IJsland leert ontwikkelingslanden naar aardwarmte boren

Honderden ingenieurs uit tropische landen lopen warm voor IJsland. Ze worden er vertrouwd gemaakt met de modernste technieken om energie uit de ondergrond te halen. Het land van de geisers is lang niet de enige plaats waar het antwoord op de broeikasproblematiek meteen onder de voeten van de bewoners zit.
IJsland haalt 72 procent van zijn energie uit hernieuwbare bronnen. Het land heeft waterkrachtcentrales maar profiteert vooral van de hitte van de aardkorst. Grote pompstations stuwen water door lange boorgaten in hete rotsen net onder de aardoppervlakte. Het opgewarmde water wordt naar huizen en andere gebouwen gestuurd. 85 procent van de woningen op IJsland wordt verwarmd met die energie. Een ander deel van de hitte uit de ondergrond wordt via turbines omgezet in stroom.
IJsland deelt die technologie ook met de rest van de wereld. Sinds 1979 biedt de Orkustofnun, de IJslandse Energieautoriteit, een internationaal opleidingsprogramma rond geothermie aan. Het ministerie van Buitenlandse Zaken en de VN financieren de waaier van gespecialiseerde cursussen en de stages die eraan gekoppeld zijn. De opleiding duurt een half jaar. Toegelaten worden alleen ingenieurs en wetenschappers die vast verbonden zijn aan energiebedrijven of onderzoeksinstellingen en al minstens een jaar ervaring hebben met toepassingen rond aardwarmte.
Tot dusver hebben 350 studenten uit 39 landen de opleiding afgemaakt. Met 64 deelnemers toonde China de grootste belangstelling. In absolute cijfers gebruikt China meer aardwarmte dan welk ander land ook. Eind vorig jaar had China 3.200 gebieden in kaart gebracht waar op een rendabele manier warmte uit de ondergrond kan worden gewonnen. Bedrijven uit IJsland hebben samen met het Chinese Shaanxi Green Energy in het district Xian Yang een geothermisch verwarmingssysteem opgezet dat kan uitgroeien tot de grootste installatie van die soort in de wereld.
Ook andere landen tappen al volop de energie uit de aardkorst aan. In Kenia, de Filipijnen, Ethiopië en El Salvador, allemaal landen die al meer dan 20 ingenieurs naar IJsland stuurden, dekt aardwarmte 10 tot 22 procent van de totale energiebehoefte.
“De meeste studenten hebben na hun terugkeer een belangrijke inbreng in de verdere ontwikkeling van de technologie in hun land”, zegt Ingvar Fridleifsson, de directeur van de opleiding. Sinds 1999 kunnen studenten ook doorstromen naar een voortgezette opleiding in geothermische wetenschappen of een doorgedreven ingenieursopleiding in die richting, die worden aangeboden in samenwerking met de Universiteit van IJsland. Steeds meer studenten schrijven zich daarvoor in.
De Iraanse burgerlijke ingenieur Saeid Nasrabadi is verbonden aan de geothermische installatie van Sabalan in Noord-Iran. Hij kwam naar IJsland in 2004 voor de korte opleiding en heeft zich nu ingeschreven voor de voortgezette opleiding. Volgens hem begint Iran nog maar net zijn geothermisch potentieel aan te boren.
De IJslandse docenten hebben verder ook al korte cursussen aangeboden in Afrika en Latijns-Amerika. Volgens jaar gaan er op IJsland twee internationale instellingen voor hoger onderwijs van start die zich toeleggen op hernieuwbare energie. De School for Renewable Energy Sciences (RES) wil een opleiding van 11 maanden op universitair niveau aanbieden die vooral gericht is op studenten uit Rusland, Centraal- en Oost-Europa. De Reykjavik Energy Graduate School of Sustainable Systems zal plaats bieden aan studenten die een master of een doctortitel willen behalen, maar zal ook kortere opleidingen organiseren over technologische en commerciële aspecten van hernieuwbare energie.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift