‘Wij hebben Tayyip Erdogan mee gecreëerd, wij hebben hem de macht geschonken’

Turkse schrijfster Asli Erdogan: ‘Ik moet iets vernield hebben in het mechanisme van het systeem’

© Asli Erdogan

Voor wie dacht dat het opheffen van de noodtoestand in augustus 2018 het vrije woord in Turkije opnieuw meer ruimte zou geven: u heeft het mis. Te veel begrip voor de Koerdische kwestie en te weinig voor de president blijven nog steeds niet onbestraft in Turkije. Een journaliste begon een paar weken geleden aan haar celstraf van anderhalf jaar en drie journalisten moesten einde januari naar de rechtbank omdat ze deelnamen aan een solidariteitscampagne met de intussen verboden Koerdische krant Özgür Gündem. Ook romanschrijfster Asli Erdogan kreeg haar deel omdat ze te dicht stond bij Özgür Gündem.

***

Wie is Asli Erdogan?
 * geboren in 1967, Istanboel
 * vindt zelfreflectie een mogelijke oplossing voor onzin
 * brak in 1998 internationaal door met haar derde roman De stad in de karmozijnen mantel (vrij vertaald)
 * vindt het jammer dat haar romans nog niet in het Nederlands werden vertaald
 * gelooft in de onmogelijkheid van het schrijven
 * schreef columns over al wie en alles wat buiten het Turkse mainstream denken viel
 * zat meer dan vier maanden in de Turkse cel wegens adviesverstrekking aan Koerdische krant
Het was een maand en een dag na de couppoging in Turkije toen de Turkse romanschrijfster Asli Erdogan werd gearresteerd. 136 dagen zat ze in voorarrest. De aanklacht: haar lidmaatschap van de adviesraad van Özgür Gündem, een Koerdische — volgens Turkije ‘terroristische’ krant — waarvoor ze geregeld columns had geschreven.

‘Ik zat al vijf jaar in die adviesraad maar plots vond iemand dat ik een leider van de PKK moest zijn’, zegt Asli Erdogan droog via de telefoonlijn Frankfurt-Brussel. Na een wereldwijde mensenrechtencampagne werd Erdogan in december 2016 vrijgelaten. Vandaag woont ze in Duitsland, een banneling, ver weg van haar geliefde Bosporus en geboortestad Istanboel.

Tot nu heeft Erdogan geen redelijk antwoord gevonden op het waarom van haar arrest. ‘Het blijft een hersenbreker’, zegt Erdogan. ‘Ik ben geen journaliste maar een existentiële romanschrijfster. Ik ben geen sterke politieke stem, maar een modernist die heel metaforisch en poëtisch schrijft. Waarom ik in de cel ben beland, is dus een vraag die, niet alleen mezelf, maar iedereen voor een raadsel plaatst. Ik moet iets vernield hebben in het mechanisme van het systeem.’

Uitgever vs eigen auteur

Op dit moment loopt nog een merkwaardige rechtszaak tegen Erdogan, geen staatszaak maar een aanklacht van haar uitgever tegen haar persoon. ‘De rechtszaak is te idioot voor woorden’, zucht ze. Die idiotie neemt echter niet weg dat ze zich elk moment aan een arrestatiebevel kan verwachten. Het vreet haar toch al zwaar op de proef gestelde zenuwen opnieuw aan. ‘Dit is letterlijk de eerste keer in honderd jaar Turkse geschiedenis dat een uitgever een criminele rechtszaak aanspant tegen een schrijver. Dit kan enkel in Turkije gebeuren, simpelweg omdat ik één van mijn boeken bij een andere uitgever heb laten uitgeven. Ik zou hem hebben bestolen.’

Het zegt veel, zo niet alles, over de huidige machtsverhoudingen in Turkije. Onafhankelijke rechtspraak in Turkije is een dubbeltje op zijn kant. ‘Eerlijk, ik denk dat weinig Europeanen snappen waarover dit gaat. Dit verhaal is zo typisch Midden-Oosters. Het staat enerzijds niet los van mijn literatuur en mijn linkse profiel, anderzijds draait het om haat, jaloezie, respectloosheid jegens de schrijver en respectloosheid jegens de vrouw. Dit zou nooit kunnen gebeuren in Frankrijk.’

Columns als bergen

Asli Erdogan begon als literair columniste in 1998, het jaar waarin ze internationaal ook doorbrak met haar derde roman. Door haar en twee andere jonge vrouwelijke auteurs uit de literaire wereld als columnisten binnen te halen, verbrak de Turkse intellectuele krant Radikal een traditie. ‘Ik was geen academicus, econoom, journalist of politiek schrijver. Ik voldeed niet aan het gangbare profiel van de Turkse columnist: mannelijk, van middelbare leeftijd, academicus of journalist met minstens dertig jaar ervaring.’

© Asli Erdogan

Vermits opinies en politieke commentaren haar ding niet waren — ‘het neigt zo snel naar paternalisme’ — begon Erdogan verhalen te schrijven over ‘De Anderen’. Steeds meer werden het getuigenissen over concentratiekampen, gevangenen, vrouwen, daklozen, armen, holebi’s, Afrikaanse migranten — over iedereen die geen plek kreeg in het Turkse elitaire denken.

Ze schopte al eens tegen schenen, is geen verhalenverteller van mooie structuren of wonderlijke historische gebeurtenissen, maar het bleef onschadelijk, zegt Erdogan. ‘Ik schreef niet eens zoveel columns, en bovendien ging ik in mijn columns lang niet zo diep als in mijn romans, waar de wonde en het slachtoffer, eenzaamheid, verlatenheid, marteling de essentie zijn. Eigenlijk zijn mijn columns maar kleine druppels binnen het geheel van mijn schrijven.’

‘Ik voldeed niet aan het gangbare profiel van de Turkse columnist: mannelijk, van middelbare leeftijd, academicus of journalist met minstens dertig jaar ervaring’

En toch, de columns die in Nederlandse vertaling gebundeld werden in het boek Zelfs de stilte is niet meer van mij, grijpen de lezer bij de keel — direct en hard, onverbloemd. De onderwerpen variëren: de nacht van 15 juli 2016, armoede en ongelijkheid, de belegeringen en geweld in Koerdische steden als Cizre, ballingschap, racisme, toegedekte staatszonden… In de krant stonden ze te lezen onder de titel “Jebelistan”, ‘een heel oud woord in Turkije, nauwelijks te vertalen. Het heeft een Perzische oorsprong en betekent “berg”, maar het wordt ook gebruikt als worsteling, strijd.’

De waarheid in romans

In één van haar columns schrijft Asli Erdogan over de enorme puinhopen van het collectieve Turkse geheugen, de ontkenning van de Armeense genocide.

‘Wat is de waarheid?’, schrijft ze. ‘Weten we werkelijk niet dat er onder het fundament van dit gebouw, waar we vanaf het balkon roepen, doden begraven liggen?’ Ze worstelt met het optekenen van de waarheid, een gevecht dat eigen is aan het schrijven zelf. Het is de paradox van de literatuur: de onmogelijkheid om gevoelens, de angst van een ander, de gruwelen naar realiteit neer te zetten. ‘Dat is ook een heel essentieel deel van mijn literatuur. De ‘ik’ is heel prominent aanwezig, omdat schrijven je verdeelt, in stukken splijt. De getuigenis die je opschrijft is altijd gelimiteerd omdat ze beperkt wordt tot je eigen visie. Je wil de honger van iemand beschrijven maar eindigt met het schrijven over je eigen honger. Dat maakt schrijven een onmogelijke uitdaging. Dat maakt het echter ook zo mooi en dat is, naast de zelfvernietiging, de kern van het schrijven.’

Literatuur heeft minder die “sense of urgency” dan de journalistiek, zegt Erdogan. Ze gelooft echter niet dat er een absolute scheiding is tussen de twee. ‘Je wil de lezer wakker maken. Ik geloof in de universaliteit van de menselijke soort, ik geloof dat mensen dingen delen. Die universaliteit kan je aanspreken via literatuur. Dat is een heel krachtig gegeven.’

‘Wat is de limiet en kracht van literatuur in een wereld die gekaapt is door grote economische machten en het kapitalisme die de politieke keuzes bepalen?’

In haar columns en boeken weigert Erdogan afstand te nemen van de vlammen en van de angst en pijn van de slachtoffers van een meedogenloos staatssysteem. En net dat, de pen die ze als camera hanteert, maakt haar schrijven zo indringend. ‘De pen is mijn enige instrument. Maar ik maak me geen illusies over wat je ermee kan doen. Ik geloof natuurlijk niet dat literatuur alles of zelfs maar één enkel dingetje kan veranderen. Wat is de limiet en kracht van literatuur in een wereld die in handen is van grote economische machten en het kapitalisme die de politieke keuzes bepalen, die alles in winst vertalen en omzetten? Wat kan literatuur doen? Het is een open en heel trieste vraag. Maar ik moet geloven in de kracht ervan. “Ik moet” vertaalt mijn twijfels al, maar nogmaals, de pen is mijn enige instrument.’

Dode letters

Wanneer een staatssysteem zich harder gaat opstellen, is de journalistiek het eerste slachtoffer. De journalistiek heeft immers de macht om de zwarte gaten van het systeem te registreren en bloot te leggen. ‘Wanneer het systeem zich vervolgens nog harder gaat opstellen, als fascisme intreedt, volstaat het niet meer om de journalisten het zwijgen op te leggen. Dan wil men het volle monopolie op de waarheid: dan zijn de schrijvers, musici, schilders, academici aan de beurt.’

Erdogan verwijst naar de anderen die afgestraft werden, harder en definitiever, zoals de Turks-Armeense journalist Hrant Dink. ‘Hij was een heel zachte, heel rustige man die de vrede en het recht verdedigde. En toch werd hij neergeschoten.’ En toch. En toch was het anders, de publieke verontwaardiging was enorm. Vandaag is die weggestopt in kieren en dode hoeken.

‘Het is cynisch, maar er wordt vandaag zelfs niet meer gediscrimineerd in wie wel en wie niet wordt opgepakt’

‘Het verschil is ook dat vandaag iedereen wordt aangepakt, zonder uitzondering. Het is cynisch, maar er wordt zelfs niet meer gediscrimineerd in wie wel en wie niet wordt opgepakt. Hoe valt uit te leggen dat Osman Kavala* werd opgepakt? Een zakenman? Waarom hij? Waarom ik? Waarom Ahmet Altan**? We hebben, buiten het gegeven dat Osman en ik bevriend waren, niets gemeen. Ik was nooit bevriend met Ahmet Altan. Maakt het deel uit van een strategisch plan? Of heeft het meer te maken met de willekeur van de macht? Ik denk dat het meer het tweede is.’

*Osman Kavala is een succesvol zakenman en oprichter van Anadolu Kültür, een ngo die via culturele uitwisselingen Turken, Armeniërs en Koerden samen wil brengen en zich inzet voor betere Europese-Turkse betrekkingen.

** De prominente Turkse schrijver Ahmet Altan werd in september 2016, samen met zijn broer Mehmet, gearresteerd voor sympathieën en banden met de Fethullah Gülenbeweging. Vorig jaar werd hij veroordeeld tot levenslange opsluiting. In december 2018 benoemde PEN Vlaanderen hem tot erelid.

De literatuur in Turkije is dood, zeggen de Turken. Schrijven in een land waar elk woord een verkeerde lading kan dragen, is een onmogelijke opdracht. ‘De Turkse lezers zijn ook te depressief om nog een boek over de werkelijkheid te lezen’, voegt Erdogan eraan toe. ‘De samenleving is verlamd. Door angst, gelatenheid en door die ene vraag waar dit alles vandaan komt. “Hoe is dat alles kunnen gebeuren?” Die vraag komt keer op keer op tafel.’

Wie is schuldig?

De antwoorden blijven uit. Erdogan weigert haar naamgenoot, de machtigste man van het land, als enige schuldige aan te duiden. ‘Ik doe niet aan veroordelingen. Tayyip Erdogan is een product van het systeem waarvan hij niet de oorzaak is. Het identiteitsdilemma in Turkije is even oud als de staat zelf en heeft geleid tot waar we vandaag staan. De voorbije dertig jaar hebben de breuklijnen tussen islam en verwestersing, tussen nationalisme en minderheden dieper gemaakt. Dat pleit Erdogan niet vrij van schulden en verantwoordelijkheid. Hij was het die absolute macht wou, hij wou de dictator worden die hij vandaag is. Maar wij zijn het die hem mee gecreëerd hebben, wij hebben hem de macht geschonken.’

Of het nog te redden valt, vraag ik haar. Ze heeft geen recept, wel een idee. Het heet zelfreflectie. ‘Je zou nooit mogen berusten, nooit van jezelf mogen aannemen dat je vrij van zonden bent. Dat je geen fascist of geen racist bent. Je zou alles elke dag opnieuw in vraag moeten stellen. Ik ben een feministe maar behandel ik vrouwen dan echt gelijk aan mannen? Of ga ik anders met hen om? Ik probeer dat soort zelfbevraging dagelijks te doen, en soms vind ik de man in mij of de fascist in mij. Dat is behoorlijk zwaar om te aanvaarden van jezelf maar het is tenminste de waarheid. Als je die confrontatie niet kan aangaan, is al het andere een leugen.’

‘Mijn thuisland: een kop thee en mijn dode kat’

Wat de relatie is met haar moederland, vindt ze een vraag die droevig maakt. Ze heeft geen thuisland, had nooit het gevoel dat ze Turkije in haar bloed voelde stromen, of dat ze er per se thuishoorde. ‘We zijn immigranten van de Balkan en het Kaukasusgebergte. Toch zijn mijn ouders Turkser dan ik, geboren en opgegroeid in Istanboel.’

‘Je moet het verhaal vertellen, het is de enige manier om je eigen vrijheid te herwinnen. Schrijf of word gek’

Ondanks dat mist ze haar stad, verlangt ze naar het woelige karakter van de stad aan de Bosporus, waar ze veertig jaar van haar leven doorbracht. ‘Maar Istanboel is niet van mij. Miljoenen mensen zijn in de voorbije tweeduizend jaar in de stad voorbijgekomen. Ik ben gewoon één van hen.’

‘Mijn thuisland is een kop thee, een paar vrienden, mijn dode kat die ik mijn dromen zie, de Bosporus, en mijn taal.’ Net dat laatste is wat haar droevig maakt: de taal die ze na anderhalf jaar in een andere taalcultuur al voelt wegvloeien.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Er wordt gezegd dat ze geluk heeft gehad, dat ze maar 4,5 maanden in de cel doorbracht, dat ze kon ontsnappen aan de loden Turkse lucht. Het klopt dat ze bijna stikte in Turkije, hoe ze haast wachtte tot de deur zou worden ingebeukt om haar opnieuw te komen halen. Ze is nog altijd overweldigd, heeft nog altijd angsten, weet niet goed hoe ze het doet: omgaan met ballingschap.

‘Ik ben niet de sterkste persoon die rondloopt op deze planeet, ben heel sensitief, werd als kind al in stukjes geblazen bij de kleinste opmerking. Ik kamp met angsten en trauma’s, en mijn gezondheid is vernield. Maar ik vertel mezelf dat ik op de een of andere manier geluk heb. En ik denk dat mijn uitgever in Duitsland het juist aanvoelde: je moet het verhaal vertellen, het is de enige manier om je eigen vrijheid te herwinnen. Ze heeft gelijk: schrijf of word gek. Die keuze heb ik.’

Van 28 tot 31 maart vindt in Brussel de zevende editie van het Passa Porta Festival plaats. Op 30 maart organiseert MO* een middagsessie over schrijven in ballingschap. Asli Erdogan (Turkije / Duitsland) is, samen met Russell Banks (VS) en Anthonythasan Jesuthasan (Sri Lanka / Frankrijk) te gast. Ook met de twee andere auteurs had MO* een gesprek, later te lezen op MO.be.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur