Wat gebeurt er met uw ontwikkelingsgeld?

Het is geen geheim, niet elke cent van de miljoenenstroom aan ontwikkelingshulp komt terecht waar hij zou moeten terechtkomen. Dat geldt ook voor Latijns-Amerika, waar transparantie en controle op de uitgaven sinds een paar jaar hoog op de agenda staan. De aanpak verschilt van land tot land en is niet altijd even succesvol, zo blijkt uit voorbeelden uit Nicaragua, Bolivia en Guatemala.
Nicaragua, een van de armste landen van het continent, koos voor een gecentraliseerde en overheidsgestuurde aanpak. De buitenlandse hulp die voorheen rechtstreeks bij diverse overheidsinstellingen terechtkwam, gaat sinds 2002 eerst voorbij een Eenheidskas van de Staat. Die verdeelt de middelen verder aan betrokken instellingen, die allemaal zijn aangesloten op een geïntegreerd computersysteem voor begrotingscontrole en accountantsonderzoek.

Het systeem kwam tot stand na flagrante gevallen van verduistering onder het bewind van voormalig president Arnoldo Aléman (1997-2001), die tot 20 jaar cel werd veroordeeld. Volgens Teófilo Jiménez van de lokale afdeling van corruptiewaakhond Transparency International is ook nu nog niet alles helemaal in de haak. “De indruk leeft sterk dat een groot deel van het geld word verkwist of gebruikt om de lonen van bedienden en raadgevers van hoge ambtenaren te betalen”, zegt Jiménez. In 2005 ging bijna 10 miljoen euro van het geld voor armoedebestrijding naar contracten met een zestigtal binnenlandse en buitenlandse experts.

Bolivia koos voor een meer participatieve aanpak van de corruptie en werkt daarbij samen met burgerorganisaties. In 2002 zag een Nationaal Mechanisme voor Sociale Controle het daglicht na een debat in het parlement en met steun van de katholieke kerk. De organisatie bestaat uit vertegenwoordigers van ngo’s, vakbonden en beroepsverenigingen en kreeg als opdracht de overheid op de vingers te zien.

Het systeem werkt vooral op het platteland, waar vertegenwoordigers van boerenorganisaties en vakbonden in 314 gemeentebesturen toezien op openbare aankopen en het sociaal beleid. Toch oogstte het controlesysteem ook al succes op het hoogste niveau. In 2002 bracht het aan het licht dat de tweede regering van Gonzalo Sánchez de Lózado (2002-2003) geld van internationale organisaties ter bestrijding van de armoede in de boekhouding had ondergebracht onder “vertrouwelijke uitgaven”.

De situatie in Guatemala is minder transparant omdat de ontwikkelingssamenwerking er grotendeels via ngo’s verloopt en het Rekenhof hun rekeningen enkel kan controleren voor geld dat afkomstig is van de overheid. De ngo’s beheren naar schatting 426 miljoen euro, het equivalent van een derde van de overheidsbegroting, waarvan volgens Conrado Monroy van het Rekenhof een derde naar uitgaven gaat die niets met ontwikkelingssamenwerking te maken hebben. Een voorbeeld zijn enkele Noord-Amerikaanse ngo’s in het arme oosten van Guatemala, die geld hebben ingezameld voor bagger- en onderhoudswerken aan rivieren en wegen die niet bestaan.

Het Spaanse Agentschap voor Internationale Samenwerking werkt met een bankrekening die samen met de locale partner wordt beheerd. Wanneer een project volgens plan verloopt en de voorgelegde rekeningen koppen, wordt telkens een nieuw deel van het geld vrijgegeven. Francisco Sancho van de Spaanse technische coöperatie is van mening dat “de meerderheid van de Guatemalteekse partners en ministeries zich houden aan de plannen”.

Sinds 2002 heeft Guatemala ook een lokale afdeling van Transparency International, Acción Ciudadana (“burgeractie”) genaamd. Die kreeg onder meer gedaan dat de regering van de conservatieve president Óscar Berger in 2004 een eerste schuchtere stap zette in de richting van meer transparantie. Een ander lichtpunt is Guatecompras, een gemeenschappelijk inkoopsysteem voor overheidsinstellingen. In principe kan iedereen gegevens over openbare aankopen opvragen, maar met meer dan 30.000 transacties per jaar ziet ook Acción Ciudadana door de bomen het bos niet meer.

Zuivere ontwikkelingshulp, schuldkwijtschelding en een eerlijke wereldhandel zijn de kernthema’s van de Global Call against Poverty, een wereldwijd actieprogramma dat op 17 oktober de werelddag tegen de armoede wil markeren met een wereldrecord van mensen die “opstaan tegen de armoede”. IPS MDG8 (MC/PD)

Zonder jouw steun bestaat MO* niet.

Wil je dat MO* dit soort verhalen blijft brengen?
Steun ons en word proMO* voor maar €4/maand of doe een vrije gift

Word proMO* of Doe een gift

randomness