IAO wil einde maken aan economische ineenstorting Palestina

Juan Somavía, de directeur van de Internationale
Arbeidsorganisatie, wil dat de mening van arbeiders in Palestina en Israël
gaat meetellen bij het zoeken naar een oplossing van het conflict in de
bezette Gebieden. De internationale gemeenschap moet volgens hem ook meer
ondernemen om de sociaal-economische ineenstorting van de Palestijnse
gebieden stop te zetten.


De IAO vindt dat Palestijnse werknemers dringend weer aan de slag moeten
kunnen in Israël; daarvoor moet er ook een einde komen aan de stillegging
van het pendelverkeer tussen de Palestijnse gebieden en Israël. Dat staat in
een rapport dat zal worden voorgelegd aan de Internationale
Arbeidsconferentie die van 3 tot 20 juni plaatsvindt in Genève. De IAO gaat
ervan uit dat het geld dat de pendelaars naar huis zullen brengen de nood in
de Palestijnse gebieden minder prangend zal maken én de gespreksbereidheid
er weer zal doen toenemen.

De IAO ziet ook een directe rol weggelegd voor de werknemers bij het
beëindigen van het conflict tussen Israël en de Palestijnen. Elke oplossing
van het conflict moet gebaseerd zijn op dialoog waarin ook de stem van de
arbeiders in de bezette Arabische gebieden en hun gezinnen naar behoren kan
weerklinken. Maar tegelijk moeten ook de arbeiders in Israël hun mening
kwijt kunnen. Niemand kan tevreden zijn met de huidige situatie of met een
verdere escalatie van het conflict, aldus Somávia.

De IAO roept de internationale gemeenschap op noodmaatregelen te
ondersteunen om in de Bezette Gebieden nieuwe banen te scheppen en om een
sociale dialoog tussen Israëli’s en Palestijnen op gang te brengen. Dat is
in het voordeel van beide partijen, want de huidige confrontaties hebben
ook een erg negatieve impact op de Israëlische economie.

Een IAO-delegatie die in april Israël en de Palestijnse gebieden bezocht,
stelt dat het Palestijnse bruto binnenlands product (bbp) in 2001 met 12
procent en het de bruto nationaal inkomen met 18,7 procent zijn gezakt. De
loonontvangsten van de Palestijnse grensarbeiders zijn in 2001 met 46
procent achteruitgegaan in vergelijking met 2000. De Palestijnse Autoriteit
moest het met 70 procent minder stellen. De bezetting en de militaire acties
van het Israëlische leger hebben veel schade aangericht aan de
infrastructuur en aan akkers. De armoede neemt snel toe in de Bezette
Gebieden. In 1999 had 22 procent van de Palestijnse bevolking minder dan 2,2
euro per dag te besteden, in 2000 steeg dat aandeel tot 33 procent, vorig
jaar was dat al 46 procent en dit jaar kan het cijfer doorschieten naar 62
procent.

Ook Israël bloedt: het Israëlische bbp zakte in 2001 met 0,5 procent, nadat
het in 2000 met 6,4 procent was toegenomen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift