Inzetten op agro-ecologie in Guatemala

En dat de Guatemalteken zot zijn van vuurwerk! Bijna dagelijks gaat er hier een Chinese rol vuurwerk af, maar op oudejaarsnacht leek het wel of de oorlog opnieuw uitbrak. Hier wordt het nieuwe jaar *Knallend* ingezet! Dat Guatemalteekse jaar telt voor mij nog negen maanden. In die tijd hoop ik te bevallen van een interne handleiding over de agro-ecologische praktijken die FECCEG promoot. Het doel is om de aanwezige kennis van de vijf technici te verzamelen en de discussie te openen of we op de goede agro-ecologische weg zijn.

  • ©Mo*/ Ellen Velkeneers ©Mo*/ Ellen Velkeneers

Naast mijn aanwezigheid, steunt Broederlijk Delen ook financieel voor het promoten van agro-ecologische praktijken. Broederlijk Delen doet wereldwijd aan plattelandsontwikkeling en kiest daarbij voor de agro-ecologische benadering. “Agro-ecologie verbetert het landbouwsysteem door natuurlijke processen na te bootsen en zo te zorgen voor gunstige wisselwerkingen in het landbouw-ecosysteem” (3). Dit door middel van recyclage van de voedingsstoffen, goedaardige interacties, genetische diversiteit en optimaal gebruik van de hulpbronnen.

Optimalisatie van het landbouwsysteem is noodzakelijk om het duurzaam te laten voortbestaan. Agro-ecologische velden blijken zich ook sneller te herstellen na een negatieve impact, zoals na de orkaan Mitch in Guatemala, 1998 (4). Bovendien draagt diversificatie bij aan de voedselzekerheid en ligt de productiviteit per eenheid land en per eenheid energie hoger, indien de agro-ecologische praktijken holistisch toegepast worden. Daarbij komt nog dat de boer minder afhankelijk is van externe inputs, wat een duidelijk prijsvoordeel oplevert. Tenslotte, van de 525 miljoen boerderijen wereldwijd zijn 90% kleinschalige bedrijven met minder dan 2ha land, een belangrijke bron van werkgelegenheid (5). Agro-ecologie zorgt via zijn sociale beweging voor het erkennen van deze professionele bezigheid en voor het recht op autonomie.

In Guatemala werkt 40% van de bevolking in de landbouwsector. Hiervan overleeft ongeveer 70% van de kleinschalige landbouw. Agro-ecologie is geen nieuw gegeven in Guatemala, want archeologen stellen dat het reeds in pre-koloniale tijden beoefend werd. Desondanks gebruikt vandaag minder dan 0,5% van de landbouwers een agro-ecologische aanpak. Een pijnlijk gegeven want met de vele klimatologische risico’s en de instabiele markt is het inzetten op slechts één gewas, in dit geval koffie, een risicovolle onderneming. Met slechts één oogst per jaar kan een ziekte (zoals de koffieroest), een gezin nog dieper de armoede induwen. Enkele harde cijfers: meer dan de helft (54%) van de bevolking leeft onder de armoedegrens en 30% van de Guatemalteken is chronisch ondervoed. Daarom promoten ook andere Guatemalteekse partners zoals Redsag, Serjus, Red Kuchub’al, Afopadi, Ammid en Plataforma Agraria agro-ecologische landbouw bij hun doelgroepen.

FECCEG

FECCEG ondersteunt zijn producenten via technische bijstand en workshops. Hoofdthema hier is de biologische teeltwijze met behulp van producten uit de “biofabrica” (lokale mini-fabriekjes voor productie van meststoffen en pesticiden dankzij gistingsprocessen). Ook wordt er sterk gefocust op diversificatie: bijenteelt, het opstarten van kleine moestuintjes voor eigen consumptie en het houden van geiten.

Bovendien verzorgen de technici de communicatie tussen de burelen van FECCEG en het veld, waar er per aangesloten organisatie ook een lokale vertegenwoordiger is. Deze communicatie is broodnodig om de koffie tot bij FECCEG te krijgen, waar ze geclassificeerd wordt voor export naar de USA. Tenslotte doen ze ook al het lokale papierwerk om de biologische en fair-trade certificaten te kunnen behalen. Noodzakelijk voor de extra winst die geherinvesteerd kan worden in de technische ondersteuning en die dient als motivatie voor de producenten.

Bezoekjes brengen aan de gemeenschappen, workshops geven en communiceren met de “headquarters”. Het lijkt een droomjob? Mijn collega’s doen hun werk graag, maar onderschat het niet! FECCEG koopt koffie van kleinschalige boeren die in afgelegen gebieden wonen en waar Spaans vaak niet de moedertaal is. Hun wereld staat mijlenver af van daar waar uiteindelijk het kopje koffie geconsumeerd zal worden. Deze valkuilen moeten overbrugd worden en de toepassing van sociale pedagogie blijkt in de realiteit nog een groot werkpunt door de voornamelijk technische scholing.

De vraag is dus niet alleen; hoe een interne handleiding over agro-ecologie schrijven? Maar vooral; hoe ervoor zorgen dat de technici de kennis en de praktijken van de lokale producenten waarderen en indien nodig tot een gezamenlijke conclusie komen dat enkele zaken anders moeten (bijvoorbeeld het foutief gebruik van chemicaliën, nadelig voor de eigen gezondheid en het milieu). Het maken van een interne handleiding wordt dus gezien als een leerproces, waarbij ook ik elke dag iets opsteek. Daarom hou ik jullie graag op de hoogte van de vorderingen en bedenkingen in 2015.

Gebaseerd op: (1) Dalemans J., Achtergronddossier “Honger-Voedselzekerheid” Broederlijk Delen, 2012, p36 (2) Dalemans J., Achtergronddossier “Plant de toekomst” Broederlijk Delen, 2013, p33

Specifieke bronnen: (3) Bioforum Vlaanderen, 2013 (4) De Schutter O., Van Locqueren G., The New Green Revolution How Twenty-First-Century Science Can Feed the World, 2011 (5) IAASTD, Agriculture at a crossroads, 2008

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 3146   proMO*’s steunen ons vandaag al. 

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur