Programma's om plattelandsvlucht tegen te gaan, worden te weinig bottom-up georganiseerd

Jeugdige migratie ondermijnt de landbouw in Malawi

© Charles Mpaka

Migratie van de Malawische jeugd leidt tot een verlies van arbeid en productie op familieboerderijen. Dat wordt onvoldoende gecompenseerd door ingehuurde arbeidskrachten.

Boerenzonen en -dochters in Malawi en elders in Afrika trekken massaal naar de steden omdat ze een baan in de landbouw, zoals hun ouders, niet zien zitten. Verschillende programma’s proberen hen terug warm te maken voor een ‘winstgevende carrière als ondernemer in de landbouw’.

Frederick Yohane is een 24-jarige jongeman uit het district Chiradzulu in Zuid-Malawi. Elke ochtend werkt hij met zijn twee broers op het familieveld waar zij maïs en erwten verbouwen. Na de middag gaat hij aan de slag in een van de boerderijen in de buurt om er bij te klussen en zijn familie mee te helpen onderhouden.  

Twee keer per week fietst hij naar de markt om er kippen te verkopen. Zo ziet zijn leven er al uit sinds zijn zestiende, toen zijn vader een beroerte kreeg en verlamd geraakte aan de linkerkant van zijn lichaam.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws

Familielandbouw

Yohane verliet de middelbare school in 2014, maar zonder zijn eindexamens te halen. Zonder diploma volgt hij het pad van vele andere jongeren op het platteland: ze trekken massaal naar Blantyre, de commerciële hoofdstad van Malawi, om er werk te vinden als verkoper in een Aziatische winkel of als straatverkoper.

‘Via een vriend vond ik werk in een ijzerhandel, maar ik verdiende niet beter dan daarvoor dus keerde ik na twee maanden terug naar mijn dorp’, zegt hij. Ondertussen denkt hij er opnieuw over na om naar de stad te trekken voor werk en gewoon harder te werken om zo beter te verdienen. ‘Ik ben niet alleen het oudste kind, mijn vader kan door zijn verlamming niet langer werken. Mijn moeder is druk met de zorg voor hem, dus blijven enkel wij drieën over’, zegt hij.

Zoals vele families in Malawi rekent de familie van Yohane volledig op het gezin om de boerderij draaiende te houden.

De familie van Yohane is net zoals miljoenen andere families in Malawi: ze rekenen volledig op het gezin om de boerderij draaiende te houden. Gegevens van de Voedsel- en Landbouworganisatie van de Verenigde Naties (FAO) leren dat van de 17,5 miljoen mensen in het land 80 procent afhankelijk zijn van een baan in de landbouw. Van alle boeren zijn 75 procent kleinschalig en werkt het hele gezin mee.

Nochtans is er in Malawi, net als in de rest van Afrika, een hoge plattelandsvlucht. Met name de jongere generatie is op zoek naar een beter leven in de steden.

Als die jongeren wegtrekken, leidt die migratie ertoe dat de productiviteit in de familieboerderijen daalt. Dat wordt bevestigd door de cijfers uit een studie van 2018 in opdracht van het International Institute of Tropical Agriculture (IITA). Dat instituut wil met het programma Enhancing Capacity to Apply Research Evidence (CARE) gegevens in handen hebben om beleidsaanbevelingen te doen inzake landbouweconomie in Afrika en de kansen op tewerkstelling van jongeren in deze sector.

Minder productie

In de CARE-studie voor Malawi sprak onderzoeker Emmanuel Tolani gezinnen in twee districten: Zomba en Lilongwe. Beide districten staan bekend om hun hoge productie van maïs, het belangrijkste gewas in Malawi. 

De studie focuste op gezinnen met jongvolwassen kinderen die waren weggetrokken naar de steden, en vergeleek hun situatie met die van gezinnen waarvan de kinderen in het familiebedrijf waren gebleven. De resultaten werden gebundeld in een beleidsnota met de titel Youth on the Move: Welfare effects on originating households. Hieruit blijkt dat de boerderijen met migrerende kinderen, gemiddeld 1350 zakken minder maïs hebben geoogst.  ‘Dit kan het gevolg zijn van het feit dat de wegtrekkende kinderen niet werden vervangen door externe arbeidskrachten waarvoor de kinderen nochtans geld opstuurden’, stelt de nota.

Volgens Timilehin Osunde, de verantwoordelijke voor de communicatie bij het International Fund for Agricultural Development (IFAD) en het CARE-programma in Nigeria, is het gebrek aan een omgeving die leermogelijkheden en doorgedreven landbouwbusiness stimuleert een belangrijke reden waarom jongeren blijven wegtrekken naar de steden in Afrika.

Malawi is daar niet anders in, al is er de laatste jaren fors geïnvesteerd in programma’s om de sociale en economische achterstand van het platteland weg te werken, met de bedoeling om de plattelandsvlucht van jongeren in Malawi af te remmen. Maar migratie naar de stad nam niet af. De Nationale Planningscommissie van Malawi schrijft dit toe aan zogeheten ‘inconsistenties in de beleidsimplementatie onder politieke regimes.’

Carrière in de landbouw

Dit argument heeft een belangrijke positie in het algemene discours over ontwikkeling in Malawi, en heeft zelfs de oprichting van de Nationale Planningscommissie gemotiveerd. Het mandaat van deze commissie bestaat er sinds 2017 in om de continuïteit van het ontwikkelingsbeleid te waarborgen, over de verschillende politieke administraties heen.

‘De programma’s om plattelandsvlucht tegen te gaan zijn te weinig opgericht vanuit een bottom-upbenadering.’

Osunde ziet echter nog een andere reden voor het falen van verschillende rurale ontwikkelingsprogramma’s in Afrika: het feit dat ze werden opgesteld door beleidsmakers, zonder rekening te houden met input van de jeugd zelf. ‘Vaak werden dit soort programma’s geïmplementeerd vanuit een top-downaanpak in plaats van de bottom-upbenadering’, zegt Osunde.

Naast CARE heeft het IITA nog een handvol andere programma’s om Afrikaanse overheden te steunen bij het afremmen van de plattelandsvlucht van hun jeugdige bevolking. Zo is er het Start Them Early Programme (STEP) dat jongeren al vanop de basis- en middelbare school wil warm maken voor een carrière in de landbouwsector. Enable Youth is nog een ander project dat werkloze jongeren de kans wil geven om in te stappen in een leven als boer. 

IITA werkt ook aan een algemene verandering van de perceptie die bij veel Afrikaanse jongeren leeft over landbouw. De organisatie wil het imago van landbouw optrekken en aantonen dat het boerenbestaan wel kan leiden tot een boeiend en lucratief bestaan in Afrika. 

Agrarisch ondernemer

‘Nu de landbouw in Afrika grotendeels lijdt onder een negatieve perceptie als gevolg van de sleur, de povere financiële opbrengsten en het tekort aan basisinfrastructuur, is het jeugdprogramma van IITA vooral gericht op het veranderen van die perceptie onder Afrikaanse jongeren en het ophalen van middelen om hen te ondersteunen als ze willen starten als agrarisch ondernemer’, zegt Osunde. ‘Ook Malawi kan dit soort programma’s uitrollen om hun jongeren te stimuleren om te kiezen voor de landbouw.’

De directeur-generaal van de Nationale Planningscommissie, Thomas Munthali, zegt dat ze momenteel bezig zijn met het in kaart brengen van potentiële investeringszones en financierbare investeringsprojecten die mee kunnen leiden tot het terugdringen van de jeugdige migratie. ‘Het idee is om stedelijke omgevingen te creëren in dergelijke zones op basis van de beschikbare landbouwgrond, de mogelijkheden tot mijnbouw en het toeristische potentieel. Deze sites worden industriële hubs die net als steden duurzame, fatsoenlijke banen en sociaaleconomische voordelen kunnen bieden’, zegt Munthali.

Terwijl veel plattelandsjongeren in Malawi op dergelijke programma’s wachten, heeft Yohane besloten om toch in zijn dorp te blijven. Hij droomt groots. ‘We oogsten genoeg maïs voor voedsel. Maar we moeten natuurlijk ook geld verdienen. Daarom zijn we van plan om dit jaar een extra stuk land te huren waar we meer maïs kunnen verbouwen die rechtstreeks in de verkoop gaat. We hebben geen ingehuurde arbeidskrachten nodig, en willen in de toekomst zien of we meer land kunnen aankopen waarop we commerciële landbouw kunnen bedrijven.’

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2859   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift