Europa blijft worstelen met ontwikkelingshulpnorm

De Europese Unie is nog altijd verdeeld over het
standpunt waarmee ze volgende week naar de internationale conferentie over
de financiering van ontwikkeling in Monterrey zal trekken. Alle Europese
landen zijn het erover eens dat er meer geld moet worden vrijgemaakt, maar
de zuinige landen willen dat de lat nauwelijks hoger wordt gelegd, terwijl
traditioneel gulle landen als Denemarken, Zweden, Nederland en Luxemburg een
groter engagement willen van de overige lidstaten.


Denemarken, Zweden, Nederland en Luxemburg zijn de enige EU-lidstaten die
meer dan 0,70 procent van hun bruto binnenlands product (bbp) aan
ontwikkelingshulp uitgeven - een norm die al in 1969 door de Verenigde
Naties werd vastgelegd. Gemiddeld gaven de 15 in 2000 maar 0,33 procent uit
aan ontwikkelingshulp. Duitsland (0,27 procent), Portugal (0,26), Oostenrijk
(0,23), Spanje (0,22), Griekenland (0,20) en Italië (0,14) vormen de
staartgroep.

De laatste jaren is de druk op de rijke landen toegenomen om de norm van 0,7
procent weer ernstig te nemen. Op de grote VN-conferenties die elkaar in de
jaren 90 opvolgden, beloofden de rijke landen steevast meer
ontwikkelingshulp vrij te maken om de kloof tussen Noord en Zuid te
verkleinen. Die kloof blijkt immers mee aan de basis te liggen van zowat
alle grote problemen waarmee de wereld worstelt - van de aftakeling van het
milieu over te hoge geboortecijfers en mensenrechtenschendingen tot heel wat
sociaal-economische ellende die migratiestromen en burgeroorlogen
veroorzaakt. Maar in de praktijk zetten de meeste industrielanden steeds
meer het mes in hun hulpbudgetten. Volgende week wijden de VN daarom een
hele topbijeenkomst aan het heikele thema. De EU levert samen met haar
lidstaten meer dan de helft van alle ontwikkelingshulp, en kan dus maar
moeilijk met lege handen in Monterrey aankomen.

Eind februari stelde De Europese Commissie voor dat de EU-landen die onder
het gemiddelde van 0,33 procent bleven, hun ontwikkelingsbudget tegen 2006
zouden optrekken tot dat gemiddelde. Als de andere landen intussen bij hun
huidige inspanningen blijven, zou de unie binnen vier jaar al 0,39 procent
van haar bbp aan ontwikkelingshulp uitgeven - een mooie stap in de richting
van de O,7-norm.

Maar de ‘zuinige’ landen voelden zich te zeer geviseerd door dat voorstel.
Duitsland voerde ook aan dat de commissie niet enerzijds de lidstaten kan
aanmanen guller te zijn en hun anderzijds op de vingers tikken omdat hun
begrotingstekort oploopt. Nederland, Zweden en Denemarken vonden dan weer
dat het met dit voorstel veel te lang gaat duren vooraleer de 0,7 wordt
gehaald.

Maandag raakten de Europese ministers van Buitenlandse Zaken het niet eens
over een compromisvoorstel van Spanje dat enigszins tegemoet komt aan de
gekrenkte trots van de zuinige landen. Volgens het Spaanse voorstel moeten
alle lidstaten die nog geen 0,7 procent van hun bruto binnenlands product
uitgeven aan ontwikkelingssamenwerking, stappen te zetten om die uitgaven op
te trekken - binnen de grenzen die de budgettaire beperkingen hun
opleggen. Daardoor moeten ook Finland, Frankrijk, Ierland en het Verenigd
Koninkrijk, landen die net onder het gemiddelde van 0,33 procent scoren, en
België dat met 0,36 procent al boven het gemiddelde zit, nog veel meer hun
best doen. De doelstellingen dat alle EU-landen tegen 2006 in principe
minstens 0,33 procent moeten halen en dat het gemiddelde dan 0,39 procent
moet bedragen, bleven behouden. Duitsland leek daarmee te kunnen instemmen,
maar Nederland en Zweden bleven het voorstel te minimalistisch vinden.
Nederland, dat 0,84 procent van zijn bbp uitgeeft aan
ontwikkelingssamenwerking, wil dat alle EU-lidstaten de 0,7-norm tegen 2010
halen. Met een gemiddelde van 0,39 procent als tussentijds doel voor 2006,
wordt de O,7 volgens Nederland pas in 2026 bereikt.

Volgens de Spaanse minister van Buitenlandse Zaken Josep Piqué is tijdens de
discussies van maandag wel al vooruitgang geboekt; de besprekingen worden
verder gezet in de hoop toch een akkoord uit de brand te slepen voor de
Europese Top van dit weekend in Barcelona.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift