China weegt op debat over goed bestuur in Afrika

China investeert in Afrika zonder al te moeilijk te doen over mensenrechten, en dat maakt Afrikaanse politici assertiever in hun houding tegenover geldschieters in de Europese Unie. Dat bleek uit een debat in het kader van de Europese Ontwikkelingsdagen op de Heizel. Vijf Afrikaanse ex-presidenten plaatsten kritische kanttekeningen bij de Europese nadruk op goed bestuur als voorwaarde voor internationale samenwerking.
Het was Karl Auguste Offmann, de voormalige president van Mauritius, die de kat de bel aanbond met de opmerking dat Europa niet alle landen met mensenrechtenproblemen gelijk behandelt. “China is geen rechtstaat, maar toch doen jullie zaken met dat land, goede zaken zelfs. Een Afrikaans land dat niet aan de Europese democratische criteria beantwoordt, riskeert financiële strafmaatregelen”, zei Offmann. Volgens de ex-president heeft het democratiseringsproces tijd nodig:“Jullie verwachten van ons dat we gaan rennen, terwijl we nog maar net kunnen stappen”.

De ex-president van Benin, Nicéphore D. Soglo, haalde een conversatie met een Chinese adviseur aan. “De Wereldbank en het IMF leggen ons een geforceerde mars naar de markteconomie op. De Chinese traditie daarentegen leert dat wanneer je een rivier oversteekt, je zeker moet zijn dat de steen waar je op staat stabiel is voor je een volgende stap zet. Zelfs wanneer China niet alle mensenrechten respecteert, zullen de Chinezen door hun economische ontwikkeling de sociale en politieke problemen oplossen”.

China’s agenda in Afrika verschilt fundamenteel van de Europese, repliceerde de Belgische diplomaat Alain Rens. “China handelt unilateraal en is vooral geïnteresseerd in grondstoffen, omdat ze die dringend nodig hebben. Europa daarentegen ziet zijn lot op langere termijn met dat van Afrika verbonden en vindt het belangrijk dat de twee continenten dezelfde weg bewandelen”. Rens betreurde overigens dat de Europese investeringen in infrastructuur de economische penetratie van China in Afrika ten goede komen.

Europa heeft nog een andere reden om te blijven hameren op goed bestuur, stelde de voormalige Franse minister van Buitenlandse Zaken Charles Josselin. “De mensen die onze ontwikkelingsinspanningen betalen, onze belastingbetalers, moeten vaak met heel bescheiden middelen rondkomen. Ze vragen zich af of de rijke mensen in ontwikkelingslanden ook hun deel bijdragen”.

De internationale gemeenschap heeft de neiging om te investeren in democratische verkiezingen, maar vervolgens de consolidatiefase te verwaarlozen, meende Pierre Buyoya, ex-president van het door burgeroorlogen geteisterde Burundi. “Om een rechtstaat op te bouwen, heb je eerst een staat nodig. Hoe moet dat in zijn werk gaan in een land waar de politieman en de soldaat niet worden betaald? Zes maanden na de verkiezingen worden onze ambtenaren ontboden bij de Wereldbank of het IMF, met de vraag de schulden af te lossen en het overheidsapparaat af te slanken”.

Ook Abdou Diouf, secretaris-generaal van de Internationale Organisatie van de Francofonie, benadrukte het belang van een duurzaam engagement in democratische instellingen: “Vrede en democratie hebben geen prijs, maar ze hebben wel een kostprijs, die gedragen moet worden door de internationale gemeenschap”.

Het debat werd afgerond door ex-president Offmann van Mauritius, die een ander, meer “Chinees” perspectief meegaf aan de Europees-Afrikaanse samenwerking. “We bieden jullie economische samenwerking aan. Het is tijd dat jullie Afrika gaan zien als zakenpartner, een plaats waar je kan investeren zonder noodzakelijk geld te verliezen”. IPS MDG8 (MC/PD)

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift