Worden we nog geraakt door het lijden van de Congolezen?

De Congolese droom… of is het een nachtmerrie?

© Memisa

 

Pas binnengekomen bericht uit het dorpje Motuba in de zone de santé van Bokonzi, in het noordwesten van DR Congo: de voorbije weken zijn 31 kindjes uit dit dorpje overleden na onoordeelkundige “bloedtransfusies” toegediend door een plaatselijke charlatan. De man geeft zich uit voor dokter, heeft echter geen diploma, laat staan enige medische scholing. Het dorpshoofd informeerde de gezondheidsdiensten. Verder onderzoek is lopende.

Een fait divers? Alvast niet voor al die goed menende moeders die met hun zwaar ziek kindje op zoek gingen naar medische hulp. Zij troffen de kwakzalver aan op weg naar het ziekenhuis. Dat ligt op 15 km van het dorp, niet eens zo ver in Congolese normen, al moet deze afstand wel te voet worden afgelegd.

Ook wij zijn diep geschokt.

De Belgische ngo Memisa ondersteunt sinds vele jaren gezondheidscentra en ziekenhuizen in DR Congo, ook in de streek van Bokonzi, onder andere via het initiatief ‘Ziekenhuis voor Ziekenhuis’. Op die manier ondersteunt de organisatie de uitbouw van basisgezondheidszorg in deze afgelegen uithoek in het Evenaarswoud waar plaatselijke gezondheidswerkers zich vaak uit de naad werken om de strijd aan te gaan tegen de hoge kinder- en moedersterfte.

Maar er blijven onnoemelijke noden: niet voor alle zieken blijkt de gezondheidszorg toegankelijk, in een land waar de publieke gezondheidssector dramatisch ondergefinancierd is. Bovendien wordt het gezondheidssysteem nauwelijks onderworpen aan enige vorm van doeltreffende regulering, bij gebrek aan middelen en aangepaste beleidskaders. Een welig tierende private sector, met gezondheidswerkers van allerlei pluimage, maakt daar natuurlijk handig gebruik van. Ook malafide kwakzalvers, die uit zijn op financieel gewin, profiteren van dit vacuüm door ongecontroleerde (en dus potentieel gevaarlijke) praktijken uit te voeren, in dit geval ten koste van kinderlevens. Dit is onaanvaardbaar.

Ondanks de onmiskenbare goodwill en inzet van heel wat mensen in de Congolese gezondheidssector, schiet de Congolese overheid hier schromelijk tekort.

Memisa heeft via haar lokale partners de gezondheidsautoriteiten gealarmeerd. Dit tragische gebeuren benadrukt het noodzakelijk engagement van de Congolese overheid om te voorzien in een goede en bereikbare gezondheidszorg voor zijn verarmde, slecht geïnformeerde en vaak radeloze burgers op zoek naar zorg. Internationale medische hulporganisaties proberen enigszins de grote leemtes op te vullen door lokale mensen te ondersteunen en het gezondheidssysteem structureel bij te staan. Lovenswaardig werk dat zeker verdergezet moet worden, maar waarvoor zij de eindverantwoordelijkheid niet kunnen en niet mogen opnemen. Dat is en blijft immers een zaak van DR Congo en de Congolezen.

Ondanks de onmiskenbare goodwill en inzet van heel wat mensen in de Congolese gezondheidssector, die vaak genoopt zijn om in erg precaire omstandigheden hun taken te vervullen, schiet de Congolese overheid hier schromelijk tekort.

Anderzijds gaat ook de internationale gemeenschap niet vrijuit: welke prioriteit geeft men vandaag nog aan de onmetelijke miserie in DR Congo? Worden we nog geraakt door het lijden van de Congolezen? Do we care? Is er iets meer ontmenselijkend dan te doen alsof deze mensen niet bestaan, en ze eenvoudigweg ‘te vergeten’? Wat met onze solidariteit? Doen wij voldoende in het rijke Noorden – dat zich in ijltempo vooral op zichzelf aan het richten is — aan de globale structurele oorzaken van onderontwikkeling, verarming en uitsluiting?

Een Congolese staat die soeverein de opbrengsten van zijn rijkdommen wil, kan en mag aanwenden voor infrastructuur, onderwijs en gezondheidszorg voor zijn burgers: zou dat niet de Congolese droom zijn?

Het drama van Motuba is dus niet enkel de jammerlijke uiting van diepe systeemfouten in de Congolese samenleving in het algemeen, en in de Congolese gezondheidszorg in het bijzonder. Het is een problematiek met globale vertakkingen. Daarom is actie nodig op alle niveaus, van lokaal tot internationaal. Pas dan kan een zoveelste “Motuba” voorkomen worden. Pas dan zullen in de dorpen van het binnenland de Congolese moeders toegankelijke en kwaliteitsvolle zorg hebben voor hun zieke kinderen…

Guy Coppens, Ziekenhuis Oost Limburg, vrijwilliger ‘Ziekenhuis voor Ziekenhuis’-netwerk.

Bart Criel, Raad van Bestuur van Memisa

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift