Trek uw plan

In de volkswijken geldt nog steeds het devies ‘trek uw plan’ en de leefomstandigheden zijn nauwelijks verbeterd, het afval stapelt zich op. Het mobiliteits- en afvalprobleem scheert alle toppen. Te veel auto’s en versleten minibusjes waarin de passagiers als haringen opeen zitten, zorgen voor chaos en verkeersopstoppingen tijdens de spitsuren.
Toch is er ook vooruitgang te merken in Kinshasa, vooral in de privé-sector,maar enkel de welgestelden plukken er de vruchten van. Bankbedienden zitten achter gloednieuwe computers, ondernemende Congolezen en Libanezen openen nieuwe supermarkten, internetwinkels, restaurants, winkels. De ‘overheidssector’ daarentegen laat het verder afweten: het centraal postkantoor is nog even lamentabel, maar werkt wel, overheidsambtenaren krijgen slechts een aalmoes, leraars worden nauwelijks of niet betaald.
De GSM is alom tegenwoordig, ook in de sloppenwijken, en GSM-kaarten zijn er makkelijker te vinden dan een stuk brood. Communicatie is voor de Kinois erg belangrijk, vandaar ook de grote aanhang voor Bemba die kan praten als een waterval. Het zou de discrete Kabila heel wat krediet hebben opgeleverd indien hij Lingala, de taal van de Kinois, had geleerd. Dit verklaarde onder meer de teneur voor de verkiezingen.  ‘Hij was nu vijf jaar president en voor ons is er niets veranderd, wij willen verandering’, hoorde ik meermaals. Bovendien voerden Bemba en zijn medestanders een moddercampagne tégen Kabila. Zo werden van Kinshasa tot Mbuji-Mayi  leugens de wereld ingestuurd. 
Kabila zou een ‘vreemdeling zijn ‘geen zoon van het land’, hij zou taxichauffeur geweest zijn in Tanzania, hij zou een geadopteerde zoon zijn van Laurent Kabila en het bevel hebben gegeven om zijn vader te vermoorden om zelf de macht te kunnen grijpen, hij zou een concessie voor de exploitatie van een goudmijn in Tskikapa  aan Louis Michel hebben gegeven.Deze roddels die geen grond van waarheid bevatten,  kregen niettemin kracht van waarheid en zelfs goed opgeleide mensen liepen erin.  Het siert Kabila alvast dat hij niet op zijn beurt leugens heeft verspreid. Bemba, daarentegen bleef steeds zijn ‘congolité’ uitspelen, hoewel zijn grootvader Portugees was. Toch had zijn leugencampagne effect. Dokter Adelard verzekerde mij dat Bemba, Kabila in één week kon verjagen.
“Als Kabila verkozen wordt, jagen we hem weg”, opperde een jongeman. “We nemen de wapens op als hij wint”, zei iemand vastberaden. De dreigende tanks van de MONUC, de vredesmacht van de VN,  brachten zijn tegenstanders echter op andere gedachten. Een studente nam het wel op voor Kabila met het argument dat hij veel zachter is, wat door de feiten kan bevestigd worden. In augustus 1998, toen rebellen Kinshasa aanvielen, nadat ze de miljoenenstad al drie weken van elektriciteit hadden beroofd door sabotage van de Inga elektriciteitscentrale, verdedigden groepjes jongeren hun stad met eigen handen.
Ze vergastten veel rebellen op ‘le supplice du collier’: een autoband werd om de hals van de rebel gegooid, overgoten met benzine en in de fik gestoken. Joseph Kabila, toen stafchef van het leger, riep de bevolking via de radio op om niet meer zo ‘wreed’ te zijn en om te rebellen niet meer te verbranden maar aan te geven bij het leger.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift