België wil Congo laten profiteren van medische braindrain

Belgisch minister voor Ontwikkelingssamenwerking Armand de Decker is bereid uitwisselingen te financieren waarbij Congolese dokters en verplegers in België de kans krijgen hun ervaring gedurende enkele weken of maanden over te dragen op collega’s in de Democratische Republiek Congo. Dat zei hij woensdag in Brussel op een rondetafelconferentie met de kersverse Congolese overgangsminister voor Gezondheid dr. Zacharie Kashongwe.
De Decker zei dat de problemen in Congo te groot zijn om de uitgestoken hand van de Congolezen in de diaspora te negeren. Concreet wil De Dekker een inventaris opmaken van Congolees medisch talent in Belgische ziekenhuizen en universiteiten. Vervolgens moet alles in het werk worden gesteld om Congolese artsen en verplegers gedurende enkele weken of maanden in de DRC te laten gaan werken, met behoud van loon.

De Decker weigerde in te gaan op het voorstel om bij de rekrutering van Belgische coöperanten een vorm van positieve discriminatie voor Congolezen in te voeren.

De minister ziet wel wat in versterkte vriendschapsbanden (“jumelages”) tussen grote hospitalen in Congo en ziekenhuizen en universiteiten in België. De kwaliteit van de medische opleidingen in Congo verschilt nogal van instelling tot instelling en ook daar kan de inbreng van de diaspora soelaas bieden. Het hoeft daarbij niet altijd om een fysieke uitwisseling van personen te gaan. Een internet- of videoverbinding tussen ziekenhuizen laat een dokter in Congo ook in heel specifieke gevallen toe het advies in te winnen van een Belgische collega.

De algemene strekking van de conferentie was erg constructief. De aanwezige medische organisaties toonden zich geëngageerd, maar klaagden over een gebrek aan informatie. De Congolese minister Kashongwe gaf aan blij te zijn met elke hulp die hij kon krijgen. De internationale Organisatie voor Migratie, tevens de organisator van het debat, bood op haar beurt aan het geheel te coördineren.

Hulp meer dan welkom

Na jaren van oorlog en economische stilstand is de gezondheidssector in Congo een puinhoop. 245 op 1000 kinderen halen hun vijfde levensjaar niet en de gemiddelde levensverwachting ligt onder 43 jaar. De Congolese gezondheidsminister dr. Zacharie Kashongwe, gaf aan dat hij prioriteit wilde geven aan de heropbouw van ziekenhuizen in de voormalige conflictzones, maar even dringend zijn de acties tegen epidemieën als cholera, malaria, tuberculose en de mazelen.

Gezien de noodtoestand is de inbreng van medische geschoolde Congolezen uit het buitenland meer dan welkom, zo gaf Kashwongwe aan. Vooral op het platteland is er een nijpend tekort aan medische expertise. De bestaande opleidingsprogramma’s zijn er meestal op gericht om specialisten uit de hoofdstad enkele weken op missie te sturen om jonge dokters op het platteland de knepen van het vak bij te brengen

Uitwisselingen bestaan nu al

Dr. Jim Ilunga, medisch directeur van de Brusselse ziekenhuisgroep Cliniques de l’Europe, organiseert nu al uitwisselingen. Daarbij komt een dokter uit Congo naar België om zich bij te scholen in een heel specifiek vakgebied, onder begeleiding van een “peter” (“parrain”). In een tweede fase reist de peter naar Congo om te kijken hoe de verworven kennis ter plaatse wordt toegepast. De organisatie Tshela, vertegenwoordigd door mevrouw Rachel Izizaw, coördineert opleidingen voor verplegend personeel van de hoofdstad Kinshasa.

Een vaak gehoorde klacht bij Congolese medische organisaties in de diaspora is een gebrek aan informatie, zowel over de noden in Congo als over de mogelijkheden binnen de officiële ontwikkelingssamenwerking. Om daar iets aan te doen nodigde minister De Dekker de vier vertegenwoordigers rond de tafel uit om hem te vergezellen op zijn volgende reis naar Kinshasa, voor een vergadering op het ministerie van gezondheid. Een suggestie die in Brussel en in Kinshasa op applaus werd onthaald.

Om de informatie-uitwisseling tussen lokale regeringen en hun landgenoten in de diaspora te coördineren heeft de Internationale Organisatie voor Migratie het MIDA-project opgezet (Migraties voor de Ontwikkeling in Afrika). De organisatie maakt een inventaris op een van duizendtal Congolese experts in de diaspora, en bracht in Congo de grootste noden aan personeel, expertise en medisch materiaal in kaart.

Het samenwerkingspotentieel is nog veel groter: in totaal wonen 100 miljoen Afrikanen buiten hun continent van origine. “In geen geval is het er ons om te doen een massale terugkeer te organiseren”, zo benadrukte Ndioro Ndiaye, adjunct-directeur-generaal van de IOM. Omdat Afrikanen in de diaspora met een voet in twee culturen staan, zijn ze volgens de IOM bij uitstek geschikt om de kennis die ze hebben opgedaan in het Noorden over te dragen op collega’s in het Zuiden.

Het debat in Brussel kaderde in het initiatief “de 24 uur van de Diaspora” De IOM wil met deze reeks conferenties in de hele wereld een dialoog op gang brengen tussen de Afrikaanse diaspora en de regeringen van hun land van oorsprong en hun nieuwe thuisland. In Brussel lijkt dat opzet alvast geslaagd. IPS MDG6 (MC/ADR)

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift