Over de omgang met dieren in Nicaragua

De omgang met dieren in België verschilt sterk met die in Nicaragua. Dit zet me aan het denken. Waar zitten de verschillen, waarom zijn die er en is onze omgang met dieren wel de juiste?

  • Elena (CC BY-ND 2.0) Twee kapucijnaapjes op Isla de Ometepe, Nicaragua. Elena (CC BY-ND 2.0)
  • Journey Jeff's Pix (CC BY-NC-ND 2.0) Paard en kar in León, Nicaragua. Journey Jeff's Pix (CC BY-NC-ND 2.0)

Zoals elke weekdag, werk ik ook vandaag als vrijwilliger in de gratis kleuterschool ‘Barrilete’. Ik geef Engelse les aan kinderen van twee tot zes jaar oud. Vandaag zijn er andere vrijwilligers op bezoek.

Zij werken voor een organisatie die voor een goede behandeling van dieren en natuur strijdt. Educatie daarrond is een deel van hun takenpakket en daarom geven zij de kinderen een les over de dieren in het circus.

De kinderen moeten aanduiden waar de dieren het gelukkigst zijn: in de natuur of in het circus. Vervolgens vertelt de vrijwilligster een verhaaltje over een olifantje dat uit de natuur gehaald wordt en in het circus gezet, maar gelukkig gered kan worden door natuurliefhebbers om daarna fijn terug bij zijn ouders te zijn. Einde. ‘Dus kinderen, gaan jullie voortaan nog naar een circus waar ze dieren hebben?’ ‘Jaaaa!’ schreeuwen al mijn kinderen in koor. De leerkrachten porren de kinderen en fluisteren: ‘Nee, zeg dan nee!’ in hun oor.

Terwijl ik mijn kinderen vol overgave zie spelen, vraag ik me af wat er in het verhaal precies fout loopt.

Het meisje staat een beetje ongemakkelijk vooraan en legt nog eens uit waarom het niet oké is om naar een circus met dieren te gaan. Ze pakt haar spullen in en vertrekt. Ik mag nu mijn les Engels geven. Ik geef mijn lessen altijd buiten. We zijn nog maar net begonnen wanneer er plots een op hol geslagen paard, zonder eigenaar in de buurt, mijn ‘klas’ komt binnengestormd. Mijn kinderen beginnen te schreeuwen en zijn in paniek. Ik duw ze zo goed en zo kwaad als ik kan samen in een groepje en ga rond hen staan, ook niet goed wetend wat ik hiermee moet.

Niet veel later komt er een groepje jongens aangelopen. Ze wijzen naar het paard, pakken grote stenen op en beginnen ermee naar het beest te gooien. Na een tijdje raakt iemand het been van het paard, waardoor dat valt en de jongens het wat verdwaasde dier kunnen wegslepen.

De volgende lesdag staan er opnieuw twee vrijwilligers van het natuurproject klaar. Deze keer met een les over vogels uit de natuur die gevangen worden en in kooitjes gezet . Mijn leerlingen luisteren wederom naar een verhaaltje over twee slimme kinderen die een vogeltje uit een kooitje op de markt bevrijden en antwoorden deze keer wel goed op de vraag ‘Horen vogeltjes dus thuis in kooitjes?’ De leerkrachten halen opgelucht adem tot de vrijwilligster vraagt wie van de kinderen er thuis een vogeltje in een kooitje heeft. Bijna alle handjes gaan omhoog en trotse verhalen over hun huisdieren echoën door het lokaal. Het meisje sluit af met te zeggen dat ze maar goed voor hun diertjes moeten zorgen dan, maar er zeker geen nieuwe mogen kopen.

In de pauze kopen alle kinderen een versnapering in het barakje naast het project. Ze zijn daar niet enkel om te eten. De leukste attractie daar is, je raadt het, twee groene vogeltjes in een kooitje. De kinderen mogen hen fruit geven terwijl de beestjes van schoudertje naar schoudertje hoppen.

Ik zit erbij en ik kijk ernaar. Het is een beetje pijnlijk te zien dat die goedbedoelde lessen van de vrijwilligers niet aankomen, noch bij de kinderen, noch bij de leerkrachten. Terwijl ik mijn kinderen vol overgave zie spelen, vraag ik me af wat er in het verhaal precies fout loopt. Waar zitten de verschillen? Waarom komt de les niet aan?

Belgische houding

De Belgische houding tegenover dieren is nu eenmaal anders dan die van de mensen hier, in Nicaragua. Sommige Belgen nemen aan dat, omdat dieren pijn kunnen voelen, ze moreel gelijk zijn aan de mens. Er zijn ook heel wat mensen die hier niet akkoord mee gaan, maar over het algemeen vindt iedereen dat je dieren geen pijn mag doen, niet onnodig moet slachten, goed moet verzorgen, kortom je verantwoordelijkheid als mens tegenover een dier moet opnemen.

In Nicaragua worden dieren nog meer gezien als wezens die leven in dienst van de mens. Een paard is een werktuig, een kip is eten en een vogeltje is gezelschap. De marktvrouwen lopen dan ook rond met kippen alsof ze een zak bloem vasthebben. Ik vind het een moeilijke zaak om als buitenlander te beweren dat wat mensen hier doen fout is. Wij hebben namelijk goede werktuigen, tofuburgers en een televisie in ons huis, maar deze mensen niet. Zij gebruiken dieren om te overleven, zoals een vos een konijn vangt om haar jongen mee te voeden. Wie zijn wij om te zeggen dat ze dat niet mogen niet doen?

Grotere problemen

Bovendien zijn zielige dieren wel het minst van de zorgen in dit land. Een diersoort die met uitsterven bedreigd is door toedoen van stropers is natuurlijk een dringend probleem, maar een paar honden die honger lijden tegenover zesjarige kinderen die lijm snuiven al liggend op dezelfde plek als die honden zetten je wel aan het denken. Het ene hoeft het andere niet per se uit te sluiten, maar als die keuze zich zou stellen, doen ze hopelijk eerst iets aan die kinderen voor ze het hondenprobleem aanpakken. Daarnaast kan je het mensen die moeite hebben om hun eten bij elkaar te krijgen ook niet kwalijk nemen dat ze geen medelijden hebben met een hongerige hond.

Journey Jeff's Pix (CC BY-NC-ND 2.0)

Paard en kar in León, Nicaragua.

Met een dier naar de dokter

Nu ik hier wat langer leef is het gedrag van ons Belgen tegenover dieren me soms even vreemd als dat van de mensen hier. Het is raar om te beseffen dat wij met onze huisdieren naar dokters gaan, speciale voeding, dure speeltjes en zelfs kleren voor hen kopen terwijl kinderen hier die dingen niet hebben. Er zijn kinderen die een levenslange ziekte met zich mee moeten dragen omdat hun ouders het geld niet hebben om met hun naar een dokter te gaan. Natuurlijk helpen we de mensen hier niet door onze dieren te laten creperen, ik wil ook niet beweren dat je niet met je zieke hond naar de dokter mag gaan, het is gewoon een confronterende vaststelling.

Vertekend beeld

In onze cultuur komt antropomorfisme vrij frequent voor. In verhaaltjes, in films en op televisieprogramma’s geven wij dieren graag menselijke eigenschappen. We kennen veel dieren ook enkel door televisie of internet en niet door ze echt in de natuur te zien leven. Dit maakt dat vooral kinderen, maar ook volwassenen, vaak een vertekend beeld hebben van het gedrag van een dier. Wij maken leibanden voor konijnen, kleren voor honden en willen met cavia’s en hamsters knuffelen. Wij willen goed zijn voor dieren, maar volgens mij vaak op een foute manier omdat we ze teveel als mensen beschouwen.

De scheiding tussen dier en mens is bij ons minder duidelijk dan in Nicaragua.

Ik ben tijdens mijn reis zelf vaak verrast geweest door het gedrag van een dier dat ik enkel kende van op televisie. Zo heeft mijn gids tijdens een jungle tocht een kleine krokodil uit het water gehaald om hem beter te kunnen bekijken. Ik was verbaasd van de ‘domheid’ van zo een dier, en hoe een mens mét kennis van de jungle, maar zonder wapens, een oneerlijke tegenstander is; het dier maakte geen schijn van kans. Juan de gids wist me ook nog te vertellen dat krokodillen geen strategische plannen beraden om hun slachtoffers te maken, maar eigenlijk gewoon happen naar alles wat voorbijkomt, al is dat hun jongere broertje of een zwakkere soortgenoot.

De scheiding tussen dier en mens is bij ons minder duidelijk dan in Nicaragua. Hier blijft ieder aan zijn kant en dat maakt het makkelijker om dieren ‘kouder’ te behandelen. Natuurlijk is onze behandeling van dieren ook niet altijd even fraai, vooral de vleesindustrie is gekend door de erbarmelijke levensomstandigheden van het vee. Alleen gebeuren die dingen bij ons achter gesloten deuren. Mensen weten het wel, maar zien het niet en dat maakt dat er minder verontwaardiging over is. Van zodra dieren slecht behandeld worden ‘bij klaarlichte dag’, wanneer iedereen het kan zien is die verontwaardiging er wel. Stel dat die veel te kleine hokjes van de Belgische legkippen op de Grote markt in Brussel werden gezet. Dan zou het niet lang duren voor het land op zijn kop stond.

Andere ervaring met dieren

Wij Belgen doen totaal andere ervaringen op met dieren dan de Nicaraguanen. Straathonden zijn hier bijvoorbeeld een echte plaag. Ze zijn vuil, verspreiden ziektes en blijven zich maar voortplanten. Je zou ze kunnen vergelijken met ratten in België. Thuis zou ik het choquerend vinden om iemand met een steen naar een hond te zien gooien, maar hier begrijp ik het ergens ook wel, wat niet wil zeggen dat ik het goedkeur.

Mijn opa kan nog vertellen over hoe hij en zijn vriendjes als kind blikjes aan een hond zijn staart bonden en hem dan door de straat lieten lopen.

Verder komen Belgen ook niet in contact met dezelfde dieren als de Nicaraguanen. Juan (de junglegids) vertelde me over hoe hij in tijden van voedselcrisis wel eens aap, leguaan of zels jaguar in de pan smeet. Nu zegt hij dat nooit meer te doen omdat hij beseft dat het zeldzame diersoorten zijn. Schilpaddeneieren zijn hier ook een (illegale) delicatesse. Voor ons zijn dit exotische, onbereikbare gerechten en het is makkelijk om het consumeren van dit soort gerechten te veroordelen, maar als je grootmoeder deze dingen nog klaarmaakte is de stap minder groot om ook zelf dit soort dieren te eten.

Medelijden en aandacht voor een goede omgang met dieren hebben is ergens ook een luxe en iets dat wij zelf nog niet zo heel lang doen. Mijn opa kan nog vertellen over hoe hij en zijn vriendjes als kind blikjes aan een hond zijn staart bonden en hem dan door de straat lieten lopen. Als kinderen dat vandaag doen zullen er volwassen zijn die hen hierop aanspreken.

Veel Belgen kiezen er bijvoorbeeld voor om vegetariër te zijn. Hier eten velen vegetarisch omdat ze geen geld hebben voor vlees. Als ik hier aan mensen met weinig geld vraag wat ze zouden doen als ze de lotto zouden winnen zeggen ze vaak: ‘Meer vlees eten!’

En natuurlijk hebben wij, zoals boven reeds vermeld, - in ons Belgenland ook minder grote problemen dan de mensen in Nicaragua. De meeste Belgen worden niet met honger geconfronteerd. Onze piramide van Maslow is beter gevuld en dus is er ruimte en tijd voor andere dingen, zoals bijvoorbeeld het ethische vraagstuk: hoe ga ik met dieren om?

Toekomst

Meer en meer mensen zijn zich ervan bewust dat omgang met dier en natuur een belangrijk thema is. Natuurorganisaties doen op grootschalig vlak al zeer goed werk. De regering organiseert bijvoorbeeld campagnes om mensen te stimuleren afval te sorteren, bedreigde diersoorten worden beschermd en er zijn speciale speeltuinen en parken in het thema van ‘een goede omgang met dier en natuur’.

Ik denk dat het slechts een kwestie van tijd is voor deze inzichten ook tot bij de kleine man komen en dat dit een deel van de ontwikkeling is die Nicaragua doormaakt. Desalniettemin zullen er verschillen blijven in opvatting en dat is maar goed ook. Ik denk dat het voor Europese landen, en dus ook België heel belangrijk en waardevol is om normen en waarden in vraag te blijven stellen en dat gebeurt vanzelf wanneer je een andere cultuur probeert te begrijpen. 

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Verwondering in Latijns-Amerika

    Na haar middelbare school beslist Elief Vandevenne om nog even niks te beslissen, maar, na Spaans te leren in Guatemala, vijf maanden vrijwilliger te zijn voor het sociaal

randomness