Dossier: 
Bulgaarse politicoloog over blijvende leegloop Centraal-Europa

Ivan Krastev: ‘Populisten wakkeren de angst om vervangen te worden aan’

© Dieter Telemans

Ivan Krastev: ‘De meeste Centraal- Europese landen vrezen eerder het verlies van de eigen bevolking dan de komst van een nieuwe bevolking.’

Waarom is er zo’n sterke anti-immigratieretoriek op plaatsen die bijna geen immigranten hebben? ‘De meeste Centraal-Europese landen vrezen eerder het verlies van de eigen bevolking dan de komst van een nieuwe bevolking’, stelt de Bulgaarse politicoloog Ivan Krastev.

Wie is Ivan Krastev?
Ivan Krastev is een Bulgaars politicoloog, vaste medewerker van het Instituut voor Menswetenschappen in Wenen én voorzitter van het Centrum voor Liberale Strategie in de Bulgaarse hoofdstad Sofia. Hij schrijft ook columns voor de New York Times.
Centraal-Europa heeft de snelst krimpende bevolking ter wereld. Die vergrijst, krijgt weinig kinderen en emigreert, en daardoor is er in grote delen van de regio een ware ontvolking bezig. En bovenop die reële emigratie kwam een immigratie van nieuwkomers, al is de omvang van die laatste grotendeels ingebeeld.

Autoritaire populisten buigen de legitieme bezorgdheid over ontvolking om in een angst voor omvolking, ofwel: vervanging van de oorspronkelijke bevolking door immigranten. Zo willen leiders als de Hongaarse premier Viktor Orbán en Jarosław Kaczynski, de voorzitter van de Poolse regeringspartij PiS, wraak nemen op West-Europa. Wraak voor de vernederende ‘plicht’ die West-Europa hen oplegde om het westerse politieke systeem na te bootsen.

Dat is de stelling van de Bulgaarse politicoloog Ivan Krastev. Samen met zijn Amerikaanse collega Stephen Holmes legt Krastev in het nieuwe boek Falend Licht: Hoe het Westen de Koude Oorlog won maar de vrede verloor uit waar de angst voor vervanging in Centraal-Europa vandaan komt. En wat er volgens hen achter de opmars van autoritaire populisten in die regio schuilt.

Waarom is er zo’n sterke anti-immigratieretoriek op plaatsen die bijna geen immigranten hebben?, vraag Krastev zich af. Regeringen en samenlevingen in Centraal-Europa stonden vijandig tegenover vluchtelingen die er niet waren.

Het antwoord op die vraag begint Krastev bij wat hij het ‘dertig jaar durende imitatietijdperk’ noemt. Dat begon in 1989, met de val van het communisme. West-Europa verwachtte toen dat Centraal-Europa de liberale democratie zou nabootsen, inclusief de multiculturele samenleving. Die nabootsing werd niet in vraag gesteld. Krastev verwijst naar de anticommunistische politieke leiders en activisten in Centraal-Europa, die het hadden over ‘een normaal leven in een normaal land’. ‘Wat ze met “normaal” bedoelden, was het Westen.

Elke dag sinds 1989 verloor Bulgarije 164 mensen, meer dan 1000 per week, meer dan 50.000 per jaar.

De poging om voormalig communistische landen te democratiseren richtte zich op een soort culturele bekering tot de waarden, gewoonten en opvattingen die in het Westen als normaal worden beschouwd. Met deze politieke en morele shocktherapie werd de eigen identiteit op het spel gezet.

Zo kwamen de Polen er bijvoorbeeld achter dat westerse normaliteit ook secularisme, multiculturalisme en het homohuwelijk met zich meebrengt. Moeten we dan verbaasd zijn dat sommige Polen zich bedrogen voelen? Dat gebruiken de leiders.’

Exodus uit Centraal-Europa

En dan komt het: gecombineerd met een massale emigratie en bevolkingsafname leidde die “culturele onderwerping” ook tot een angst voor culturele vernietiging en een demografische paniek.

De cijfers over emigratie spreken boekdelen. De voormalige DDR verloor bijvoorbeeld 14 procent van zijn inwoners aan het westen van Duitsland alleen. In Bulgarije voltrok zich de procentueel grootste bevolkingsafname in de moderne tijd die niet is toe te schrijven aan oorlog of hongersnood. Tussen 1989 en 2017 verloor Krastevs vaderland Bulgarije 21 procent van zijn bevolking. Elke dag verloor het land 164 mensen, meer dan 1000 per week, meer dan 50.000 per jaar. Vergeleken met 1990 heeft Centraal-Europa nu 18 miljoen mensen minder.

Krastev vindt dat we veel te weinig praten over deze tot de verbeelding sprekende exodus. Want volgens hem liggen mensen dáár pas echt van wakker. ‘Met de European Council on Foreign Relations maakten we een studie naar aanleiding van de Europese parlementsverkiezingen. Wat bleek? De meeste Centraal-Europese landen vrezen eerder het verlies van de eigen bevolking dan de komst van een nieuwe bevolking.’

Autoritaire populisten spelen hier gretig op in. ‘Ze gebruiken de emigratie als bewijs voor de onzinnige redenering dat immigranten een bedreiging vormen voor het voortbestaan van de eigen natie. Deze paniek over een niet-bestaande invasie van migranten kan een vervormde weerklank zijn van een onderliggende en veel reëlere angst: dat grote delen van de eigen bevolking het land zullen verlaten.’

‘De anti-immigrantenretoriek heeft veel weg van een wanhopige poging om een muur van loyaliteit te bouwen tegen de leegloop.’

Het is slechts een veronderstelling, erkent Krastev, maar hij maakt het aannemelijk: ‘De Verenigde Naties schatten dat de gezamenlijke bevolking van Hongarije, Polen, Tsjechië en Slovakije zal afnemen van 64 miljoen vandaag tot 55 miljoen in 2050. Dat is een daling met 13 procent.’

‘In die periode is er geen regio op de wereld waar de bevolkingsafname groter zal zijn. Orbán voert een geboortebevorderend beleid, en ook dat doet sterk vermoeden dat de illiberale ommezwaai in Centraal-Europa zijn oorzaak vindt in de uitstroom van vooral jonge mensen.’

De 20ste eeuw was de eeuw van de omvolking, van doelbewuste gedwongen verplaatsingen van miljoenen Europeanen. Maar de 21ste eeuw is dat voorlopig niet, tot nu toe is er hoogstens sprake van ontvolking. Toch hoor je leiders nog steeds spreken over omvolking.

De emigratie gebeurt tegenwoordig toch vrijwillig, spontaan en individueel?

Ivan Krastev: Ja, maar dát de vrijwillige verhuizing zo massaal is, heeft wel te maken met gedwongen verplaatsingen van mensen in Centraal-Europa in het verleden. Communistische regimes verplaatsten mensen van platteland naar stad en legden later de bewegingsvrijheid aan banden. Ze voerden de verhuizing naar de stad of van de ene stad naar de andere in als een voorrecht, dat je moest verdienen. Als verhuizen dan plots zo makkelijk wordt – een eerste keer in 1989, een tweede keer bij de toetreding tot de Europese Unie – dan speelt het verleden van dwang nog een rol. Daarom is de uittocht zo massaal.

Dat creëert dan weer een bezorgdheid over verdwijning. Als het Westen eist om nieuwkomers op te nemen, wordt dat een angst voor vervanging. Die wordt natuurlijk aangewakkerd door de populisten. Zij zagen de vluchtelingencrisis van 2015 als een ideaal moment om zich onafhankelijk te verklaren van Brussel én van het westerse liberalisme. Het monster van Frankenstein nam wraak op zijn maker, voor de vernederende verplichting tot imitatie.

© Dieter Telemans

Ivan Krastev: ‘Als je in een Bulgaars dorp woont, kan je je geen beeld vormen van de school van je kleinkind in Brussel. Kan je je die vervreemding voorstellen?’

Schizofreen

Volgens Krastev is er iets schizofreen en inconsequent aan deze wraak: ‘In de dagen van de Koude Oorlog boden de Oost-Europeanen weerstand aan de eis uit Moskou om het Sovjetmodel te kopiëren. Ze beweerden dat hun traditie fundamenteel liberaal en Europees was. Tegenwoordig gebruiken ze “hun traditie” om hun verzet te rechtvaardigen tegen de ongewenste inlijving bij het liberale Westen. Deze onthutsende, radicale ommezwaai maakt duidelijk dat er niet zoiets bestaat als “hun traditie”.’

De ontvolking is bovendien deels de schuld van de politici die beweren tegen de ontvolking te strijden.

Ivan Krastev: Daar ben ik het mee eens. Als je met je beleid de kansen op een rijk en creatief leven in eigen land grotendeels om zeep helpt, hoe overtuig je jonge Hongaren er dan van dat ze in het Westen geen beter vaderland zullen vinden? Door een apocalyptisch beeld van het Westen te scheppen. Om mensen ervan te overtuigen dat het Westen niet nagebootst moet worden, maar dat het Oosten de standaard wordt.

De opkomst van de anti-immigrantenretoriek heeft veel weg van een wanhopige poging om een muur van loyaliteit te bouwen, die de leegloop een halt kan toeroepen. De populisten in Warschau en Boedapest lijken de vluchtelingencrisis in het Westen te hebben omgetoverd tot een verkoopsargument voor het Oosten. Je gedragen als schurk terwijl je je voordoet als slachtoffer, dat is de schertsvertoning die nationalistische populisten kenmerkt.

Is de collectieve angst voor omvolking echt? Of wordt die gecreëerd door de populisten?

Ivan Krastev: Je kan dat niet zomaar uitvinden. Mijn moeder is lerares Bulgaarse literatuur. Is het belangrijk voor haar om te geloven dat er binnen een eeuw nog lessen Bulgaarse literatuur zullen zijn? Jazeker. Zijn Bulgaarse schrijvers bezorgd dat er binnen zoveel jaar nog genoeg mensen zullen zijn om de Bulgaarse taal te lezen en te schrijven? Jazeker. Maar je kan de angst wel versterken, politiek uitspelen en zondebokken aanwijzen.

Hoe kan je zo zeker weten dat die angst ook de belangrijkste drijfveer is voor populisme en anti-liberalisme?

Ivan Krastev: Er zijn aanwijzingen. De sterkste is het feit dat niet het onderwijsniveau, de werkloosheid of levensstandaard bepaalden wie op extreemrechts stemde tijdens de Europese Parlementsverkiezingen, maar de woonplaats. Met name de regio’s waaruit de voorbije tien jaar de meeste mensen wegtrokken. De Duitse anti-immigratiepartij AfD geniet vooral steun in Oost-Duitsland, waar weinig immigranten naartoe komen maar waar er wél veel emigratie was na 1989.

Emigratie en vergrijzing

Een laag geboortecijfer en de massale emigratie van jongeren zorgen ervoor dat de oudere generaties en hun bezorgdheden oververtegenwoordigd zijn in het politieke systeem.

‘Plaats jezelf eens in de schoenen van die oudere generatie’, zegt Krastev. ‘Zij waren zo opgewonden over de opening van de grenzen in 1989. Maar kort daarna begon diezelfde bewegingsvrijheid hen bang te maken, omdat ze al hun kinderen en de mensen uit hun omgeving zagen vertrekken. Vaak hebben ze nu zelfs geen gemeenschappelijke taal meer met hun kleinkinderen. Als je in een Bulgaars dorp woont, kan je je geen beeld vormen van de school van je kleinkind in Brussel. Kan je je het gevoel van vervreemding voorstellen?’

Krastev vertelt graag het verhaal van een oud vrouwtje in een buurt met veel immigranten in de Italiaanse hoofdstad Rome. Ze had al vijf jaar haar appartement niet meer verlaten. Daarom kreeg ze bezoek van de toenmalige minister van Binnenlandse Zaken. Hij vroeg haar of ze bang was. ‘Neen, niemand beledigt mij. Maar ik heb geen reden om buiten te komen, omdat het mijn buurt niet meer is’, antwoordde ze.

‘Je moet ook empathie tonen voor mensen die op dezelfde plaats zijn gebleven maar van wie de woonplaats is veranderd.’

Spreken we teveel over immigranten en te weinig over mensen als dit oude vrouwtje? ‘Als we spreken over migratie en diversiteit,’ antwoordt Krastev, ‘spreken we vaak over de ontworteling van vluchtelingen die hun leven moesten achterlaten. De paradox is dat hun leven soms minder verandert dan we zouden denken, omdat ze terechtkomen in de diaspora, in een omgeving waar al veel landgenoten wonen. Die Italiaanse vrouw ervaart ook vervreemding. Zij heeft nooit bewogen, maar haar buurt wel. Zij haat niet, zij is ongerust.’

‘Als je veel reist, heb je de indruk dat iedereen zo mobiel is. Maar wist je dat veertig procent van de Franse bevolking niet verder dan veertig kilometer van huis geboren wordt, leeft, werkt en overlijdt? Als je empathie toont voor vluchtelingen die duizenden kilometers onderweg zijn, moet je dat ook doen voor mensen die op dezelfde plaats zijn gebleven maar van wie de woonplaats is veranderd.’

Door de demografische crisis in Centraal-Europa is er hoe dan ook nood aan een vorm van bevolkingspolitiek: regeringen moeten wel nieuwkomers aantrekken, omdat er nood is aan arbeidskrachten. En ze moeten proberen de eigen bevolking zoveel mogelijk te behouden.

Een positief voorbeeld daarvan, vindt Krastev, is de Poolse gezinspolitiek: gezinnen met jonge kinderen krijgen er elke maand 118 euro van de regering. ‘Daarmee toont de Poolse regering dat ze geeft om die mensen.’

Krastev is een man van het midden. Hij houdt niet van mensen die beweren dat diversiteit alleen maar rozengeur en maneschijn is. En hij houdt niet van autoritaire populisten die ‘zogezegd vertegenwoordigen wat de meerderheid wil, namelijk geen immigratie, waarna ze toch iets anders doen. Raad eens welke EU-lidstaat er het hoogste aantal arbeidsmigranten bij kreeg? Polen.’

‘Toegegeven, het zijn vaak Oekraïners en die zijn cultureel niet zo erg verschillend van de Polen. Maar de zogenaamde anti-immigratiepartij PiS haalt evengoed tienduizenden Sri Lankanen en zelfs Pakistaanse moslims naar Polen. Datzelfde PiS opende vreemd genoeg de Poolse arbeidsmarkt voor immigratie, op hetzelfde moment dat ze beweerden dat ze zelfs geen duizend Syriërs zouden aanvaarden via het Europese spreidingsplan voor vluchtelingen.’

© Dieter Telemans

Ivan Krastev: ‘De meeste Centraal- Europese landen vrezen eerder het verlies van de eigen bevolking dan de komst van een nieuwe bevolking.’

Blijf op de hoogte

Schrijf je in op onze nieuwsbrieven en blijf op de hoogte van het mondiale nieuws
Duik in de geschiedenis

Aan het begin van de twintigste eeuw was Centraal-Europa, het Oostenrijks-Hongaarse rijk, divers. West-Europa was homogeen. Maar na een eeuw met twee wereldoorlogen, revoluties en gedwongen verdrijvingen van mensen zijn de rollen omgedraaid. ‘In 1939 was een derde van de bevolking van Polen niet etnisch Pools. Er waren veel Duitsers, Joden, Oekraïners. Nu is Polen het meest etnisch homogene land van de EU. 95 procent is etnisch Pools’, zegt Krastev.

Waarom keerden die landen dan niet terug naar hun vroegere, eigen, multiculturele identiteiten van vóór de gedwongen verdrijvingen? De nabootsing van het Westen hadden ze dan kunnen doen samenvallen met het herstel van de eigen identiteit.

Ivan Krastev: Dat kan je niet zeker weten. Culturele diversiteit werd in de jaren 1930 al gezien als een bedreiging. Tijdens het interbellum en de Tweede Wereldoorlog beschuldigden vele Polen de Duitse minderheid in Polen ervan dat ze de kant van Duitsland kozen, tegen Polen.

Dat resulteerde in de verdrijving van mensen die daar al generaties woonden en in de opkomst van nieuwe politieke partijen en regimes. Die bouwden nationale legitimiteit met een retoriek van “We zijn klein en om te overleven moeten we ons verdedigen tegen bedreigingen van binnenuit.” Dat creëerde het soort provincialisme dat tot vandaag typisch is voor onze regio.

En nog iets: voor al die jonge natiestaten was multiculturalisme een eigenschap van de keizerlijke periode. Terugkeren naar de nationale identiteit, naar etnische homogeniteit, tegen de minderheden, was verbonden met nationale bevrijding. Na de val van het communisme herhaalde dat proces zich opnieuw. 1989 heeft een totaal andere betekenis in Centraal-Europa dan in het Westen. In West-Europa gaat het over de autonomie van het individu, in Centraal-Europa over nationale zelfbeschikking.

Met dank aan Full Circle.

 

Falend licht: hoe het Westen de Koude Oorlog won maar de vrede verloor van Ivan Krastev en Stephen Holmes is uitgegeven door Atlas Contact. 288 blz. ISBN 9789045038957 (op 17 juni 2020 verschijnt Morgen komt geen dag te laat: hoe de pandemie Europa verandert, een nieuw essay van Ivan Krastev)

Dit artikel werd geschreven voor het zomernummer van MO*magazine. Voor slechts 32 euro kan je hier een jaarabonnement nemen! Je kan ook proMO* worden voor slechts 4 euro per maand. Je krijgt dan ook ons magazine toegestuurd en je steunt daarmee ons journalistiek project. Opgelet: Knack-abonnees ontvangen MO* automatisch bij hun pakket.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift. 2630   proMO*’s steunen ons vandaag al.

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur