaat en zelfs geen zweem van een eis formuleert, is Suzanna. Zij is een Hongaarse uit voormalig Joegoslavië die met haar Kroatische man en hun kind in Hongarije tevergeefs asiel aanvroeg. Ze praat zacht en toch kan je in de zaal van het Europees Economisch en Sociaal Comité een speld horen vallen tijdens haar getuigenis.

“Je wordt niet als een gewoon persoon beschouwd - je bent een vluchteling”, zegt ze. “En na een tijd wordt het erg moeilijk zelf nog te geloven dat je evenwaardig bent aan andere mensen.”

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

randomness