Greenpeace geeft grove fout toe

Rainbow Warrior wordt gesloopt op sloopstrand in Bangladesh

De voorbije weken publiceerde MO* een reeks artikels over scheepssloop. Daarin werd duidelijk dat sloopstranden in India, Bangladesh en Pakistan een bijzonder slechte reputatie hebben vanwege de levensgevaarlijke arbeidsomstandigheden en de onvermijdelijke milieuvervuiling bij sloop in een getijdenzone. We toonden ook aan dat de Vlaamse OVAM en politici van met name Open VLD opmerkelijke stappen gezet hadden in het verleden om “verbeterde sloopstranden” een kans te geven binnen de nieuwe scheepsrecyclage-aanpak van de Europese Unie – vooralsnog zonder succes.

OVAM reageerde dat de positie van de organisatie altijd geweest is dat ‘beaching oftewel de sloop van een schip zonder bescherming voor het milieu en de werknemers niet kan’ en dat de organisatie ‘nooit heeft gepleit om de “beaching ondernemingen” met de gekende wantoestanden toe te laten op de Europese lijst’. Volgens OVAM waren de tussenkomsten van Gudrun Janssens er op gericht ‘enkel locaties toe te laten op de EU-lijst die voldoen aan de criteria zoals voorzien in de Europese Ship Recycling Regulation. Pas wanneer de sloopondernemingen in Azië (of elders) de nodige aanpassingen doen en dus voldoen aan alle criteria inzake milieu- en arbeidsbescherming kunnen ze toegelaten worden tot de Europese lijst.’ De VN-Speciaal Rapporteur over toxisch afval gaat er alvast van uit dat OVAM minstens zichzelf een rad voor de ogen draait, want dat schone scheepssloop op stranden per definitie een contradictio in terminis is. linUitgerekend op de dag dat wij het eerste artikel uit ons dossier publiceerden, 15 november, plaatste Greenpeace International een opmerkelijke mededeling op zijn website. ‘Wij hebben een vergissing gemaakt en we hebben geprobeerd die te corrigeren’, opent de mededeling.

De fout van Greenpeace

De vergissing blijkt geen kleine rekenfout of een overhaaste sociale mediacampagne, maar: ‘Wij hebben toegestaan dat de Rongdhonu – voorheen de Rainbow Warrior II – ontmanteld zal worden op een sloopstrand in Bangladesh.’ En, vervolgt Greenpeace, die scheepssloop zal gebeuren ‘op een manier die niet in overeenstemming is met de standaarden die we voor onszelf hanteren en waarvoor we samen met bondgenoten campagne gevoerd hebben, opdat ze over de hele wereld toegepast zouden worden.’

Greenpeace was, samen met de ngo Shipbreaking Platform, een van de eerste organisaties om te ageren tegen strandsloop. Hoe is het dan mogelijk dat zijn eigen iconische Rainbow Warrior II (*) toch op zo’n strandwerf terechtkomt?

De regenboog bont en blauw

Dat verhaal begint eigenlijk in 2011, toen Greenpeace vaststelde dat de Rainbow Warrior II niet langer zeewaardig was. Het schip werd toen geschonken aan Friendship, een medische ngo uit Bangladesh. Die herdoopte de schuit tot Rongdhonu – regenboog in het Bengaals – en zette hem in voor mobiele medische zorgen, met name voor de kwetsbare bevolking die de impact van de klimaatverandering aan de kusten van de Baai van Bengalen aan de lijven ondervindt. Er zouden over dik vijf jaren zo’n 160.000 patiënten mee bereikt zijn, met onder andere zo’n 5400 oogoperaties die aan boord hebben plaatsgevonden.

De Rongdhonu bereikte zo’n 160.000 patiënten en zo’n 5400 operaties vonden plaats aan boord

Begin dit jaar bleek de 61-jarige Rongdhonu ook daarvoor niet langer geschikt. In de overeenkomst die Greenpeace afsloot met Friendship, stond een clausule die Greenpeace International vetorecht gaf over voorstellen voor de sloop van het schip, als het uit de vaart genomen zou worden. Toen Friendship voorstelde om het schip te laten slopen op de PHP-werf in Chittagong, Bangladesh, had GPI dus neen kunnen zeggen. Maar dat gebeurde niet.

De operationele dienst van Greenpeace International was er namelijk van overtuigd dat de Rongdhonu geen grote reis meer kon maken naar een sloopwerf die wél aan de eigen normen en vereisten zou voldoen. Dat was de vergissing, geeft de organisatie nu toe. Greenpeace Noorwegen is een beetje scherper dan de internationale koepel, en stelt dat de beslissing om het schip naar een strandsloopwerf te sturen ‘het resultaat was van een kardinale interne fout’, wat volgens de Noorse afdeling het gevolg was van het feit dat de beslissing genomen werd zonder de eigen expertise of de relevante partners, zoals Shipbreaking Platform of Basel Action Network, te raadplegen.

Greenpeace International belooft een intern onderzoek, en voegt er in zijn mededeling voor de duidelijkheid aan toe dat ‘Greenpeace niet gelooft dat strandsloop groen’ kan zijn. Die verduidelijking is niet overbodig, aangezien enkele spelers uit de sloopindustrie onmiddellijk gebruik probeerden te maken van het verhaal om het te doen uitschijnen dat Greenpeace nu ook vindt dat scheepssloop op verbeterde stranden een goede en duurzame optie zou zijn. GMS, bijvoorbeeld, feliciteerde ‘zowel Greenpeace als Friendship om hun deelname in de groene transformatie in de scheepsrecyclage-industrie in Bangladesh’.

Vrede, geluk en welvaart

De dreigende strandsloop van de Rongdhonu/Rainbow Warrior II kan op die manier niet enkel voor milieuschade, maar ook voor reputatieschade zorgen. Redenen genoeg voor Greenpace International om te proberen het schip terug te kopen van de PHP-werf, maar dat lukt blijkbaar niets. Greenpeace International wil wegens een confidentialiteitsbeding in de gesprekken niet zeggen hoeveel de eigenaar van PHP vroeg voor het afgedankte schip – dat in staalwaarde zo’n 176.000 euro waard zou zijn –, maar Greenpeace Nederland noemt in een mededeling op zijn website het bedrag van 10 miljoen dollar. Het is in elk geval duidelijk dat de kloof tussen reële waarde en vraagprijs véél te groot is.

De dreigende strandsloop van de Rongdhonu/Rainbow Warrior II kan niet enkel voor milieuschade, maar ook voor reputatieschade zorgen

Geen klein detail: PHP – voluit Peace Happiness Prosperity – is in Chittagong de enige sloopwerf die een certificaat kan voorleggen dat de werf opereert conform de regels die omschreven zijn in de Hongkong Conventie voor scheepsrecyclage. Het is niet onwaarschijnlijk dat net dat Statement of Compliance op de operationele dienst van Greenpeace voor verwarring gezorgd heeft.

In elk geval was het voor Friendship de aanleiding om PHP als sloopwerf voor te stellen, zegt directeur Runa Khan in een reactie op onze vragen: ‘PHP is de meest milieuvriendelijke sloopwerf in Bangladesh en heeft meer bepaald alle nodige certificaten om te voldoen aan de Hongkong Conventie.’ Voor niet-ingewijden is het belangrijk om te verduidelijken dat die Hongkong Conventie lage normen hanteert en niet eens in voege is, ook al werd ze al in 2009 afgesloten. De reden daarvoor is dat er nog veel te weinig landen zijn die haar geratificeerd hebben.

Bovendien worden de certificaten die moeten bewijzen dat een werf voldoet aan de eisen van de HKC uitgereikt door privébedrijven, die daarop geen controle krijgen zolang de conventie in van kracht wordt. Over die certificeringsbedrijven zegt Baskut Tuncak, VN-Speciaal Rapporteur over schadelijke stoffen en giftig afval: ‘Ik heb de bestuursstructuur van een van de certificeringsbedrijven – ClassNK – grondig bestudeerd. Daaruit blijkt dat dergelijke privébedrijven helemaal niet onafhankelijk opereren en eerder gezien moeten worden als verlengstukken van de scheepsvaartindustrie. De vraag is dan ook wat het gezag is van de certificaten die ze afleveren of van zo een bedrijf zelf.’ Het certificaat voor PHP werd uitgereikt door het Italiaanse certificatiebedrijf Rina.

Ontbrekend sloopbeleid

Wat de mededeling van Greenpeace niet duidelijk maakt, is hoe het mogelijk is dat zo een “vergissing” kon gebeuren binnen een internationaal opererende milieubeweging. Mike Townsley, directeur communicatie van Greenpeace International, is kort en duidelijk, als we hem de vraag stellen: ‘Omdat we geen duidelijk sloopbeleid hadden.’

‘We hebben er blijkbaar op gerekend dat de collectieve herinnering aan de scheepssloopcampagnes van tien jaar geleden zou volstaan om altijd te kiezen voor schone en verantwoorde afbraak van schepen. Dat is dus duidelijk niet voldoende.’

Dat is op zich weer moeilijk uit te leggen voor een organisatie die al vijftig jaar een kleine vloot inzet om zijn acties – tegen atoomproeven, palmolie of andere kwalijke zaken – op volle zee te kunnen voeren. ‘Klopt’, reageert Townsley. ‘Het is een institutionele fout. We hebben er blijkbaar op gerekend dat de collectieve herinnering aan de scheepssloopcampagnes van tien jaar geleden zou volstaan om altijd te kiezen voor schone en verantwoorde afbraak van schepen. Dat is dus duidelijk niet voldoende.’

En dus werkt Greenpeace International momenteel aan een formeel sloopbeleid voor zijn eigen schepen. De organisatie doet dat in overleg met Shipbreaking Platform. Die laatste organisatie heeft het lidmaatschap van GPI opgeschort, gezien de duidelijke schending van het antistrandsloop beleid van het platform, en zal op zijn volgende Algemene Vergadering wellicht voorstellen om Greenpeace International niet langer lid te laten zijn van het platform.

De vrees bestaat namelijk dat de Rainbow Warrior vergissing de duidelijke positie van het Schipbreaking Platform zou kunnen doorkruisen. Townsley kan nog niet zeggen wanneer dat beleid afgerond en toepasbaar zal zijn, maar hij denkt dat het ‘in de loop van de komende maanden’ moet lukken. ‘In elk geval moét dat beleid operationeel zijn voordat een volgend schip uit de vaart genomen wordt.’

Greenpeace wil het afval wel

 Aangezien het voorlopig althans onmogelijk blijkt om het schip terug te kopen en een eindbestemming te geven die overeenkomt met de eigen principes, probeert Greenpeace toch tot een overeenkomst te komen met PHP over alles wat schadelijk afval is aan het schip.  Greenpeace wil dat afval uitvoeren naar een land waar wel geschikte infrastructuur is om dat afval te bergen of te verwerken. De volkomen afwezigheid van die noodzakelijke infrastructuur in Chittagong, zowel op de stranden zelf als in de rest van de industriële keten, is een van de belangrijke punten van kritiek vanuit ngo’s als Shipbreaking Platform en Basel Action Network op strandsloop. Op dit moment is het nog niet zeker of de PHP-sloopwerf op de voorstellen van Greenpeace wil ingaan.

‘Greenpeace moet nu bewijzen dat het menens is en zijn engagement ten aanzien van onze off the beach campagne ten volle en publiek blijven ondersteunen’

Martin Besieux, die meer dan dertig jaar werkte bij Greenpeace maar nu als gepensioneerde actief is in de raad van bestuur van Shipbreaking Platform, reageert tegelijk teleurgesteld en ferm op het hele verhaal: ‘Greenpeace moet nu bewijzen dat het menens is en zijn engagement ten aanzien van onze off the beach campagne ten volle en publiek blijven ondersteunen. De scheepvaartindustrie kan niet langer ontsnappen aan de meest logische en van kracht zijnde sloopregels die gelden voor zowat alle andere industriële sectoren.’

(*) De originele Rainbow Warrior werd in 1985 door de Franse geheime diensten door een aanslag tot zinken gebracht omwille van de acties tegen de Franse atoomproeven in Polynesië.

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

Over de auteur