Op de Internationale Dag van de Persvrijheid is China even géén grootmacht

Terwijl de Chinese middenklasse blijft groeien en het land hardop droomt van een leiderschapsrol op het geopolitieke toneel, draait Beijing de duimschroeven van de media steeds strakker aan. ‘Je moet je altijd afvragen of het verhaal opweegt tegen de consequenties.’ Op de Internationale Dag van de Persvrijheid is China even géén grootmacht.

© The Caravan's Journal

 

‘Het spijt me verschrikkelijk. Maar ik zal je verzoek tot een interview moeten afwijzen. Welcome to the world of Chinese media’, laat een journalist van een kritische Chinese nieuwswebsite per e-mail weten. Wie twee weken lang spreekt met Chinese journalisten, komt een hoop te weten: gevoed door de onstilbare drang hun samenleving van waarheid te voorzien, vinden ze manieren om tussen de strakke censuurlijnen van het land heen te zwemmen. Zo publiceren ze toch over corruptie, slecht overheidsbeleid en andere misstanden. Maar zodra de recorder aangaat, doven de stemmen. Hun werk wordt steeds lastiger.

Het Chinese mediaregime is met het aantreden van partijvoorzitter Xi Jinping alleen maar strikter geworden. Meer dan honderd journalisten en bloggers zitten op dit moment gevangen, zegt Reporters without Borders. Dagelijks krijgen hoofdredacteuren in China instructies van de Communistische Partij en het staatsbureau voor internetaangelegenheden, waarin staat wat wel en absoluut niet gepubliceerd mag worden.

De Aziatische grootmacht verkeert in direct gezelschap van Syrië en Noord-Korea als het op vrije pers aankomt. 

Op de jaarlijkse persvrijheidslijst die Reporters without Borders vorige week publiceerde, bungelt China helemaal onderaan, op plek 176. Van de 180 landen. Dat is 28 plekken lager dan Rusland en precies vijftig plekken lager dan Qatar. De Aziatische grootmacht verkeert in direct gezelschap van Syrië (177) en Noord-Korea (180) als het op vrije pers aankomt.

Reporters without Borders wijst naar de in 2013 aangetreden leider van het land als oorzaak: ‘President Xi Jinping is de aanstichter van beleid dat erop gericht is om complete controle over het nieuws te verkrijgen.’

Mogen, moeten, vermijden, verboden

Wie willekeurig een Chinese krant openslaat of nieuwswebsite bezoekt, vindt verhalen over de Nieuwe Zijderoute. Hét infrastructurele prestigeproject van president Xi dat moet slagen maar door sommige internationale commentatoren economisch in twijfel wordt getrokken. Binnen de redactiemuren van een Chinese nieuwswebsite in Beijing zuchten ze diep. ‘Ja, we schrijven nu dagelijks over de Nieuwe Zijderoute. Het onderwerp zijn we al lang zat maar we moeten er over schrijven van bovenaf.’

Aan het woord zijn enkele van de meest kritische Chinese journalisten van het land. Die door slim te balanceren tussen onafhankelijke journalistiek en op tijd meebuigen met de gevestigde orde, al meer dan tien jaar voor een miljoenenpubliek schrijven over corruptie, vogelgriep, slechte overheidsaanbestedingen en het veelvoud aan frauduleuze academische papers waar China in grossiert. Dit soort media overleeft door het naleven van een aantal regels: beschuldig nooit direct de Communistische Partij, maar schrijf kritisch over bepaalde wetten of handelingen. Een corrupt lid staat los van het systeem en is slechts een rotte appel.

Een beproefde methode is dat grote onderzoeken waarvan de hoofdredactie aanvoelt dat ze te gevoelig liggen, worden uitgesteld tot het moment waarop de overheid officieel melding maakt van het nieuwsfeit. Zo gebeurt het wel eens dat gigantische achtergrondverhalen over corruptie, waar maandenlang onderzoek voor nodig is, een halfuur verschijnen nadat het nieuws door de Communistische Partij bekend is gemaakt.

‘Goede Chinese journalisten verlaten het vak en de redacties worden op die plekken steeds jonger, onervarener en volgzamer.’

‘Er zijn een aantal zeer indrukwekkende journalistieke organisaties die zo overleven terwijl andere titels inmiddels kapot gecensureerd zijn’, zegt Jon Kaiman, correspondent van de LA Times. Het hanteren van slimme interne regels waarmee constant de rode lijn wordt opgerekt maar niet overschreden, noemen hij en zijn collega’s ‘vragen om vergeving in plaats van toestemming.’ Wie dapper genoeg is kan dat proberen, daarnaast geldt dat de bedrijven en hoofdredacteuren van kritische media door goede contacten vaak net iets meer mogen dan anderen. ‘Op kritische redacties zijn overal voelsprieten aanwezig; er wordt constant besproken wat net wel en net niet kan’, zegt Ben Dooley, correspondent voor AFP. ‘De hoofdredacteuren hebben vaak korte lijntjes met De Partij en kunnen zo vaak net iets meer maken.’

Al blijft het spelen met vuur en worden de lijnen waarbinnen bewogen kan worden steeds smaller. Volgens Dooley heeft dat ertoe geleid dat steeds meer kritische Chinese journalisten afhaken: ‘Vroeger konden ze de rode lijn oprekken, maar sinds het aantreden van Xi gebeurt dat steeds minder. Goede Chinese journalisten verlaten het vak en de redacties worden op die plekken steeds jonger, onervarener en volgzamer.’

Het succes van intimidatie

Zeer recent nog bleek dat zelfs de kritische nieuwsmedia niet ontkwamen aan een dringende oproep van de Chinese media-autoriteiten om de miljardair Guo Wengui te bekritiseren. De naar Amerika gevluchte zakenman beschuldigt Chinese leiders veelvuldig van corruptie en is zo het doelwit geworden van een agressieve mediacampagne. Uit een uitgelekte memo van 29 april blijkt dat alle media is verboden ook maar iets te publiceren over het onderwerp zonder uitdrukkelijke toestemming. Doorgaans kritische redacties die toestemming hebben gekregen vallen de dissident in lange en goed uitgezochte stukken aan en werken zo mee. ‘Bij het maken van dit soort artikelen is er constant contact met de overheid’, zegt een journalist.

Screenshot China Digital Times

China Digital Times is een van de websites waar de gelekte censuurinstructie is gepubliceerd.

De Chinese overheid wordt steeds succesvoller in het bijsturen en intimideren van journalisten en hun bronnen. Dat merken ook de buitenlandse journalisten. Met name onafhankelijke experts als academici liggen onder een vergrootglas en durven nog maar nauwelijks te praten, zegt Kaiman. ‘Even een waterexpert bellen zoals vroeger zit er niet meer in. Voor hen is het risico om mee te werken te groot geworden.’

Vrijwel iedereen is het erover eens dat het kantelpunt het aantreden van president Xi is geweest, die een stuk autoritairder is en nog meer macht rond zijn persoon wil consolideren

De Foreign Correspondent’s Club of China (FCCC) telt bijna driehonderd leden en rapporteert jaarlijks over de werkomstandigheden in het land. Volgens hen lopen gewone burgers veel gevaar wanneer ze meewerken met journalisten: ze worden bedreigd, gearresteerd of in een zeldzaam geval in elkaar geslagen. ‘Je moet je altijd afvragen of het verhaal opweegt tegen de mogelijke consequenties’, zegt Dooley. Volgens Kaiman gebeurt het daarom ook maar zeer zelden dat gewone burgers met naam en toenaam worden vermeld door hem en zijn collega’s. ‘Dat is iets wat ik in het Westen nooit zou kunnen doen maar hier moet dat.’

Voor eigen lijfbehoud zijn Kaiman en Dooley niet bang. ‘In het begin werd ik vaak gearresteerd’, zegt Kaiman. ‘Toen werkte ik voor The Guardian vanuit het platteland van China waar de controle veel strenger is. Inmiddels ben ik meer ervaren in het handhaven van een low-profile­, ook werk ik vaker met assistenten die verkennend werk doen en minder opvallen dan ik.’ Ook Dooley is niet onder de indruk van zijn verhoren bij de politie, het is vooral heel vervelend. Een nieuwe collega van hem werd vorige week nog meegenomen door de politie toen hij een rechtszaak wilde verslaan over mensenrechten. ‘Na een paar uur ondervragen kon hij weer gaan. Er gebeurt eigenlijk niets maar de strategie werkt: het verhaal waarvoor je op pad was kan je niet meer maken.’ Volgens de FCCC overkomt zoiets 57 procent van de buitenlandjournalisten in China en geweld daarbij neemt toe.

Een BBC journalist probeert een onafhankelijke politicus te interviewen als uit het niets mannen opdoemen die het gesprek verstoren, de camera bedekken en de journalist wegduwen.

Het ergste wat een correspondent kan overkomen is dat plots een visum niet meer wordt verlengd, iets wat journalisten van Bloomberg, Al Jazeera en The New York Times de afgelopen jaren is overkomen. Het slaat een gat in de objectieve berichtgeving en is voor de betrokkenen vervelend, maar onvergelijkbaar met het risico dat Chinezen lopen wanneer ze journalisten assisteren, voor hen vertalen of ergens de klok over luiden.

Aaron Guy Leroux (CC BY-NC-ND 2.0)

Het einde van de hoop heet Xi

Internationale organisaties zien het met lede ogen gebeuren. Zeker omdat er na de Olympische Spelen van 2008 een paar hoopvolle stappen waren gezet: buitenlandse journalisten konden naar meer plekken in het land afreizen en hoefden niet meer begeleid te worden door overheidscontroleurs. ‘Maar dat hoopvolle proces wordt nu langzaam weer afgebroken’, zegt de FCCC. Vrijwel iedereen is het erover eens dat het kantelpunt het aantreden van president Xi is geweest, die een stuk autoritairder is en nog meer macht rond zijn persoon wil consolideren. Een jaar na zijn aantreden gaf geen enkel van de toen 243 FCCC-leden aan dat werkomstandigheden verbeterden. In het meest recent rapport noemt 98 procent het Chinese mediaregime in strijd met internationale standaarden.

Daar komt bij dat op elk incident dat het gigantische systeem zou kunnen doen wankelen, wordt geanticipeerd. Toen in 2011 bijvoorbeeld de Arabische Lente oplaaide, was dat voelbaar tot in Beijing, waar leiders zich alvast schrap zette tegen eventueel protest. ‘Dit is een zeer hiërarchisch land waar alles van bovenaf wordt aangestuurd. Dat betekent dat zodra De Partij nerveus wordt iedereen nerveus wordt. Dat sijpelt in alle gelederen van de samenleving door en zo gaan langzaam de luiken dicht’, zegt Kaiman.

Voor dit verhaal is gesproken met diverse Chinese journalisten, die onder geen beding met naam vermeld kunnen worden vanwege hun veiligheid.

Laat een reactie achter

Javascript is vereist om dit formulier te gebruiken.

LEES OOK

© Brecht Goris
Op het vlak van voetbal is China een dwerg, maar de Chinese president Xi is vastbesloten daar iets aan te doen, zegt Ching Lin Pang in haar eerste bijdrage als MO*columniste.
© Brecht Goris
Voor de herdenking van de Japanse gruwel in Nanjing in 1937 spaarde de Chinese overheid kosten noch moeite, zegt Catherine Vuylsteke.
© Brecht Goris
China is van de nieuwsradar verdwenen. Nochtans vinden er processen plaats tegen advocaten die de zwakken verdedigen.
CC BY 2.0 StudioTempura
Nieuwe rijkdom komt niet automatisch met een nieuw verworven recht op de vrijheid van meningsuiting. China is daar een goed voorbeeld van. 
Nooit meer tonen X

Ontdek

MO*nieuwsbrieven

Schrijf je in op onze gratis nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het belangrijkste mondiaal nieuws.

Facebook/Twitter

Blijf op de hoogte van het belangrijkste mondiaal nieuws.

MO*magazine

Abonneer je op ons unieke kwartaalmagazine voor slechts € 28.

Een abonnement nemen

MO*papers

Abonneer je op de gratis digitale achtergronddossiers (pdf) over actuele mondiale thema’s.