Dossier: 

Amira Hass: 'Ik wil niet neutraal zijn tegenover de Israëlische bezetting, kolonisatie en apartheidspolitiek'

Haar ouders waren geen zionisten, zegt Amira Hass. Ze kwamen in Israël terecht omdat ze allebei overlevenden waren van de genocide tegen de joden tijdens de tweede wereldoorlog. Ze voelden dat er voor hen geen veilige plaats was in Europa. Van haar ouders erfde ze de strijdvaardigheid en het verzet tegen onrecht. Ze geeft dat vorm als Israëlische journaliste voor de progressieve krant Ha’aretz, vanuit Ramallah, het centrum van de Palestijnse Gebieden. Wij spraken met Amira Hass net voor de MO*lezing waaraan ze dinsdag 5 december deelnam. De tekst is een licht geredigeerde weergave van het interview.

© Brecht Goris

 

Hoe zorg je ervoor dat de echte werkelijkheid de hoofdrol speelt in je berichtgeving over Israël en de Palestijnen, eerder dan de propaganda die meestal bovendrijft?

Amira Hass: De eerste regel is: luister naar de mensen, haal je informatie bij hen, niet bij de overheden. En dan bedoel ik op de eerste plaats Palestijnen en Israëli’s die zich tegen de bezetting engageren. Ik keer dan ook de informatiehiërarchie om, want meestal worden officiële bronnen hoger gewaardeerd dan gewone mensen. Ik heb ook bijzonder weinig contacten met vertegenwoordigers van de overheid, wellicht omdat ik zo weinig in ruil te bieden heb.

‘De eerste regel is: luister naar de mensen, haal je informatie bij hen, niet bij de overheden’

Regel twee: ik gebruik zo weinig mogelijk het dominante discours. Ik zal bijvoorbeeld nooit schrijven over terreur, terrorisme of terroristen. Ik zoek wel andere manieren om mijn verontwaardiging over aanvallen op burgers uit te drukken. In het Hebreeuws kan je de term “aanslag” heel krachtig gebruiken zonder dat er terroristisch aan toegevoegd moet worden, maar bij de vertaling voor de Engelse editie van Ha’aretz voegt men er die term vaak wel aan toe. Ik vraag altijd om dat te schrappen -zo lang we het militaire geweld van Israël tegen Gaza niet terroristisch noemen. En zelfs indien we dat wel zouden doen, is het nog niet van eenzelfde schaal of gewicht.

Kiest u voor een ander discours om op die manier ook een andere realiteit te creëren?

Amira Hass: Neen, ik wil dé realiteit beschrijven. Ik ben geen postmodernist die schrijft over de realiteit zoals ik die zie, ik schrijf over dé werkelijkheid, en dat is de realiteit van een Israëlische overheersing van de Palestijnen, van Israëlische kolonisten die de Palestijnse wereld overnemen, er is dus geen realiteit van twee gelijke partijen die elkaar bestrijden.

Daarom is uw journalistiek positie uitdrukkelijk niet neutraal? U bericht niet om de situatie te beschrijven, maar om de bezetting te bestrijden?

Amira Hass: Dat klopt. En dat is geen probleem voor mij noch voor de krant. Ik blijf natuurlijk omzichtig omspringen met de zoektocht naar feiten, ik steun niet alles wat de Palestijnen doen -integendeel. Maar de vertrekpositie is wel dat ik tegen de bezetting ben. Ik documenteer de dingen die Israël de voorbije vijftig jaar verkeerd gedaan heeft.

Is dat de derde regel: goede journalistiek is geëngageerd en neemt positie in?

‘Wie zich neutraal opstelt, kiest de kant van de macht’

Amira Hass: Ik geloof niet dat journalisten neutraal kunnen zijn. Wie zich neutraal opstelt, kiest de kant van de macht. Ik bedoel: toon me een journalist die over klimaatverandering schrijft en die niét tegen de verspillende consumptie en productie is. Iedereen heeft een standpunt, want je hebt ogen, oren, een brein.

Heeft de uitgesproken gepolariseerde situatie in Israël en de Palestijnse Gebieden een impact op het vinden van feiten, van informatie?

Amira Hass: Het probleem is niet om aan informatie te geraken -die is er in overvloed. We hebben ook een Wet op Openbaarheid van Informatie. De realiteit speelt zich trouwens af voor onze ogen. Het probleem is dat Israëli’s niet willen weten wat de realiteit is. Dat weten we op basis van welke artikels het meest gelezen worden online. Toch is het de moeite, want de buitenwereld kan de Engelse versie lezen en intern wordt de berichtgeving gevolgd door de elite die beslissingen neemt.

Het conflict in Israël en Palestina stond decennialang centraal in de westerse berichtgeving. Vandaag is die rol blijkbaar overgenomen door gewelddadigere conflicten elders in het Midden-Oosten. Geeft dat extra mogelijkheden aan Israëlische media om zorgvuldiger om te gaan met berichtgeving?

‘Er leeft een soort zelfgenoegzaamheid onder Israëli’s, want de Palestijnen in Israël hebben het toch beter dan in omliggende landen?’

Amira Hass: De meeste media houden er zich niet mee bezig, onder andere omdat er een soort zelfgenoegzaamheid is onder Israëli’s, want de Palestijnen in Israël hebben het toch beter dan in omliggende landen? En als het geweld, van bijvoorbeeld de “geprivatiseerde jihad” van jongeren die aanvallen pleegden met messen, wél het nieuws haalt, dan is het altijd om de verkeerde redenen.

Gaat die desinteresse ook op voor de relatie tussen Israël en Iran, of zorgt angst daar voor meer alertheid?

Amira Hass: Ik denk dat Netanyahu met zijn angstcampagne over Iran minder succes behaald heeft dan hij gehoopt had. Toen hij een paar jaar geleden opriep tot een aanval op Iran, werd hij tegengesproken door het leger, dat de dreiging van Iran veel minder groot vond dan wat Netanyahu suggereerde. En de mening van het leger weegt zwaar in de publieke opinie.

U mag een paar adviezen geven aan westerse media die willen berichten over het conflict tussen Israël en de Palestijnen.

‘Wees niet bevreesd om de realiteit te zien en te beschrijven in termen van kolonisatie en apartheid.’

Amira Hass: Eén: vermijd de term “conflict”, want dat suggereert een symmetrische situatie tussen gelijke partijen, en dat is het niet.

Twee: wees niet bevreesd om de realiteit te zien en te beschrijven in termen van kolonisatie en apartheid.

Drie: laat je niet misleiden door de Oslo-akkoorden, want het Oslo-proces was vanaf het prille begin géén vredesproces, het was een bewuste strategie van Israël om de vorming van een Palestijnse staat te voorkomen.

Vier: aarzel niet om ook de Palestijnse samenleving of politiek te bekritiseren of de tekorten ervan te beschrijven, ook al leven ze onder bezetting. Die kritiek doet niets af aan de noodzaak en legitimiteit van hun strijd tegen de bezetting.

Ik ben proMO*

Nu je hier toch bent

Om de journalistiek van MO* toekomst te geven, is de steun van elke lezer meer dan ooit nodig. Vind je dat in deze tijden van populisme en nepnieuws een medium als MO* absoluut nodig is om de waarheid boven te spitten? Word proMO*.

Wil je bijdragen tot de mondiale (onderzoeks)journalistiek in het Nederlandstalig taalgebied? Dat kan, als proMO*.

Wil je er mee voor zorgen dat de journalistiek van MO* mogelijk blijft en, ondanks de besparingspolitiek, verder uitgebouwd wordt? Dat doe je, als proMO*.

Je bent proMO* voor € 4/maand of € 50/jaar.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur

  • Hoofdredacteur

    Gie Goris is hoofdredacteur MO* en MO.be. Hij publiceerde de voorbije jaren vooral rond de regio Afghanistan, Pakistan en India