Egyptische bedoeïenen eisen gelijke rechten

In de Sinaïwoestijn klinkt de roep om gelijke rechten steeds luider. Egyptische Bedoeïenen willen naar eigen zeggen niet langer tweederangsburgers zijn en eisen dezelfde rechten als hun landgenoten. Bedoeïenen zijn over het algemeen een stuk armer dan de gemiddelde Egyptenaar, de verschillende stammen leven op gespannen voet met de Egyptische overheid die hen niet vertegenwoordigt en vinden amper werk in hun eigen regio.


Het Sinaï schiereiland. Grotere kaart weergeven

Sinaï is vooral gekend als de bijbelse ontmoetingsplaats van Mozes en God, anderen kennen eerder van exotische oorden zoals Sharm el Sheikh aan de Rode Zee. Maar het is tevens de heimat van de Egyptische Bedoeïenen. Er leven naar schatting 380.000 Bedoeïenen (letterlijk ‘woestijnbewoners’) op het Sinaï schiereiland, verdeeld in 12 stammen over een oppervlakte van bijna vierduizend vierkante kilometer.

Een van hen is de 35-jarige Moussa Al Dalah. Hij sleepte zijn werkgever voor het gerecht wegens discriminatie. ‘Personeel uit andere delen van het land worden beter behandeld en en beter betaald. Ik heb aan mijn baas gezegd dat de Sinaïbedoeïenen deze vernedering niet eeuwig zullen blijven accepteren’, vertelt hij aan IRIN. En zo hoort men steeds vaker verhalen van Bedoeïnen die als tweederangsburgers worden behandeld.

Smokkelwaren

De werkloosheid onder de Bedoeïenen ligt enorm hoog. Slechts 15,5 procent van alle personeel in de hotels van in Sharm el Sheik zijn Bedoeïen. Uit een onderzoek naar de armoede-effecten van toerisme in Sinaï blijkt dat veel hotelmanagers een gebrek aan discipline bij Bedoeïenen opgeven als verklaring voor de weinige Bedoeïnen onder hun personeel. ‘Dergelijke negatieve stigma’s zijn wijd verspreid onder de Egyptische bevolking’, zo vervolgt het rapport.

Doordat ze weinig kans maken op een job, vormt de smokkel van allerlei goederen en personen vaak een aantrekkelijk alternatief. Auto’s -steeds vaker met Libische nummerplaat-, olijven, marihuana en wapens worden door tunnels onder de Egyptisch-Israelische grens door naar de Gazastrook gesmokkeld.

Die nabijheid van Israel is eveneens problematisch. Sinaï ligt gevangen tussen Israel en Egypte. Bij oorlog tussen de twee landen fungeerde het schiereiland meermaals als slagveld. Dat zorgt voor een pak frustratie bij de Bedoeïenen, die zich aan hun lot overgelaten voelen door de Egyptische overheid. Het verhaal dat verschillende stammen naar verluid zouden hebben gecollaboreerd met de Israëlische bezetter in 1967, versterkt alleen maar het negatieve beeld van de Bedoeïenen.

Verdreven door toeristen

De Bedoeïenen voelen zich in de steek gelaten door de Egyptische overheid
Met meer dan twee miljoen bezoekers per jaar is de regio vandaag een erg populaire vakantiebestemming. Egyptenaren uit de Nijlvallei hebben de voorbije jaren steeds grotere stukken grond in het zuiden van de Sinaïwoestijn ingepalmd om zo ook een graantje mee te pikken van de lucratieve toeristische sector. Hierdoor verloren de oorspronkelijk nomadische volkeren echter grote delen van hun grond. Hun seminomadische bestaan maakt het erg moeilijk om hun eigendomsrechten hard te maken.

De overheid viseert de Bedoeïnen ook in de strijd tegen het terrorisme. Zo worden Bedoeïenen ervan verdacht zelfmoordterroristen over de Egyptisch-Israelische grens te smokkelen. De voorbije zes jaar werden tevens regelmatig Bedoeïenen -ten onrechte- gearresteerd op verdenking van terroristische aanslagen. In maart dit jaar werden nog meer dan 120 politieke activisten uit Sinaï vrijgelaten nadat ze ten onrechte vastgehouden werden. Ook dit draagt bij aan het gevoel van vervreemding en verbittering.

Wetteloos

De Bedoeïenen versterken echter zelf ook deels hun reputatie als outlaws. Reeds eeuwenlang zwerven ze door de woestijn, met weinig aandacht voor de verschillende landsgrenzen. En hoewel het moderne leven hen meer sedentair maakte, blijven ze vasthouden aan bepaalde gewoontes. Zo beschouwen de Bedoeïnen de uitspraken van Egyptische rechtbanken als ongeldig, en beslechten ze hun tribale geschillen liever door gewoonterecht.

De politie blijft de laatste tijd ook ver weg van wat de ‘Bedoeïenensteden’ wordt genoemd, uit angst voor onlusten. De afgelopen maanden, tijdens de protesten tegen Moebarak, kwam het ook in Sinaï enkele keren tot harde confrontaties tussen veiligheidstroepen en Bedoeïenen.

De laatste jaren heeft de regering een aantal stappen gezet om de economische situatie de Bedoeïenen te verbeteren, zoals subsidies voor olijfboeren, steun voor coöperatieve verenigingen en –beperkte- hulp bij het terugvorderen van gronden.

Toch blijven de nomadische stammen een stuk armer dan de gemiddelde Egyptenaar en worden door velen als tweederangsburgers beschouwd. Maar indien er nog Moussa Al Dalah volgen die de situatie van hun volk blijven aanklagen, kan daar in het nieuwe Egypte post-Moebarak misschien verandering in komen.

Maak MO* mee mogelijk.

Word proMO* net als 3306   andere lezers en maak MO* mee mogelijk. Zo blijven al onze verhalen gratis online beschikbaar voor iédereen.

Ik word proMO*    Ik doe liever een gift