'We hebben een design nodig waarin natuur, stad en cultuur elkaar ontmoeten’

Een sprietje leefbaarheid tussen de woontorens van Hongkong

© Martin Bertrand

 

‘We zijn politieke en sociale wezens, maar we zijn ook levende wezens. Ons voortbestaan hangt af van de natuurlijke systemen. We hebben een design nodig waarin natuur, stad en cultuur elkaar ontmoeten.’ Dichtbevolkt Hongkong experimenteert daar volop mee.

Ruimte en natuur zijn een kostbaar goed in onze nieuwe anderhalvemetercultuur. Maar net die twee zaken zijn uitermate schaars geworden in een wereld van 7,8 miljard mensen, waarvan meer dan de helft in steden woont. Een van de dichtst bevolkte plekken is Hongkong. Met zijn gemiddeld 6700 inwoners per vierkante kilometer is het meer dan tien keer dichter bevolkt dan Vlaanderen.

Misschien net daarom dat de Hongkongers, die vaak wonen en werken in torens, zo snakken naar groen en grond. De autonome regio bruist van de initiatieven voor stadsmoestuinen.

De Franse fotograaf Martin Bertrand trok naar Hongkong en bezocht vijf projecten van bloeiende kavels tussen en op de kantoor- en woontorens. Hij maakte beelden van tuinierende Hongkongers op het Hysan Place-gebouw, het eerste groene gebouw van Hongkong (sinds 2012). Het dak van de 204 meter hoge toren werd voorzien van moestuinen, en ook de rest van het gebouw kreeg een ecologisch design, met maximale lichtinval en planten die het afvalwater zuiveren.

Ook een prestigieuze gated community zoals Paradise Palace heeft, naast eigen winkels, restaurants en zwembaden, een dertigtal percelen voor moestuinen. Het inwonende huispersoneel kan er voor eigen gebruik groente, fruit en kruiden verbouwen. En de foto links is genomen op een perceel in de Urban Oasis-tuin op het Kowloon-schiereiland. Daar is plaats voor 350 tuintjes, te huur voor telkens zes maanden.

Meestal gaat het om gemeenschapsprojecten waar mensen voor een aantal maanden een perceeltje kunnen huren. De bedoeling is opnieuw voeling te krijgen met de natuur, met de herkomst van onze voeding en met elkaar. Dankzij de moestuinen leren kinderen dat sla en tomaten niet enkel uit de supermarkt komen.

Hongkong mag dan een hub van internationale handel en financiële diensten zijn, tijdens de pandemie zijn de moestuinen in de eerste plaats een plek waar mensen elkaar in kleine groepjes ontmoeten en de handen vuil kunnen maken. Rendement is niet de eerste prioriteit van deze stadstuintjes, maar ze leveren wel een wezenlijke bijdrage aan duurzaamheid in de steden. ‘In Hongkong gaat het niet alleen om het vergroenen,’ zegt fotograaf Bertrand, ‘het gaat ook om het leefbaar maken van de stad.’

In de jaren 1950 produceerde Hongkong zelf nog genoeg voedsel om in het eigen onderhoud te voorzien. Vandaag besteedt de autonome regio 5,26 procent van zijn bruto nationaal product aan het aanvoeren van eten voor zijn bewoners. Vers voedsel komt vooral uit China, maar groenten en fruit worden ook geïmporteerd uit andere Aziatische landen. Diepvriesproducten komen uit Brazilië, Australië en de Verenigde Staten, diepgevroren vis uit Noorwegen.

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Voeding is de leidraad om alle grote kwesties van deze tijd op te lossen, stelt de Britse architecte Carolyn Steel in haar recente boek Sitopia (van het Griekse sitos, zaad, en topos, plaats). Onze relatie met de natuur, onze gezondheid, arbeidsverdeling, de ongelijkheid. ‘COVID-19 is een catastrofe, maar het is ook een kans om een radicale omslag te maken in de manier waarop we denken over een goed leven’, zei Steel in een interview met het magazine Monocle.

Kleine initiatieven die tonen hoe we een nieuw leven kunnen opbouwen via onze voedselproductie en bevoorrading, doen ons inzien dat elke persoonlijke actie helpt om meer veerkrachtige systemen te maken.

Steel verwijst naar Aristoteles in het interview: ‘We zijn politieke en sociale wezens, maar we zijn ook levende wezens. Ons voortbestaan hangt af van de natuurlijke systemen. Als we nadenken over de vraag wat een goede plek is waarin “politieke dieren” kunnen floreren, dan hebben we die combinatie nodig van samenzijn en van de natuur kunnen delen. We hebben een design nodig waarin natuur, stad en cultuur elkaar ontmoeten.’

Dit artikel werd geschreven voor het lentenummer van MO*magazine. Voor slechts 32 euro kan je hier een jaarabonnement nemen! Je kan ook proMO* worden voor slechts 4 euro per maand. Je krijgt dan ook ons magazine toegestuurd en je steunt daarmee ons journalistiek project. Opgelet: Knack-abonnees ontvangen MO* automatisch bij hun pakket.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3153   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Latijns-Amerika & ecologie
    Alma De Walsche schrijft over ecologische thema’s, van klimaat- en energiebeleid, over landbouw- en voedsel tot transitie-initiatieven en baanbrekers. Ze volgt al enkele decennia Latijns-Amerika, met een speciale focus op de Andeslanden.