Wat het klimaat nodig heeft, is een sociaal en ambitieus investeringsplan

Waarom de koolstoftaks asociaal is en geen oplossing biedt voor het klimaat

Hoewel zeven op tien Vlamingen aangeeft dat hij of zij zich ernstige zorgen maakt over de opwarming van de aarde, blijkt tegelijk ook 60 procent absoluut niet bereid om extra belastingen te betalen om het probleem op te lossen. Deze cijfers van Het Laatste Nieuws tonen het failliet aan van eco-taksen en marktoplossingen zoals de voorgestelde koolstoftaks. Zo een taks is minimaal en asociaal. Wat het klimaat nodig heeft, is een sociaal en ambitieus investeringsplan.

De limieten van de marktoplossingen

De redenering achter de koolstoftaks is redelijk eenvoudig. Het probleem is dat bedrijven in het kapitalisme enkel rekening houden met hoeveel iets kost en wat het kan opleveren. De natuur kan geld opleveren, maar vervuilen kost niets. Het antwoord dat de koolstoftaks daarop biedt, komt neer op het vermarkten van de natuur. Vervuiling van de natuur, gemeten in uitstoot van CO2, krijgt een prijs opgeplakt.  Maar die aanpak stoot onvermijdelijk op haar limieten.

Oplossingen binnen de marktlogica drijven een wig tussen een ecologisch beleid en een sociaal beleid.

Ten eerste is ze asociaal. Dat blijkt ook uit een recente studie van de Europese denktank Bruegel. Ze toont aan dat zulke maatregelen arme gezinnen disproportioneel harder treffen dan rijke gezinnen. Een koolstoftaks werkt dus omgekeerd herverdelend. Op federaal niveau berekende energieminister Marie Christine Marghem (MR) vorig jaar dat zo een taks per gezin kan oplopen tot 281 euro per jaar. Wie het moeilijk heeft, wordt zo verder de armoede ingeduwd.

Ten tweede is ze minimaal. Wie een ruim inkomen heeft zal kunnen blijven consumeren als voordien. Het idee is dat de vervuiler betaalt. Het resultaat is vooral dat de betaler kan blijven vervuilen. Bedrijven zullen de koolstoftaks gewoon doorrekenen in de verkoopprijs van hun producten, wat zal leiden tot serieuze prijsstijgingen. Uiteindelijk worden dus enkel de consumenten aangesproken, terwijl het de bedrijven zijn die bepalen wat en hoe er geproduceerd wordt.

Men doet de afgelopen dagen heel hard zijn best om te laten uitschijnen dat de groeiende klimaatbeweging aantoont dat er een draagvlak is voor nieuwe eco-taksen. De cijfers van Het Laatste Nieuws tonen dat het tegenovergestelde waar is. Oplossingen binnen de marktlogica drijven een wig tussen een ecologisch beleid en een sociaal beleid. Het klimaatbeleid zal sociaal zijn of het zal niet zijn.

Twee botsende soorten realisme

In plaats van de natuur te vermarkten moeten we buiten de markt durven denken. Durven kiezen voor een sociale klimaatrevolutie. Toen de bankencrisis uitbrak, waren er plots tientallen miljarden om de graaiende bankiers uit de nood te helpen. Vandaag is het wachten op diezelfde politieke daadkracht voor de klimaatcrisis. Wij pleiten daarom voor jaarlijks 5 miljard euro aan publieke investeringen in isolatie, hernieuwbare energie, openbaar vervoer en andere hefbomen voor een echte klimaatrevolutie. Dat is sociaal, want zo geven we mensen de mogelijkheid om duurzame keuzes te maken. En zo zorgen we voor nieuwe, groene banen.

De 300 grootste bedrijven in België zijn verantwoordelijk voor 40% van alle uitstoot van broeikasgassen.

De 300 grootste bedrijven in België zijn verantwoordelijk voor 40% van alle uitstoot van broeikasgassen. Zij hebben daar enorme hoeveelheden winst mee gemaakt. Het is dus ook aan hen om een bijkomende 5 miljard euro investeringen per jaar die doen, die nodig zijn in de privésector voor procesverbeteringen, groene investeringen en onderzoek en ontwikkeling. Dat kan, door de slappe emissiehandel te vervangen door bindende normen voor forse uitstootreducties.

Het is een grote vergissing om te geloven dat de beweging die vandaag op staat, rustig gehouden kan worden met wat gemorrel in de marge. Wat verwacht wordt van de politiek is een totaalaanpak van een orde die tegemoet komt aan de grootte van het probleem. “Tot je begint te focussen op wat moet gebeuren in plaats van wat politiek mogelijk is, is er geen hoop”, aldus de 16-jarige Greta Thunberg. En gelijk heeft ze.

Het is een verhaal van twee soorten realisme die in botsing komen. Het realisme van het establishment is gebonden aan de wetten van de markt, het realisme van de klimaatgeneratie aan die van de natuur. Als we op de markt wachten, zal het sowieso too little, too late zijn. Ecologische planning, een strategisch, sector-overkoepelend en gecoördineerd plan voor de transitie naar een duurzame economie, is de enige uitweg uit de klimaatimpasse.

Bijdrage van Natalie Eggermont, activiste en klimaatexperte van de PVDA.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur