Steeds meer honger in Afrika

In de meeste Afrikaanse landen en vooral in
Afrika bezuiden de Sahara wordt nu meer honger geleden dan tien jaar
geleden. Ook in landen als Afghanistan, Bangladesh, India, Irak,
Noord-Korea en Venezuela lopen nu meer mensen ondervoed rond dan in 1990.
Maar in de internationale statistieken gaan die drama’s schuil achter de
goede resultaten die China kan voorleggen: daar raakten in de jaren 90 de
rijstschalen van maar liefst 76 miljoen burgers voor het eerst goed gevuld.
Binnen twee weken komen vertegenwoordigers van 180 landen in Rome samen om
maatregelen uit te werken die de voedselveiligheid in heel de wereld kunnen
doen toenemen.


Op de Wereldvoedseltop die in 1996 in Rome plaatsvond, sprak de
internationale gemeenschap af de honger in de wereld tegen 2015 te
halveren van de ongeveer 800 miljoen hongerlijders die toen werden geteld,
zouden er in 20 jaar tijd 400 miljoen uit de gevarenzone moeten zijn. De
VN-organisatie voor Voedsel en Landbouw (FAO) waarschuwt al enkele jaren
dat die doelstelling aan het huidige tempo nooit zal gehaald worden.
Tegenwoordig daalt het aantal ondervoede wereldburgers maar met ongeveer
zes miljoen per jaar. Bij nader toezien blijkt de voedselsituatie bovendien
in bijna de helft van de ontwikkelingslanden te verslechteren. Een hele
uitdaging voor de diplomaten en experts uit alle landen van de wereld die
van 10 tot 13 juni in Rome nagaan wat er van de voornemens uit 1996 terecht
is gekomen en welke nieuwe maatregelen zich opdringen.

Volgens de statistieken van de FAO werden er in de jaren 90 116 miljoen
mensen uit een toestand van ondervoeding gehaald. China nam er daarvan op
z’n eentje 76 miljoen voor z’n rekening een gevolg van de combinatie van
een pijlsnelle economische groei en forse investeringen in het platteland
en in de landbouwsector. “Als je China buiten beschouwing laat, zijn er in
de wereld in de jaren 90 nog 40 miljoen mensen bijgekomen die honger lijden
of acuut gevaar lopen binnenkort niet meer voldoende te eten te hebben,”
zegt Per Pinstrup-Andersen, algemeen directeur van het Amerikaanse Food
Policy Research Institute. In ongeveer één derde van de overige
ontwikkelingslanden is de honger tussen 1990 en 2000 ook afgenomen - dat
was onder meer het geval in Brazilië, Indonesië, Ghana, Nigeria, Peru,
Thailand en Vietnam maar in bijna de helft van de arme landen is het
aantal hongerlijders gestegen.

Experts als Pinstrupp-Andersen of Jacques Diouf, de directeur-generaal van
de FAO, wijten de verslechtering van de voedselsituatie in veel arme landen
aan een gebrek aan politieke wil om genoeg te investeren in het platteland.
Daar leeft 70 procent van de mensen die chronisch ondervoed zijn. Er zou
meer geld moeten gaan naar landbouwkundig onderzoek waar kleine boeren iets
aan hebben, naar infrastructuurwerken die landbouwers uit afgelegen streken
in staat stellen hun levensmiddelen naar de markt te brengen en naar
onderwijs en gezondheidszorg waardoor arme bevolkingsgroepen meer kansen
krijgen in het leven, stelt Pinstrupp-Andersen.

Volgens Peter Rosset, de codirecteur van het Amerikaanse Instituut voor
Voedsel en Ontwikkelingspolitiek, maken veel regeringen in
ontwikkelingslanden ook geen werk van landhervormingen, al is de toegang
tot voldoende akkergrond voor de arme plattelandsbevolking een van de
sleutels om zich te bevrijden uit de vicieuze cirkel van honger, armoede en
onderontwikkeling. Ook de excessieve bevordering van de exportlandbouw en
het schrappen van kredietprogramma’s, subsidies en invoerbeperkingen die
plaatselijke landbouwproducten interessanter maken voor de lokale
bevolking, heeft in veel arme landen de kleinschalige landbouw in de
problemen gebracht.

Dergelijke nefaste beleidsmaatregelen worden aangemoedigd door de
internationale donorgemeenschap. De rijke landen besteden ook steeds minder
van hun schaarse ontwikkelingshulp aan plattelandsontwikkeling en
initiatieven in de landbouw. Tussen 1990 en 1999 is de hulp die de
lidstaten van de Organisatie voor Economische Samenwerking en Ontwikkeling
(OESO) uittrekken voor landbouwontwikkeling in arme landen met 49 procent
teruggevallen.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2751   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift