Maken cryptomunten sancties onschadelijk?

Zijn overheidsplannen voor cryptomunten een teken dat ook staten vertrouwen in financieel systeem verliezen?

public domain (CC0)

 

De overheid van Venezuela of Iran die een cryptomunt opricht om sancties te omzeilen, je zou je haast in een James Bond film wanen. Niettemin komt dit scenario vandaag steeds vaker voor.

Ondanks dat cryptomunten, munten dus zoals Bitcoin, origineel een anti-staat insteek hadden, worden ze steeds populairder bij overheden, ook in het Globale Zuiden. Zeker voor overheden die uitgesloten zijn uit het internationale financiële systeem, bijvoorbeeld door sancties, bieden ze een oplossing.

Daarom experimenteren landen zoals Venezuela, Iran en Rusland, Noord-Korea en zelfs de Koerdische regio in Noord-Syrië er vandaag mee. Maar het gaat ook breder, zelfs landen zoals Estland en Zweden willen eigen cryptomunten oprichten.

Cryptomunten en sancties

‘Ik zie zeker een trend’, vertelt Bart Preneel hoogleraar aan de KU Leuven, waar hij onderzoek doet naar cryptomunten. ‘Met cryptomunten zoals Bitcoin kan je natuurlijk controles op kapitaal omzeilen. Het is een typische manier om dit soort controles onschadelijk te maken.’

Maar wat zijn cryptomunten? Het zijn digitale munten die als handelsmiddel dienen, en die voor hun betrouwbaarheid op cryptografie steunen. Meestal steunen ze op een technologie genaamd blockchain, en zijn ze decentraal: er is dus geen centrale bank die alles controleert.

Maar nu kijken centrale partijen meer en meer naar cryptomunten. ‘Cryptomunten werken vaak pseudoniem’, vertelt Preneel. ‘Ze zijn dus doorgaans niet volledig anoniem, maar ze werken op basis van pseudoniemen. Dus in principe kan je niet onmiddellijk traceren waar betalingen vandaan komen.’

En dat principe laat je niet enkel toe om overheden te omzeilen, maar ook om het bestaande financiële systeem voorbij te steken. ‘Geld is altijd verbonden met soevereiniteit’, vertelt Ole Bjerg, professor aan de Copenhagen Business School gespecialiseerd in het concept geld. ‘Als je niet wil of kan deelnemen aan ons dollar-centrische financiële systeem, dan zijn cryptomunten aantrekkelijk. Via cryptomunten moeten bepaalde landen niet vertrouwen op instellingen zoals westerse financiële verwerkingssystemen en controlemechanismen.’

Petro

Het meeste bekende en beruchte voorbeeld van zo’n staatsgeleide cryptomunt is de Venezolaanse Petro. De Venezolaanse overheid kondigde de munt aan in februari 2018, en het systeem is al notoir onbetrouwbaar gebleken.

Hugoshi (CC BY-SA 4.0)

Het meeste bekende en beruchte voorbeeld van zo’n staatsgeleide cryptomunt is de Venezolaanse Petro. De Venezolaanse overheid kondigde de munt aan in februari 2018, en het systeem is al notoir onbetrouwbaar gebleken.

‘Toen ik er voor het eerst over hoorde dacht ik dat het een gedachtespinsel zou blijven’, vertelt Marc Bessems, Latijns-Amerika correspondent voor de Nederlandse omroep NOS. ‘Maar sindsdien hoor ik van contacten dat het al iets uitgebreider werd. Niettemin ken ik niemand die daadwerkelijk Petro bezit.’

De munt zou een waarde hebben die verbonden is aan de prijs van olievaten in een, nog onontgonnen, olieveld voor de kust van Venezuela. Maar de munt bleek sindsdien erg onbetrouwbaar te zijn.

De overheid lanceerde de Petro zo al verschillende keren, het technische voorstel voor het systeem erachter veranderde al meermaals en er zijn twijfels of de Petro echt bestaat. Zo kan je normaliter transparant het bestaan van zo’n munt controleren, dankzij de blockchain-technologie, maar voor de Petro blijkt dit moeilijk.

‘Venezuela zit natuurlijk met sterke sancties en de keldering van de waarde van hun munt’, vertelt Bessems. ‘Dus in die context is zo’n cryptomunt een aantrekkelijk alternatief. Niettemin heb je om een munt op te bouwen vertrouwen nodig. En als er één ding is dat de Venezolaanse overheid verspeelde dan is dat het vertrouwen van haar burgers en de markt.’

Iran en de cryptoroebel

Maar het gaat breder dan de Petro. Iran kondigde deze zomer aan dat ze een eigen cryptomunt zouden oprichten, specifiek om Amerikaanse sancties te omzeilen. Rusland steunt ondertussen Iran en Venezuela in hun crypto-plannen, en het land kondigde zelfs al een “cryptoroebel” aan. Daarnaast werkt Noord-Korea met cryptomunten. Zo zouden een heel aantal diefstallen van bestaande cryptomunten terug te brengen zijn naar Noord-Koreaanse hackers.

Maar ook de Koerdische regio Rojava in Noord-Syrië experimenteert er mee. Zo liggen ze langs alle kanten onder vuur van Turkije, Iran, Syrië en Irak. En met cryptomunten hopen ze hun economie in gang te houden. ‘De kost om vandaag een transactie met Istanboel te doen bedraagt 10%’, vertelt Samir Taaki, een vroeg bitcoin-ontwikkelaar en vandaag betrokken bij cryptomunten in Rojava in een interview. ‘We geloven dat met cryptomunten we deze kost naar 2% kunnen doen dalen overal ter wereld.’

Van libertairen naar overheden

Niettemin blijft dit een tegendraads concept. Cryptomunten zoals Bitcoin ontstonden in libertaire milieus die overheden wantrouwden en centrale banken wilden omzeilen. Dat overheden nu cryptomunten oprichten is dus niet vanzelfsprekend.

‘Ik zou oppassen om het cryptomunten te noemen als een overheid ze uitschrijft’, stelt Ole Bjerg. ‘Ik verkies de term digitaal geld. Niettemin denk ik niet dat dit een tegenstelling is. De initiële oprichters van Bitcoin waren niet alleen tegen centrale banken maar tegen het hele bankensysteem. En via digitale munten kunnen overheden dat systeem omzeilen.’

Preneel bevestigt dat: ‘als een overheid een cryptomunt maakt ligt het inderdaad dichter bij klassiek geld, net omdat het gecentraliseerd is. Niettemin kunnen overheden ook profiteren van de systemen achter cryptomunten.’

public domain (CC0)

 

Hyperinflatie

En het zijn niet enkel overheden in het Globale Zuiden die traditionele monetaire systemen willen ontwijken. In landen met hyperinflatie grijpen burgers steeds vaker naar cryptomunten. Na een economische crisis in Zimbabwe kochten de bewoners van het land bijvoorbeeld cryptomunten om hun inkomen veilig te stellen.

Ironisch genoeg is Venezuela daar opnieuw een interessant voorbeeld van. ‘Er is een tijdje een hype geweest in Venezuela om Bitcoins te minen’, vertelt Marc Bessems. “Minen” is het systeem waarmee je de cryptomunt kan bijmaken door een computer wiskundige formules te laten oplossen. ‘Dat was toen interessant omdat de elektriciteit goedkoop was, en de Bolivar steeds meer in waarde daalde.’

‘Voor ons westerlingen is bijvoorbeeld Bitcoin natuurlijk te volatiel om in het dagelijkse leven te gebruiken’, vertelt Preneel. ‘Maar als je in een land leeft met hyperinflatie, dan kan Bitcoin net de stabielere optie zijn.’

Voor Bessems is de Petro vooral een symptoom van een maatschappij die een gezonde relatie met officieel geld verloor. ‘De geldmarkt in het land is bizar’, vertelt hij. ‘Voor de hervorming van de munt van enkele maanden terug kon je bijvoorbeeld dagelijks niet genoeg cash uit de bank halen om een ritje heen en terug op de bus te kopen. Dus dan moet je naar de zwarte markt, of zoveel mogelijk digitaal betalen.’

En dat gaat soms heel ver. ‘Ik interviewde ooit een Venezolaanse jongen die dagenlang online spelletjes speelde, om dan het virtueel geld van die spelletjes voor dollars door te verkopen aan spelers in rijke landen. Ze doen echt alles om de Bolivar te ontwijken.’

Estland en Zweden

Maar niet alleen overheden die buiten het globale financiële systeem staan kijken naar cryptomunten. Landen zoals Estland en Zweden experimenteren er ook mee.

Zo kondigde Estland eind 2017 dat ze een eigen cryptomunt, de “Estcoin” wilden maken, maar na kritiek vanuit de Europese Centrale Bank stopten ze het plan. Tegelijk wil de Zweedse nationale bank een digitale munt oprichten, net om papierloos betalen aan te moedigen.

‘De Zweden geloven dat fysiek geld zal wegvallen’, vertelt Ole Bjerg. ‘En ze verwachten digitaal geld nodig te hebben om competitief te blijven.’

Voorlopig zijn overheid-gedreven cryptomunten nog toekomstmuziek, en geen enkel land slaagde erin om een echt succesvolle digitale munt te bouwen. Maar niettemin zijn de mogelijkheden wel groot. ‘Eens één land het succesvol doet dan is het hek van de dam’, vertelt Ole Bjerg. ‘En misschien zal een westers land zoals Zweden de eerste zijn. Maar zoniet zullen landen buiten het westen de mantel overnemen.’

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Freelance journalist

    Tom Cassauwers is freelance journalist en schrijft over technologie en wereldpolitiek. Hij verscheen al onder andere in MO*, Datanews en Knack.