Stuur me een dalekoumnozitelj, ik ben Kroaat

Wanneer Kroatië, Servië en Bosnië-Herzegovina lid worden van de Europese Unie, zouden ze gemakkelijkheidshalve alle vertalingen in dezelfde taal, het Servo-Kroatisch, kunnen krijgen. Dat is echter niet naar de zin van Kroatische taalkundigen, die allerlei linguïstische spitsvondigheden uit hun hoed toveren om te bewijzen dat Kroatisch niet hetzelfde is als Servisch of Bosnisch.
Zestien miljoen voormalige Joegoslaven in de westelijke Balkan spreken Servo-Kroatisch. Sprekers van verschillende dialecten kunnen elkaar met een beetje goede wil gemakkelijk verstaan. De varianten verschillen bovendien per regio en niet per etnische groep. Kroaten die in Servië wonen spreken net hetzelfde als hun Servische buren. Op basis van hun dialect kun je Kroaten, Serviërs en Bosniërs moeilijk uit elkaar houden.
Het Europese parlementslid Charles Tannock stelt voor binnen de Unie eenzelfde Servo-Kroatisch te gebruiken wanneer de drie lidstaten ooit lid worden van de Unie. “Ik hoop dat jullie ons niet gaan opzadelen met kosten voor aparte vertalingen in het Servisch, het Kroatisch en het Bosnisch”, zei Tannock op een recente discussie in het parlement, waarbij ook vertegenwoordigers van de drie voormalige Joegoslavische republieken aanwezig waren.
De Europese Unie goochelt momenteel al met 23 talen van 27 lidstaten. De kosten voor tolken en vertalingen bedragen 800 miljoen euro op een budget van 100 miljard.
Een Servo-Kroatische eenheidstaal is misschien wel praktisch, maar de Kroaten voelen zich ermee gekrenkt in hun nationale trots. Krantencommentatoren noemen het voorstel een “teken van gebrek aan respect en goede wil” tegenover 4,5 miljoen Kroaten.
Intussen halen Kroatische taalkundigen de linguïstische trukendoos boven om het Kroatisch minder te laten lijken op Servisch en Bosnisch. Ze introduceren neologismen en purismen als ‘dalekoumnozitelj’, letterlijk ‘langeafstandskopieermachine’ voor het toestel dat tot voor kort gewoon ‘fax’ heette. Helikopters heten voortaan ‘zrakomlat’ (luchtkloppers), een telefoontoestel wordt een ‘brzoglas’ (snelstem) en een haan een ‘zoroklik’ (ochtendschreeuw). Het gewone Kroatische woord voor haan, pijevac, leek immers verdacht veel op het Servische ‘pevac’.
In het computerjargons moeten de internationale Engelse woorden er systematisch aan geloven. Een hard disk heet voortaan ‘cvrsnik’ (hard ding) en een computermuis een ‘nastolno klizalo’ (ding dat glijdt op het bureau).
Niet alle nieuwvormingen zijn zo onschuldig. De nieuwe namen voor graden in het leger zijn rechtstreeks overgenomen uit de tijd van het Ustasja-regime, het Kroatische militaire bewind dat tijdens de Tweede Wereldoorlog collaboreerde met de nazi’s. Officieren heten voortaan ‘casniks’ in de plaats van ‘oficiri’, een kapitein is een ‘satnik’ in plaats van een ‘kapetan’ en een majoor een ‘bojnik’ in plaats van ‘mayor’.
“Het uiteenvallen van het Servo-Kroatisch en de ontwikkeling van aparte talen viel te verwachten”, zegt linguïste Nikola Tanasic uit de Servische hoofdstad Belgrado. “Maar je kunt de veranderingen niet zomaar opleggen. De mensen verstaan elkaar en dat zal zo nog vele jaren blijven.”
Ook de Serviërs zijn erop gebrand hun taal te zuiveren van “vreemde smetten”, woorden die te zeer Bosnisch of Kroatisch klinken. Dat blijkt moeilijker dan gedacht. Sommige woorden met een niet-Servische oorsprong zijn te zeer ingeburgerd om zomaar te verdwijnen: carape (sokken), papuce (pantoffels), secer (suiker), duvan (tabak), pamuk (katoen), sapun (zeep), bakar (koper), bubrezi (nieren), cekic (hamer), cizme (schoenen) en rakija (brandewijn) zijn maar enkele voorbeelden.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift