Stilstaan is vooruitgaan

© Brecht Goris

 

Het nieuwe jaar is weer begonnen. Graag wens ik aan iedereen al het goede. En wat zou het goede kunnen zijn? Iets als: zin. Niet zozeer als in: ik heb zin in chocolade. Maar vooral als: ik voel de zin van de dingen die ik doe, ik voel dat de dingen zin hebben, dat we ergens naartoe gaan en dat mijn leven zinvol is.

Zin zoeken en zin vinden lukt je niet zomaar door iedereen achterna te hollen. Jezelf loslaten in de kooporgie van de kerst- of koopjesperiode leidt er niet noodzakelijk toe dat je existentiële onrust vermindert of dat je vertrouwen in de universele vredelievendheid van je medemens toeneemt. Het is een jaarlijks weerkerend bericht in het journaal, de dag na kerstmis.

Mensen die vertellen over de “foute” cadeaus die ze gekregen hebben of verhalen over aanbodpieken op tweedehandssites van spullen die men niet wil. Het maakt me droef. Gelovig ben ik niet, maar ik dacht dat kerstmis over iets anders ging. Misschien over iets als wachten op iets dat komt, een kind of een koning, en de deemoed die daarmee samenhangt. Even stilstaan dus, in plaats van jezelf nog meer te storten in datgene waaraan je wilde ontsnappen.

Stilstaan is achteruitgaan. Waarom herhalen we zo’n uitspraak vaak zo kritiekloos? Is het eigenlijk wel zo, dat stilstaan achteruitgaan is?

En dus de goede voornemens. Een goed voornemen dat ik ons als maatschappij zou willen toewensen, is dat we niet zomaar allerlei zogenaamde waarheden achterna praten. Waarheden die dan ook nog eens vaak te maken hebben met het jargon van managers. De maatschappij is echter geen bedrijf. Je bent geen betere mens als je in elke zevende zin die je zegt gruwelijke woorden als ‘uitrollen’ gebruikt. Waar het me om gaat, is de vanzelfsprekendheid waarmee we sommige uitdrukkingen laten passeren. Een daarvan is: stilstaan is achteruitgaan. Waarom herhalen we zo’n uitspraak vaak zo kritiekloos? Is het eigenlijk wel zo, dat stilstaan achteruitgaan is? Ja, soms wel natuurlijk, maar vaak ook niet. Om te weten of het al dan niet zo is, moet je af en toe even… stilstaan.

Als ik een aansluiting moet halen, en om een of andere kosmische reden blijft mijn trein net voor het station een kwartier stilstaan, dan is dat wel heel vervelend. Wat er echter op zo’n moment vaak gebeurt, is dat mensen ineens met elkaar beginnen te praten. Gewoon analoog, met elkaar, niet met hun apparaat. Ik herinner me ondertussen al heel wat mooie gesprekken in zo’n onverwachte momenten op onverwachte plekken. Het is alsof je dan tot een soort diepgang kunt komen omdat je weet dat je elkaar toch niet meer zult zien of zo. Die zogenaamd “verloren” tijd is dan zomaar waardevol geworden. Een eilandje van zin in een verder te drukke dag. Vooruitgang dus misschien wel.

Er zijn natuurlijk evidente voorbeelden van stilstand die vooruitgang zou zijn. Een Trumptweetstilstand zou een geweldige vooruitgang zijn. “Mijn rode atoomknop op mijn bureau is toch veel groter dan de jouwe, en ze werkt ook beter.” Als ik in het kader van mijn goede voornemens heel vriendelijk ben, zou ik zeggen dat ik mannen die praten over hun penis niet begrijp en dat ik er de zin niet van inzie, ook al is die zogenaamd opwaarts, of zoiets.

Een daling van de stijging of gewoon een effectieve daling van de uitstoot van broeikasgassen zou een geweldige vooruitgang zijn. Het interessante is evenwel dat de oorzaak van de stijging vaak een welbepaalde invulling van het streven naar vooruitgang is, met name het verlangen om meer te produceren en te consumeren. Want dat zou goed zijn voor “de” vooruitgang.

De economie moet zogenaamd groeien, want stilstaan zou achteruitgang zijn. Is dat wel zo? Als die vooruitgang ertoe leidt dat we het grondwater uitputten, de lucht vervuilen en de zee tot een plasticstort maken, dan is dat geen vooruitgang. Vroeger konden we onszelf nog wijsmaken dat we de maatschappelijke kost daarvan buiten onze boekhouding konden houden, nu zouden we beter moeten weten.

Een economie die in absolute termen de eigen voetafdruk verkleint en tegelijk de ongelijkheid tussen mensen vermindert, dat lijkt mij vooruitgang. Maar om dat in te zien, moet je even kunnen stilstaan in je hoofd. Onder meer om jezelf af te vragen wat de diepere zin is van het najagen van steeds meer hebben.

De politici die jarenlang de instap in alternatieve energiehebben vertraagd of verhinderd hebben in de feiten de stilstand als achteruitgang georganiseerd.

We moeten “de” innovatie bevorderen. Ook zo’n waarheid als een koe, zogenaamd. Maar is dat wel zo? Nee dus. Er bestaat immers niet iets als “de” innovatie, net zo min als er iets bestaat als “de” technologie. Er zijn innovaties. Elke innovatie of elke technologie past in wezen binnen een bepaalde ideologie of visie en binnen een welbepaalde machtsstructuur. Het is geen toeval dat je meer soldaten ziet om een kerncentrale te beveiligen dan bij een windmolen. Dat heeft met de aard van de technologie te maken. Het wezenlijke van de wet op de kernuitstap was niet enkel de uitstap uit de kernenergie maar vooral de instap in de alternatieven. Die politici die jarenlang die instap hebben vertraagd of verhinderd hebben in de feiten de stilstand als achteruitgang georganiseerd.

Je kunt onderzoeksmiddelen op Europees niveau steken in het ontwikkelen van innovaties die een gedecentraliseerde energieproductie op democratische wijze en door burgers gecontroleerd mogelijk maakt. Of je kunt die investeren in een gecentraliseerde energiebron, door grote bedrijven gecontroleerd, die vooral niet erg veerkrachtig is en potentieel erg gevaarlijk.

Het is natuurlijk allemaal een beetje complexer, maar het punt dat ik wil maken is dat je je altijd even moet afvragen of wat vanzelfsprekend lijkt dat ook is. Het is natuurlijk geen vooruitgang als er in ons land geen energiepact komt. Die stilstand is een stap terug. Maar het is wel goed dat je even stilstaat in je hoofd om je af te vragen welke vooruitgang we willen, via welke innovatie en via welke technologie, en in welke machtsstructuur we in het ene of het andere geval meespelen.

Als we blijven voorthollen in een steeds gekker wordend systeem dat ons in wezen niet gelukkiger maakt en dat onze planeet ver over de grenzen van het volhoudbare duwt, dan verliezen we allemaal

Als we blijven voorthollen in een steeds gekker wordend systeem dat ons in wezen niet gelukkiger maakt en dat onze planeet ver over de grenzen van het volhoudbare duwt, dan verliezen we allemaal, en onze kinderen en kleinkinderen al zeker. Als we niet anders durven denken dan dat er maar één weg zou zijn naar vooruitgang, omdat we niet durven stilstaan om ons even af te vragen of we wel de goede richting uitgaan, organiseren we de achteruitgang. Onderhuids beseffen dat het met die klimaatverandering en de uitputting van hulpbronnen verkeerd begint te gaan, maar je daarover geen zinsvraag durven stellen, dat bevordert de zinledigheid.

Misschien is het wel goed, en heel erg zinvol, om af en toe even stil te staan en ons af te vragen of de woorden en zinnen die we kritiekloos aannemen wel kloppen en of ze ons wel helpen om de zin te vinden van een waardig leven. Even stilstaan af en toe kan ons helpen om ons te bevrijden uit gekende maar gevaarlijke wegen. Echte vooruitgang rust in die vrijheid. En het gevoel hebben dat je een deel kunt zijn van het alternatief, dat geeft je zin in deze complexe tijden met nooit eerder geziene risico’s, maar ook met immense mogelijkheden om het anders te doen.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Beleidsmedewerker Federale Raad voor Duurzame Ontwikkeling

    Jan Mertens woont in Leuven, werkt voor de Federale Raad voor Duurzame Ontwikkeling, en is onder meer ook actief in de denktank Oikos.