'Conflictpreventie in Afrika blijft ondergeschoven kind'

Frankrijk levert het gros van de EU-troepenmacht die de komende weken de orde zal trachten te herstellen in Oost-Congo, maar toch klagen niet-gouvernementele organisaties en vredesactivisten dat de rijke landen conflictpreventie in Afrika blijkbaar nog altijd liever overlaten aan anderen om zichzelf op ‘belangrijker’ werk als terrorismebestrijding en het tegengaan van de verspreiding van massavernietigingswapens toe te leggen.



De VN-Veiligheidraad stuurt deze week een delegatie naar Oost-Congo en Burundi en op 28 juni een andere groep van hoge diplomaten naar West-Afrika, waar het onrustig is in Ivoorkust, Liberia, Guinee, Guinee-Bissau en Sierra Leone. Maar volgens Salih Booker, de directeur van Africa Action, komt de internationale gemeenschap veel te laat in actie in die Afrikaanse crisisgebieden. Hij ziet daar de hand van de rijke landen in, die impliciet aansturen op een duidelijke arbeidsdeling: de VS en de Europese mogendheden houden zich in de eerste plaats bezig met ‘harde’ veiligheidsproblemen als massavernietigingswapens, terrorisme en de verspreiding van kernwapens, terwijl ‘zachte’ onderwerpen als de bemiddeling in lokale conflicten en het verlenen van humanitaire hulp zoveel mogelijk aan de VN worden overgelaten. Elitetroepen uit de rijke landen voeren snelle operaties uit in gebieden die echt van tel zijn, terwijl vredeshandhaving - de saaie en langdurige controle van vredesakkoorden - grotendeels wordt overgelaten aan troepen uit ontwikkelingslanden. Ze hanteren twee maten en gewichten, vindt Booker.

Op het eerste gezicht spreekt operatie Artemis dat tegen. De troepenmacht van 1500 manschappen die de orde moet herstellen in de Oost-Congolese stad Bunia, wordt uitgestuurd door de EU en bestaat vooral uit Europese soldaten. De Veiligheidsraad zette vorige week het licht op groen voor de operatie. Maar volgens Booker wilden de leden van de raad alleen bewijzen dat ze ook wakker liggen van andere landen en regio’s dan Afghanistan, Irak en het Midden-Oosten. Maar wat de Veiligheidsraad voor Congo doet, staat in geen verhouding tot de omvang van de problemen daar. De snelle interventiemacht waarvoor de Veiligheidsraad zijn toestemming gaf, zal waarschijnlijk slechts enkele maanden ter plaatse blijven. Dan is het weer aan Monuc, de VN-vredesmacht die nu al in Congo is. Momenteel zijn er ongeveer 4000 blauwhelmen in Congo gelegerd, verspreid over het immense land. Ze zijn slechts licht bewapend en hebben geen mandaat om rebellen te dwingen de wapens neer te leggen. Annan heeft de Veiligheidsraad vorige week wel gevraagd de troepensterkte van de Monuc op te drijven tot 10.800 manschappen.

De Verenigde Staten hebben laten weten niet te willen deelnemen aan de interventiemacht voor Oost-Congo - volgens Booker bewijst dat zijn stelling. De VS zijn volgens hem niet bereid soldaten op te offeren voor Afrika - een grote ironie, want veel van die soldaten zijn van Afrikaanse afkomst. Ook Mary Anne Hoekstra van het Africa Centre for Peace and Democracy in de VS is teleurgesteld dat de enige supermacht niet meer onderneemt om een einde te maken aan het conflict in Congo. Mensenrechten zouden een hogere prioriteit moeten hebben dan grondstoffen en onze belangen in dat verband. Hoekstra vindt het onaanvaardbaar dat de internationale gemeenschap in Congo zo lang een conflict genegeerd heeft dat is uitgelopen op een humanitaire catastrofe die vergelijkbaar is met de gruwelen van de Tweede Wereldoorlog.

Ook VN-ondersecretaris-generaal Ibrahim Gambari brak vorige week in de Veiligheidsraad een lans voor meer ambitieuze en creatieve inspanningen om tot duurzame vrede te komen in andere Afrikaanse crisisgebieden als de Centraal-Afrikaanse Republiek, Liberia en Guinee-Bissau. Volgens hem moeten ook de Wereldbank, het IMF en de donorlanden tijdig inspringen, want armoede en onderontwikkeling zijn belangrijke oorzaken van conflicten. Gambari kondigde aan dat de missie van de Veiligheidsraad naar West-Afrika ook moet nagaan in hoeverre regionale organisaties als de Afrikaanse Unie een rol kunnen spelen in internationale vredesoperaties - met name in Ivoorkust en Burundi.

Maar volgens Doug Brooks van de International Peace Operations Association staan of vallen vredesmissies met de kwaliteit van de troepen die er uiteindelijk op uitgestuurd worden. Daar knelt het schoentje vaak bij de VN. Volgens hem hebben sommige landen die nu blauwhelmen leveren aan missies in Afrika, een overeenkomst met de VN waarin vastgelegd is dat hun soldaten onder geen beding hun wapens zullen gebruiken. Regionale vredesmachten zijn daar ook sterk in. Volgens Brooks haalden vroegere Afrikaanse vredesmachten in Liberia en Sierra Leone niets uit omdat er geen geloofwaardige dreiging van hen uitging. De rebellen in Sierra Leone speelden met de 8.000 blauwhelmen die er gelegerd waren, maar er waren maar 800 Britse soldaten nodig om het gezag van de VN te herstellen.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 2790   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift

Met de steun van

 2790  

Onze leden

11.11.1111.11.11 Search <em>for</em> Common GroundSearch for Common Ground Broederlijk delenBroederlijk Delen Rikolto (Vredeseilanden)Rikolto ZebrastraatZebrastraat Fair Trade BelgiumFairtrade Belgium 
MemisaMemisa Plan BelgiePlan WSM (Wereldsolidariteit)WSM Oxfam BelgiëOxfam België  Handicap InternationalHandicap International Artsen Zonder VakantieArtsen Zonder Vakantie FosFOS
 UnicefUnicef  Dokters van de WereldDokters van de wereld Caritas VlaanderenCaritas Vlaanderen

© Wereldmediahuis vzw — 2024.

De Vlaamse overheid is niet verantwoordelijk voor de inhoud van deze website.