Overblijfselen van Inca en pre-Inca beschavingen

Meer dan Machu Picchu

Natúúrlijk is Peru meer dan Machu Picchu, net zoals België meer is dan frieten en bier. Maar net zoals de kans klein is dat een toerist in ons land geen Belgisch bier zal proeven, zo is de kans klein dat een toerist hier Machu Picchu niet wil zien. Het hoort er gewoon bij, maakt deel uit van zowat ieders Peru-trip. Machu Picchu links laten liggen is vergelijkbaar met naar het strand gaan zonder in zee te duiken: zeker niet slecht, maar je mist iets. Daarbij komt nog dat Machu Picchu in tegenstelling tot frieten en bier een wereldwonder is. Zonder daarmee afbreuk te willen doen aan frieten en bier overigens. 

Peru bezoeken en Machu Picchu links laten liggen is zoals naar het strand gaan zonder in zee te duiken

Over mijn eigen Machu Picchu-ervaring kan ik kort zijn. Was het de moeite waard? Jazeker. Een magische plek? Eveneens. Lopen er veel te veel mensen rond? Affirmatief.

Enerzijds stoorde ik me op een gegeven moment mateloos aan het selfienemende volk dat overal in de weg liep, anderzijds begreep ik dat al die mensen daar waren. Zoals ik hierboven al schreef: iedereen wil Machu Picchu zien en ik vorm daar geen uitzondering op, maar ergens begrijp ik nu waarom dit wereldwonder steeds meer op lijstjes verschijnt van toeristische trekpleisters die vanwege de drukte en andere factoren steeds minder het bezoeken waard zijn. Hetzelfde geldt bijvoorbeeld voor Venetië. 

Ondanks dat alles blijft het icoon van de Inca-beschaving mijns inziens wel nog steeds een bezoek waard. Het uitzicht op dit bouwkundig meesterwerk waarvan 80% nog in zijn oorspronkelijke staat is, inclusief bergtoppen en voorbijglijdende wolken, is er een uit de duizend. Bovendien maakt ook de weg ernaartoe deel uit van de ervaring, of je nu de populaire en lang op voorhand volgeboekte Inca trail neemt of een andere trekking doet. Tijdens dat onderweg zijn vormde het rechtstreeks van de grond rapen en verorberen van de lekkerste maracuyás ooit een klein persoonlijk hoogtepunt. 

Ondergewaardeerde schaduwen

Nabij het prachtige Cusco, de voormalige hoofdstad van de Inca’s, ligt niet alleen Machu Picchu maar ook de zogenaamde Heilige Vallei van de Inca’s. Naast het feit dat het een prachtig stukje natuur is van het vruchtbaarste soort dat wordt omgeven door besneeuwde bergtoppen, is de vallei ook doorspekt van archeologische overblijfselen uit Inca-tijden.

De ‘normale’ terrassen in Chinchero, de cirkelvormige terrassen van Moray die doen denken aan een amfitheater, en de zoutpannen van Maras waar al sinds de Inca’s aan zoutwinning zou worden gedaan: ze liggen op een spreekwoordelijke boogscheut afstand van elkaar en kunnen worden bezocht in een dag.

Stuk voor stuk pareltjes die in de schaduw staan van Machu Picchu, waardoor onderwaardering hen te beurt valt. Al is het goed vertoeven in die ondergewaardeerde schaduwen en is de afwezigheid van hordes toeristen zeker geen gemis.

Ook het noorden van Peru in zijn geheel lijkt wat ondergewaardeerd, zeker de meer landinwaartse plaatsen. Zelfs in Cajamarca, een stad die net als zijn omgeving veel te bieden heeft en me volledig weet te overtuigen, lijk ik op een enkeling na wel de enige buitenlandse toerist te zijn.

In Cajamarca werd Incakeizer Atahualpa in 1532 gevangengenomen en vermoord

Het was in Cajamarca dat de Spanjaarden onder leiding van Francisco Pizarro het Incarijk middels een gewonnen veldslag een eerste genadeslag toediende. In 1532 werd Incakeizer Atahualpa er gevangengenomen en uiteindelijk vermoord. De Spaanse overheersing van Peru zou zich vanaf dan echt gaan voltrekken. 

Met een beetje slechte wil zou je de Inca’s kunnen bestempelen als Spaanse overheersers avant la lettre, want ook zij maakten komaf met de beschavingen die ze aantroffen ten voordele van henzelf. Verder gaat de vergelijking natuurlijk niet op. 

Rotsbos en zonsteen

Uiteindelijk zouden de Inca’s een gebied controleren in het westen van het Zuid-Amerikaanse continent dat ongeveer van Quito in het noorden tot Santiago in het zuiden liep. Voor de glorieperiode van de Inca’s waren er echter andere beschavingen die floreerden op het Peruviaanse vasteland.

Meer dan drieduizend jaar geleden al bouwde men waterkanalen op grote hoogte. Cumbe Mayo ligt vlakbij Cajamarca en meer nog dan om het uit steen gehouwen aquaduct springt de site in het oog omwille van zijn magistrale natuur. Rotsformaties reiken richting hemel en lijken gezamenlijk een uit steen vervaardigd bos te vormen. Daaromheen graslanden en enkele stroken echt (dennen)bos waarvan het ‘gebladerte’ naast het gekende groen ook uit tinten bruin en rood bestaat. Een onderbelichte parel, alweer.

Over een andere archeologische site in Noord-Peru zou je hetzelfde kunnen zeggen, ware het niet dat het fort van Kuélap in de markt wordt gezet als ‘het Machu Picchu van het noorden.’ Net iets te veel eer en een overtrokken vergelijking, als je het mij vraagt. Niet dat de voormalige ommuurde stad, rond 600 na Christus gebouwd door de Chachapoyas, op zich geen ommetje waard is.

Ook het gebied rond kuststad Trujillo loont de moeite. Je vindt er onder meer de Huacas del Sol y de la Luna (tempels van de zon en de maan) en Chan Chan, de grootste prekoloniale stad in Zuid-Amerika en de hoofdstad van de Chimú-cultuur. Negen uit adobe/zonsteen (klei, zand, water en organische materialen) vervaardigde paleizen blijven vandaag over, waarvan Nik-An in principe het enige te bezoeken paleis is.

De in de zeven tot twaalf meter hoge muren aangebrachte bas-reliëfs tonen geometrische figuren en verwijzingen naar de nabijgelegen zee in de vorm van golven, vissen en pelikanen. Nog beter wordt het wanneer ik achteraf rondstruin tussen de muren van de acht andere paleizen. Ik loop er in m’n dooie eentje en op m’n dooie gemak, niemand die me opmerkt of tegenhoudt. Zo is het extra genieten van de eeuwenoude overblijfselen van deze bijzondere beschaving.

Lijnen in het zand

Ongetwijfeld vormen de archeologische sites die ik bezocht in Peru slechts een tipje van de sluier en valt er vanzelfsprekend veel meer te bezoeken en te schrijven over de vele beschavingen die dit land rijk was. Als sluitstuk van dit beperkte scala aan ervaringen met prekoloniale bezienswaardigheden: de Nazca-lijnen, na Machu Picchu misschien wel het hoogst scorend op de lijst van te bezoeken plaatsen in Peru.

De Nazca-lijnen bestaan uit honderden geometrische figuren, spiralen en dierentekeningen, en uit zo’n tienduizend lijnen in totaal

Deze geogliefen bestrijken een oppervlakte van enkele honderden vierkante kilometers en bestaan uit honderden geometrische figuren, spiralen en dierentekeningen, en uit zo’n tienduizend lijnen in totaal. De Nazca’s deden er meer dan duizend jaar over om dat alles te vervaardigen. De reden dat de lijnen zo goed bewaard zijn gebleven, is omdat het gebied rond Nazca een van de droogste plekken op aarde is. Er valt amper een à twee uur regen per jaar, liet ik me vertellen.

Tijdens de halfuur durende vlucht in een voortdurend naar links en rechts kantelende Cessna spot ik onder andere zandtekeningen van een aap, hond, kolibrie, condor, spin en walvis. Het valt amper te geloven en te begrijpen dat een volk zich bezighield met zo’n veelomvattend en tegelijkertijd nauwkeurig werk. Echt wel larger than life, de lijnen van Nazca.

Over het waarom van de geogliefen doen verschillende theorieën de ronde. De meeste daarvan houden verband met water — verschillende lijnen zouden in de richting van waterbronnen wijzen — en spiritaliteit, religie. De lijnen zijn enkel zichtbaar vanuit de lucht, de Nazca’s konden hun eigen werk met andere woorden zelf niet eens aanschouwen. Daarom wordt aangenomen dat de tekeningen bedoeld waren als boodschap voor de goden.

Maria Reiche, de Duitse archeologe die decennialang onderzoek verrichtte naar de lijnen en veel betekende voor de bescherming en het instandhouden ervan, wierp ook de (minder algemeen aanvaarde) theorie op die de tekeningen in verband brengt met astrologie.

Voor mij maken dat niet weten en dat gissen de Nazca-lijnen in het bijzonder en archeologische vondsten en geschiedenis in het algemeen nog interessanter. We achterhalen, weten en kunnen veel, maar zeker nog niet alles. Ergens vind ik dat geruststellend.

Bijzonder (on)beschaafd

En de huidige Peruviaanse ‘beschaving’, wat zal daar van overblijven? Hoe zal die de geschiedenisboeken ingaan? Op vlak van bijzondere bouwwerken en architectuur lijkt ze alvast geen stempel te drukken. De huizen zijn hier erg rudimentair en eerder lelijk. Opgetrokken uit baksteen en beton, niet zelden half afgewerkt. Tot de verbeelding spreekt dat niet.

Op politiek niveau lijkt Peru tegenwoordig ook niet voor de fraaist mogelijke nalatenschap te gaan. Of wat te denken van huidig president Pedro Pablo Kuczynski (PPK) die de voormalige president Alberto Fujimori eind december amnestie verleende, hoewel die laatste tot 25 jaar cel veroordeeld was wegens schendingen van de mensenrechten? De officiële reden van Fujimori’s vrijlating was zijn verslechterde gezondheid, maar dat was niet meer dan een excuus.

Het heeft er alle schijn van dat het hier een politieke deal betreft waarbij de gratieverlening als pasmunt diende voor het feit dat Kenji Fujimori — zoon van — en enkele van zijn partijleden zich onthielden bij de stemming over de afzetting van PKK en zo zijn vel redden. Kuczynski kwam in opspraak in het corruptieschandaal rond het Braziliaanse bouwbedrijf Odebrecht dat zich over het hele Zuid-Amerikaanse continent heeft uitgezaaid. Eerder wijdde medeblogster Maxime Degroote al een stuk aan dit pure staaltje achterkamerpolitiek. 

‘Wat is er mis met Peru, dat wanneer iemand stopt president te zijn achter de tralies eindigt?’

Tijdens zijn bezoek aan Peru vorige maand verwees ook Paus Franciscus naar de kwestie. ‘De Latijns-Amerikaanse politieke cultuur is zieker dan ze gezond is’ en ‘Wat is er mis met Peru, dat wanneer iemand stopt president te zijn achter de tralies eindigt?’ waren slechts twee van zijn quotes. Fujimori is (was) inderdaad niet de enige ex-president achter tralies en Kuczynski niet de enige (voormalige) Peruviaanse politieke leider die wordt genoemd in het Odebrecht-schandaal. 

In het dagelijkse leven en in gesprekken tussen Peruvianen merk en hoor ik echter weinig van en over deze onverkwikkelijke historie. Zouden ze het beu zijn, dit zoveelste hoofdstuk in het al erg dikke boek over gecorrumpeerde politici? Vertrouwen in de politiek, het lijkt hoogstens iets van vroegere tijden. Jammer voor de integere politici die uiteraard ook nog steeds bestaan, maar het is niet anders.

Het Peruviaanse volk ploetert alleszins voort, eet ceviche en rijst met kip, drinkt er geen druppel Inca Kola minder om, praat nog steeds in schattige verkleinwoorden als waren het lidwoorden en blijft zijn hartelijke zelve. Ook dat is niet anders, maar of het ook de geschiedenisboeken haalt? Dat zal wel niet. Al wijst het toch op een vrij hoge vorm van beschaving om het geknoei van je politieke leiders je dagelijkse leven niet al te zeer te laten beïnvloeden. Hoewel ook dat misschien nooit anders is geweest.

 

Arequipa, 20 februari 2018.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur