Oh moeder, waarom sorteren wij?

Sinds begin augustus studeert Wereldblogger Wendy Wuyts “Industrial Ecology” in “the Asian Institute of Technology” in Thailand. Vanaf haar eerste dag valt haar op dat ze op de campus geen afval sorteren. Ze denkt na waarom Belgen wel betere sorteerders zijn, waarom het sorteren van afval zo belangrijk is, wat Aziaten van België kunnen leren en wat wij van hen kunnen leren zodat we allemaal kunnen winnen. 

  • (c) Wendy Wuyts Een Thai student en het afvalbeheer op mijn campus (c) Wendy Wuyts
  • grrrrl (CC BY-NC 2.0) Vuilbak in het straatbeeld van Thailand grrrrl (CC BY-NC 2.0)
  • Thibaud Saintin (CC BY-NC-ND 2.0) Landfill nabij Bangkok Thibaud Saintin (CC BY-NC-ND 2.0)
  • Mare (CC BY-NC 2.0) De Nepalese momo's Mare (CC BY-NC 2.0)
  • Knoxville Museum of Art (CC BY-NC 2.0) Archiefbeeld van een zijde textielfabriek in China (1984) Knoxville Museum of Art (CC BY-NC 2.0)

Soms voelt het leven op de campus van deze internationale instituut in Bangkok aan alsof ik tot  een klooster ben toegetreden. In plaats van door God ben ik echter door de wetenschap van “duurzame ontwikkeling” geroepen. Mijn dagen zien er vaak hetzelfde uit. Bij het krieken van de dag ga ik naar de wetenschappelijke versie van de vroegmis (lessen die te vroeg starten), geniet daarna van een sobere ontbijt (meestal hetzelfde Indisch ontbijt bereid), ga mediteren en leren in de bibliotheek, heb Thais eten als lunch, volg dan terug een klas en mijn avond is meestal gevuld met gesprekken met mijn internationale vrienden bij een kopje chai.

Zoals een echte middeleeuwse monnik verlucht ik zelfs mijn schriften met miniaturen zoals Ishawaka diagrammen en abstracte tekeningen van ecosystemen. Alleen gebruik ik geen bladgoud, maar viltstiften. Je moet immers met je tijd mee. De campus zelf kan ook omschreven worden als een omheinde botanische tuin met meer natuur dan gebouw. Zoals een klooster uit de romantische Vlaamse verhalen. Alleen een goede trappist ontbreekt.

Genoeg van overvloed

Ook mijn kamer is zeer sober en klein, zelfs zonder air conditioning. Ik had de kans om een grotere kamer te hebben, maar ik wees het aanbod af, omdat mijn “kamer goed genoeg is”. Enkele Aziatische vrienden vonden dit vreemd, want wie wil slechts “genoeg” als je “meer” kan hebben? Succes is toch gedefinieerd in termen van overvloed? Ja, toch? Wat als “genoeg” de nieuwe sociale norm wordt? Wat als een zeer bescheiden apartment in plaats van een villa “bewijst” dat je succesvol, gelukkig en gezond bent? Maar goed, dit is niet waarover ik wil schrijven… Of wel?  Is er geen verband tussen consumptie en afval sorteren?

 Stel je eens voor dat afvalbeheer als een sexy onderwerp werd beschouwd, dan zou de wereld volgens mij een betere plek zijn. 

Ja, afval sorteren. Dat is mijn onderwerp. Niet echt sexy. Stel je eens voor dat afvalbeheer als een sexy onderwerp werd beschouwd, dan zou de wereld volgens mij een betere plek zijn.

Of toch mijn campus… om daarmee te beginnen. Er is hier immers geen scheiding van afval. Tijdens de eerste dag merkte ik op dat er twee containers waren, eentje voor biologisch afbreekbaar afval en eentje voor de rest. Ik vond dat al een beetje pover, aangezien de afvalinzameling van Oostenrijk en België, de twee landen waar ik de laatste jaren heb gewoond, uit duizend-en-een containers bestaat. Maar goed, dacht ik, het is al beter dan niets.

Met mijn bananenschil ging ik naar de container voor groen afval, opende het en verstijfde… Het zat vol plastiek, frisdrankblikjes en ander afval van een studentenleven. Een hele minuut lang was ik perplex. Ik weet dat plastiek afbreekbaar is; na een jaar in de volle zon zal het helemaal verkruimelen, maar het is toch iets anders dan afbreekbaar keukenafval? Toch? Of zien de Aziaten, of the Thailanders, het anders? Ik checkte de andere container, maar nee… ze hadden niet de namen omgewisseld. Was ik te westers en zag ik iets over het hoofd? In ieder geval, mijn integriteit kreeg een deuk wanneer ik de bananenschil bij al dat afval dumpte (en nog steeds voel ik me schuldig dat ik mijn afval niet scheid.)

Thibaud Saintin (CC BY-NC-ND 2.0)

Landfill nabij Bangkok

Belgisch voetbal en afvalbeheer

Tijdens gesprekken met Aziatische studenten en ook tijdens de cursus “Afvalbeheer” kon ik afleiden dat ik niet de enige was die zich stoorde aan het gebrek aan sorteren. Het probleem was dat al het afval door dezelfde truck werd opgehaald. In Bangkok (en Thailand) is er eigenlijk geen scheiding van afval, want het eindigt meestal op een stortplaats. 

Waarom zou je het dan scheiden als het afval uiteindelijk toch allemaal samen zou eindigt? De professor van deze cursus, ook een Thailander, was ook niet blij met deze situatie en somde al in de eerste les alle mogelijke negatieve gevolgen van stortplaatsen op - waar ik zelfs nooit aan gedacht zou hebben. Hij vroeg zich ook af hoe de Thailander overtuigd kon worden om zijn afval te sorteren. 

In diezelfde klas “Afvalbeheer” wordt vaak naar Europa en Japan opgekeken omwille van de afvalsortering (en dat we zoveel recycleren).

Enkele dagen geleden gaf de onderdirecteur van mijn school, een Nepalees die tot enkele maanden geleden voor UNEP werkte, ook een lezing over de “toekomst van de wereld”, waarin hij landen zoals China, India en Indonesië als de nieuwe economische machten beschreef en zei hoe de wereld meer en meer het “westers denken” achter zich liet. Op een bepaald moment vroeg ik me wat de plaats van Europa in de toekomst zou zijn… totdat hij over begon recyclage en circulaire economie.

Hij zei dat de nummer één in recyclage en circulaire economie België is. Meer bepaald Antwerpen. Ik was trots, maar niet verbaasd.

Hij zei dat de nummer één in recyclage en circulaire economie België is. Meer bepaald Antwerpen. Ik was trots, maar niet verbaasd. Ook vorig jaar, tijdens mijn eerste jaar van mijn Master in Oostenrijk, merkten professoren vaak op dat Vlaanderen waarschijnlijk de beste afvalbeheer in de hele wereld had. In het afgelopen jaar vragen veel mensen, van Oostenrijkers tot Myanmarezen,  vaak aan mij waarom Vlaanderen zo goed presteert… alsof ik de Vlaming had leren sorteren en recycleren, zoals Hendrik Conscience de Vlaming destijds had leren lezen.

Zelfs, na de lezing wanneer ik de onderdirecteur aansprak voor hulp voor mijn thesis project en ik verlegen toevoegde dat ik van Antwerpen was, schudde hij mijn hand, feliciteerde me en zei dat ik zeer trots mag zijn.

Ik weet nooit goed hoe ik moet reageren als mensen mij complimenteren met prestaties waarmee ik niets te maken heb. Zoals met ons Belgisch voetbalteam. Ik heb niets te maken met hun FIFA ranking. Ik kijk nauwelijks voetbal. Ik wist zelfs niet hoe Hazard eruit zag totdat een andere Nepalees hier (niet de onderdirecteur)  opmerkte dat anderen vinden dat hij eruit ziet zoals Hazard en om bevestiging van “een expert” vroeg. Ik glimlachte als een schaap en knikte. (Wanneer hij niet keek, nam ik stiekem mijn iPod en vroeg aan mijn beste vriend Google voor een foto van Hazard.)

Voetbal en circulaire economie… in beide ronde gevallen voel ik me genoodzaakt om meer te lezen hoe beide dingen in België aan toe gaan, want ja, ook al woon je niet meer in je land, bijna iedereen verwacht dat je een nationalist bent die alles over je eigen land weet.

Nummer één in recyclage

grrrrl (CC BY-NC 2.0)

Vuilbak in het straatbeeld van Thailand

Waarschijnlijk heeft Hendrik Conscience meer geholpen aan ons afvalbeheer dan ik. Veranderingen nemen plaats wanneer mensen zich bewust worden van een probleem.

Goed onderwijs (en dus kunnen lezen) is een van de pilaren van deze bewustwording. Ik vind onderwijs dan ook belangrijk en heb veel respect voor onderwijzers, maar… Alleen denk ik dat het onderwijs beter kan. In deze tijden van internet, smart phones en digitalisering is er zoveel kennis beschikbaar, dat je in vele plekken ter wereld in enkele seconden kan oproepen, dat ik denk dat memoriseren minder belangrijk wordt, maar eerder hoe je welke informatie kan oproepen… en wat je ermee doet.

Er is te veel informatie, maar je hebt die informatie niet elk moment nodig. Waarom bestaat evaluatie van studenten dan vooral uit hun capaciteit om te memoriseren in plaats van kritisch na te denken?

Ik zeg niet dat memoriseren helemaal niet nodig is, want ik heb graag een dokter die weet waar bijvoorbeeld mijn nieren liggen… maar ik denk dat het vooral meer over kunnen dan kennen gaat.  

Kunnen samenwerken in een internationale context, bereid zijn om jezelf beter te leren kennen… en kritisch kunnen nadenken zodat je creatieve oplossingen voor hedendaagse en toekomstige problemen kan vinden.

Ik ben trouwens niet de enige die dat denkt. Diezelfde onderdirecteur van mijn school zei op het einde van zijn lezing dat we niet alles moesten geloven wat hij zei, maar ook onze eigen research moesten doen, onze eigen conclusies moesten bedenken. Hij zei dat wanneer hij personeel aanwerft voor de UNEP hij drie kwaliteiten zocht in de kandidaten: kunnen samenwerken in een internationale context, bereid zijn om jezelf beter te leren kennen… en kritisch kunnen nadenken zodat je creatieve oplossingen voor hedendaagse en toekomstige problemen kan vinden.

Dus laten we eens kritisch kijken naar het Vlaams afvalbeheer. We recycleren bijna al het afval. Maar… hoeveel afval maakt de gemiddelde Belg vergeleken met de gemiddelde Nepalees? Ik moet geen statistieken opzoeken om het antwoord al te weten. 

Ik ben zelf al drie keer in Nepal geweest en heb intussen ook figuren bestudeerd die aantonen dat landen met een lager gemiddeld inkomen minder afval produceren… omwille van de reden dat wanneer je arm bent… niet zoveel kan bezitten en als je iets bezit dat ook niet zomaar weggooit.  

Mare (CC BY-NC 2.0)

De Nepalese momo’s

Vuilbak, niet nodig

Het doet me denken aan een gesprek met een zeer goede vriendin in Nepal. Tijdens mijn laatste bezoek aan Nepal logeerde ik bij haar en was ik op een bepaald moment op zoek naar een vuilnisbak in haar appartement. Het bleek dat ze dat niet had, omdat ze dat niet nodig vond. Ze hergebruikte alles, zei ze, en al het organisch afval werd gecomposteerd.

Ik kon het niet geloven en vroeg haar wat ze gebruikte om haar haren te wassen of haar tanden te poetsen en ze antwoordde dat haar ouders haar in potjes en flesjes alles gaf wat ze nodig had. Het was ook de eerste keer dat ik bijvoorbeeld over katoenen maandverband hoorde.

Dat gesprek deed me echt zeer fel over consumptie in het Westen denken, want het gaf me een heel ander perspectief op dingen die ik daarvoor “normaal” vond. De cultuur in Nepal kan ons zoveel leren. Ik heb in ieder geval tijdens elk bezoek  veel over mezelf en de wereld geleerd.

Het is in mijn ogen daarom een van de rijkste landen ter wereld. De natuur is zo adembenemend en de cultuur is even inspirerend. Ik vind Nepalezen ook zeer gastvrij, verdraagzaam en vredevol. Ik hou van de momo’ een soort van deegtasje met een vulling. De Nepalezen op de campus waren zo gastvrij dat zodra ze hoorden dat ik hun land had bezocht en van hun keuken hield, ze me uitnodigden op de eerstvolgende avond waar we samen honderden momo’s maakten. Helaas werd dan al het afval in dezelfde zak gestoken, maar dat heeft niets te maken met Nepalese cultuur of gemakzucht, maar omdat er geen sterk ontwikkeld afvalbeheer is op de campus.

Ik mis mijn Vlaamse vuilniscontainers meer dan de Belgische frieten. Is dat normaal? 

Ja ja, ik stoor me echt vaak aan dit gebrek van sorteren. Heel mijn jeugd, of zover ik me kan herinneren, is het immers de normaalste zaak om te sorteren. Nu leef ik in een plek waar dit niet als normaal wordt gezien… en krijg ik een cultuurschok.

Ik dacht dat ik door al mijn reizen bestendig was voor cultuurschokken, maar nee… de Vlaming in mij bevriest elke keer bij het zien van al dat ongesorteerd afval… en ik ben hier al anderhalve maand.

Ik mis mijn Vlaamse vuilniscontainers meer dan de Belgische frieten. Is dat normaal? 

Geld als Bondgenoot

Vele studenten tijdens de klas “afvalbeheer” merken op dat Europa het zo goed doet in afvalbeheer, omdat Europa geld heeft. Ja, geld…

We moeten eerlijk zijn: geld motiveert veel mensen om te veranderen. Je kan praten over de natuur, over vervuiling van de grond en water… en vele mensen verstaan wel wat je zegt en vinden het ook belangrijk dat onze omgeving gezond is, maar toch gaan ze afval blijven produceren. Laat mensen echter veel betalen voor afval, storten op stortplaatsen en sluikstorten… en mensen zullen manieren vinden om minder afval te produceren zodat ze minder moeten betalen. Dat is wat we in België doen.

Ik mor dan ook niet als overheden belastingen of nieuwe wetgevingen doorvoeren, want ik geloof dat het goed is voor ons allemaal… misschien dan niet op kort termijn, maar zeker op lang termijn. Daar ligt het verschil tussen België en Nepal.

Die beelden uit Daens leken zeer hard op een documentaire over de hedendaagse textielindustrie in China.

In Nepal is politiek niet zo stabiel als in België (in de laatste jaren hadden ze verschillende premiers; sommigen bleven maar enkele maanden), terwijl ik geloof dat een institutioneel kader een vereiste is voor een goed afvalbeheer. Hier, in Azië, besef ik vaak hoe belangrijk het “publieke domein” in Vlaanderen is voor mijn welzijn, want het publieke domein, ons socialistisch verleden, heeft ons groots gemaakt.

Ik zeg niet dat het private domein geen stempel op ons land heeft gedrukt… maar het private is ook aanwezig in China, India en andere opkomende machten. Hetgeen wat ons echter anders maakt, en waar ook onze sterkte ligt, bevindt zich in het sociale domein. Een goed beleid dat berust op herverdeling en onze sterke vakbonden hebben ervoor gezorgd dat Vlamingen niet leven zoals in armere landen.

Onlangs zag ik op fragmenten van de Belgische klassieker Daens over de barre omstandigheden waarin de meeste Vlamingen meer dan honderd jaar geleden leefden en werkten en die beelden leken zeer hard op een documentaire over de hedendaagse textielindustrie in China die ik tijdens de klas “New technologies, industrialisation and gender” zag. 

Kleine stappen brengen ons niet ver

Een sterke regering die niet aan winst denkt is een vereiste voor het welzijn van de bevolking, maar ik zeg niet dat we als consument geen verantwoordelijkheid moeten nemen. Ik denk echter dat symbolische acties zoals het vermijden van plastieken zakken en herbruikbare brooddozen en flessen goed zijn, maar het is niet genoeg. Kleine stappen brengen ons niet ver.

Ik ben het ook een beetje beu dat mensen tegen me zeggen dat als ik “duurzaamheid” zo belangrijk vind waarom ik dan niet ga leven als een holbewoner?

Ik ben het ook een beetje beu dat mensen tegen me zeggen dat als ik “duurzaamheid” zo belangrijk vind waarom ik dan niet ga leven als een holbewoner? Waarom sluit ik mezelf niet op in een kleine boshut in de Kempen en kweek mijn eigen wortelen in plaats van in Thailand te studeren? Is het niet hypocriet dat ik over luchtvervuiling ga studeren terwijl ik het vliegtuig neem? Wel, ook al zou ik leven als een holbewoner met de allerkleinste ecologische voetafdruk, nog altijd deel ik een planeet, water, lucht en andere belangrijke dingen met andere mensen. We zijn allemaal met elkaar verbonden.

Wat in Thailand gebeurt, heeft ook een effect op België en op mij… en vica versa.

Daarom schrijf ik. Daarom praat ik met andere mensen. Daarom studeer ik, zodat ik -naast genoeg geld (genoeg, niet meer) verdienen- met andere mensen ervoor kan zorgen dat onze economische activiteiten minder vervuilen. Hier komt weer het woord onderwijs. 

Terug naar de campus

Ik werk nu samen met andere studenten van de klas “afvalbeheer” aan een plan. En ja, als westerling kan ik aziaten helpen, zonder de kolonisator te spelen en machines en infrastractuur naar hen te exporteren dat alleen de economie van mijn land spekt, maar vaak toch niet werkt in andere landen. De wereld is ook anders.

De Aziaten willen ook geen hulp, maar willen samenwerken zodat zowel Aziaten als Europeanen (als Afrikanen, Amerikanen als Oceaniërs als zelfs pinguïns op Antartica) winnen. Is dat niet het allerbeste? Dat iedereen wint? Zelfs de andere levende wezens in de natuur? 

In “lineaire economisch denken” heeft afval geen waarde, maar in “circulaire economie” heeft het een positieve waarde.

Ik leg nu aan andere studenten het idee van circulaire economie uit, maar ik vertel niet welke machines of zo we gebruiken, maar wel enkele voorbeelden van bedrijven die samenwerken om materialen te hergebruiken of te transformeren zodat ze langer in de loop blijven. 

In “lineaire economisch denken” heeft afval geen waarde, maar in “circulaire economie” heeft het een positieve waarde. Circulaire economie kan echter pas ontwikkeld worden als je afval sorteert. Door niet te sorteren mis je dus opportuniteiten. Trash can become cash.

En zoals ik al eerder zei, geld motiveert. 

Recycleren ze dan niet in Azië?

Terug naar Nepal. In deze video, die een Nepalese vriendin hier met me deelde, zie ik een kant van haar land die je als toerist niet vaak ziet, of wil zien, en waarvan je zeker geen foto’s op je Facebook plaatst om je vrienden jaloers te maken. In het paradijs is er immers geen afval. 

In deze video zie je dat arme landen ook aan recyclage doen, maar de stap van scheiding van afval overslaan. Het is een informele sector. Arme mensen zijn op dat vlak slimmer dan vele mensen die producten zonder nadenken weggooien, want deze “arme mensen” zien ook de positieve waarde van afval.

In de video zegt een man dat hij geen afval ziet, maar geld, en zegt dat hij zelfs een miljonair kan worden als de overheid hem dat zou toelaten. 

In de video zegt een man dat hij geen afval ziet, maar geld, en zegt dat hij zelfs een miljonair kan worden als de overheid hem dat zou toelaten. Net zoals veel arme mensen, soms hele families, vist hij uit al dat vaak giftig afval “waardevol materiaal”, zoals koper, papier en aluminium, dat allemaal gerecycleerd kan worden.

Als we de gezondheidsrisico’s die deze arme mensen weglaten (en ook de analyse waarom deze mensen arm zijn), kunnen we dan niet zeggen dat het goed is dat er toch een zekere recyclage is? Nee, door de aanraking met ander soort afval verliest ander afval zijn waarde. De vochtigheid in keukenafval bijvoorbeeld heeft immers een negatief effect op de waarde van  papier.  

Dus oh moeder, waarom sorteren wij ons afval? Ten eerste omwille van een betere gezondheid voor mens en natuur, ten tweede omwille van al het geld en andere voordelen dat we er uit kunnen halen…

Op de campus heb ik intussen ontdekt dat de conciërges in feite het papier uit het afval van de campus sorteren, om dat later door te verkopen aan een papierfabriek van een alumnus van deze school… Dat is goed, maar de kwaliteit van deze “grondstof” voor de papierfabriek zou beter zijn als het gescheiden blijft van ander afval.

Misschien moet ik geen papier verluchten zoals monniken, maar een papier inzameling systeem bedenken. Klinkt dat niet als een betere missie tijdens mijn kloosterleven hier?

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Wendy Wuyts deed haar bachelor in geografie aan de Katholieke Universiteit van Leuven en haar Erasmus Mundus Master in Industrial Ecology aan de Universiteit van Graz (Oostenrijk), Asian Institute